Tijdens MSP Show Netherlands staat Heather Johnson, CEO van Gozynta, op het podium met de keynote ‘DEI: The Growth Lever You’re Ignoring’. Daarin laat ze zien hoe diversiteit, equity en inclusie niet alleen een moreel vraagstuk zijn, maar een concrete groeiversneller voor msp’s. ChannelConnect is mediapartner van MSP Show Netherlands.

Als CEO van Gozynta combineert Johnson haar achtergrond in de non-profitwereld met ervaring in SaaS en consulting. Waar ze in eerdere functies maatschappelijke impact zocht, ontdekte ze dat ook het ondersteunen van msp’s daarin een sleutelrol speelt. “Msp’s houden kleine bedrijven draaiende, en daarmee de gemeenschappen waar die bedrijven deel van uitmaken,” zegt Johnson.

Acht jaar geleden richtte ze samen met haar partner Gozynta op, een bedrijf dat software en consultancy levert om msp’s te helpen hun bedrijfsvoering efficiënter te maken. Sinds ruim een jaar leidt Johnson het bedrijf als CEO, gekozen door haar eigen team. “Ik kan me dagelijks richten op het wegnemen van stress bij de mensen die zorgen dat de wereld verbonden blijft.”

Voor wie een carrière in de msp-sector begint, heeft Johnson drie adviezen. Nieuwsgierigheid staat bovenaan: de sector ontwikkelt zich snel en wie blijft leren, groeit mee. Daarnaast draait het niet alleen om technologie, maar juist om vertrouwen en relaties. “Sterke banden met klanten, leveranciers en je team zijn de echte basis voor groei.” Tot slot ziet ze fouten maken als een leerproces: wie blijft terugkomen en verbeteren, legt de basis voor succes.

DEI als strategisch voordeel

Een centraal thema in haar keynote tijdens MSP Show Netherlands is de rol van diversiteit, equity en inclusie (DEI) in de sector. Johnson benadrukt dat DEI geen formaliteit is, maar direct bijdraagt aan innovatie, teamresultaten en bedrijfsresultaten. “Verschillende achtergronden en perspectieven leiden tot creatievere oplossingen en betere beslissingen. Maar die diversiteit werkt alleen in een omgeving waarin iedereen zich welkom voelt.”

Volgens Johnson biedt dit msp’s een concreet concurrentievoordeel. Bedrijven die DEI omarmen trekken talent aan, behouden medewerkers langer en bouwen een reputatie op die vertrouwen wekt bij klanten en partners. Ook speelt het in op de verwachtingen van een nieuwe generatie werknemers en opdrachtgevers, die sociale verantwoordelijkheid steeds zwaarder meewegen.

Tijdens haar sessie ‘DEI: The Growth Lever You’re Ignoring’ gaat Johnson in op de praktische kant van het thema. Ze belooft deelnemers geen abstracte theorie, maar toepasbare handvatten: van wervingsprocessen tot keuzes in leveranciers en van teamcultuur tot klantrelaties. Het uitgangspunt is dat DEI geen extra taak is, maar een hefboom voor groei.

Nieuwe energie in Nederland

Johnson kijkt uit naar de eerste editie van MSP Show in Nederland. In Londen ervaarde ze het evenement al als een plek waar eerlijke gesprekken worden gevoerd over uitdagingen en successen in de branche. “Die openheid neem ik graag mee naar mijn huidige thuisland. Het is bijzonder om dat hier te doen en in contact te komen met de lokale msp-gemeenschap.”

Bron: MSP Show Netherlands

MSP Show & Service Desk Show

  • Datum: dinsdag 16 september 2025
  • Locatie: Jaarbeurs, Utrecht
  • Tijd: vanaf 10:00 uur, afsluitende netwerkborrel om 16:30 uur
  • Toegang: gratis voor IT-professionals
  • Doelgroepen: managed service providers en interne IT-supportteams
  • Programma: drie thematheaters (MSP Theater, Keynote Theater en Service Desk Theater) met sessies rond strategie, groei, ITSM, automatisering, AI, leiderschap en meer
  • Website & registratie: mspshownl.com

 

ChannelConnect is mediapartner van het event. Bezoek ons op stand G5.

Object First, de beste opslagoplossing voor Veeam-gebruikers, kondigt vandaag de Europese lancering aan van zijn flexibele pay-per-use-verbruiksmodel voor Ootbi, het onveranderlijke back-upopslagapparaat van het bedrijf. Met dit flexibele model kunnen klanten, resellers en serviceproviders kiezen tussen een CapEx-aankoop of een abonnement zonder initiële investeringen en zonder kosten voor hardwarevernieuwing.

Na de succesvolle introductie in de VS in april 2025 is het verbruiksmodel nu beschikbaar in de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk. Verdere uitrol naar andere markten volgt in de komende maanden. De aankondiging bouwt voort op de sterke groei van Object First in EMEA, waar de boekingen in het tweede kwartaal van 2025 met 961% toenamen ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.

De voordelen voor klanten

Betaal naar gebruik en groei naar behoefte: Ootbi biedt nu back-upopslagcapaciteit van 17 TB tot 7 PB zonder vooruitbetaling, met eenvoudige maandelijkse facturering en een jaarabonnement. Klanten kunnen back-upverbeteringen versnellen zonder investeringen vooraf.

Updates inbegrepen: alle technologische upgrades, service, ondersteuning en software-updates zijn inbegrepen.

Voorspelbare kosten en beheer: met de Object First Storage Calculator, deskundige ondersteuning en toegang tot een ervaren partnernetwerk verkleinen klanten het risico op over- of onderdimensionering.

Voordelen voor partners

Flexibele implementatie: partners kunnen Ootbi op basis van een consumptiemodel verkopen voor implementatie op locatie. Serviceproviders kunnen Ootbi daarnaast aanbieden als managed service, zowel bij de klant als in het datacenter van de provider.

Object First kondigt daarnaast een verbeterd partnerprogramma voor EMEA aan. Dit programma ondersteunt nu ook het pay-per-use-model. Dit alles-in-één partnerprogramma biedt partners via het Object First-partnerportaal toegang tot nieuwe trainingen over het verbruiksmodel en marketingcampagnemiddelen. Partners profiteren verder van een nieuw Not-for-Resale-programma (NFR) en kunnen Ootbi-apparaten inzetten voor intern gebruik.

STULZ, de wereldwijde specialist in bedrijfskritische airconditioning, heeft de beschikbaarheid aangekondigd van de nieuwe CyberRack SideCooler. Deze gesloten, watergekoelde unit is nauwkeurig afgestemd op de koelvereisten van edge- en microdatacenters op locaties met beperkte ruimte of in afgelegen omgevingen. De CyberRack SideCooler is uitermate geschikt voor omgevingen met een hogere warmtebelasting, waar efficiënte klimaatbeheersing cruciaal is voor optimale werking en uptime.

AfbeeldingDe CyberRack SideCooler is ontwikkeld met maximale flexibiliteit in het achterhoofd. Hij laat zich moeiteloos inpassen tussen serverracks of in een microdatacenter en levert efficiënte koeling precies daar waar de warmte ontstaat. Dankzij de kleine voetafdruk wordt de beschikbare ruimte optimaal benut en servicepunten aan de voor- en achterkant zorgen voor eenvoudig onderhoud. Bovendien kunnen de hot-swappable ventilatoren snel en veilig worden vervangen, zonder dat het systeem uitgeschakeld hoeft te worden.

‘Door de opkomst van high-performance computing, kunstmatige intelligentie (AI) en machine learning in edge-datacenters is de vermogensdichtheid van servers sterk toegenomen, wat zorgt voor een aanzienlijke warmteproductie’, aldus Matteo Foroni, productmanager bij STULZ S.p.A. ‘In deze omgevingen is de ruimte vaak schaars. Daarom hebben we de CyberRack SideCooler ontworpen voor maximale koelprestaties en met een zo klein mogelijk vloeroppervlak. De unit is bovendien compatibel met racks van alle merken en ondersteunt diverse luchtstroomconcepten, met uiterst betrouwbare componenten die garant staan voor een lange gebruiksduur en continue 24/7 werking.

Met zijn gesloten-luskoeling in het serverrack maakt de CyberRack SideCooler de scheiding van warme en koude gangen overbodig. Het systeem maakt gebruik van drie horizontale zones voor een optimale luchttoevoer, altijd met de juiste luchtstroom en temperatuur. Dit voorkomt de vorming van hotspots zonder energie-intensieve overaanvoer. Dankzij gerichte koeling in het rack zelf zijn hoge watertemperaturen en langdurige Vrije Koeling mogelijk. De units presteren optimaal wanneer ze worden gekoppeld aan de STULZ CyberCool Explorer WS-koelmachine.

De CyberRack SideCooler van STULZ is zeer energiezuinig dankzij de slimme regeling, gelijkstroomventilatoren (EC) en motortechniek met een laag geluidsniveau voor een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk. Dit wordt aangevuld met een geavanceerd regelsysteem met een optioneel touchscreen dat intuïtief te bedienen is dankzij de overzichtelijke menustructuur. De unit kan probleemloos worden gekoppeld aan een bestaand gebouwbeheersysteem, met extra zekerheid dankzij ingebouwde waarschuwings- en alarmsystemen. Doordat software, hardware en klimaatinstallaties perfect op elkaar zijn afgestemd, zijn alle gekoppelde systemen eenvoudig te bewaken en aan te sturen.

Matteo Foroni sloot af: ‘Edge- en microdatacenters hebben te maken met specifieke uitdagingen, met name als het gaat om koeling en het beheren van variabele thermische belastingen. Daarom hebben we opnieuw de grenzen verlegd met de CyberRack SideCooler – een volgende generatie klimaatoplossing die kracht, flexibiliteit, veelzijdigheid en energiezuinigheid perfect combineert. Deze unit is speciaal ontworpen voor hoge warmtebelastingen en met zijn uitgebreide functionaliteit is hij bij uitstek geschikt voor edge- en microdatacenters.

Fujitsu werkt aan een nieuw AI-agentplatform dat ondersteuning moet bieden bij het verbeteren van operationele processen binnen de gezondheidszorg. De oplossing is in eerste instantie gericht op de Japanse markt en wordt ontwikkeld in samenwerking met NVIDIA. Centraal staat een organiserende AI-agent die de coördinatie tussen meerdere gespecialiseerde agents aanstuurt.

Het platform maakt deel uit van Fujitsu’s Uvance-strategie, waarbij technologie wordt ingezet voor maatschappelijke toepassingen. Door verschillende agents te combineren, wil het bedrijf onder meer bijdragen aan meer efficiënte werkprocessen in medische instellingen.

Het AI-agentplatform ondersteunt taakspecifieke toepassingen, bijvoorbeeld voor het structureren van data of het monitoren van interoperabiliteit. Fujitsu benadrukt dat het systeem ook agents van externe partners kan integreren, afhankelijk van de zorgcontext. Het platform is ontworpen voor gebruik binnen én buiten zorginstellingen.

Volgens Fujitsu kunnen zorgprofessionals dankzij het platform meer tijd besteden aan hun kerntaken, terwijl managers beter zicht krijgen op personeelsplanning en resourceverdeling. Voor patiënten kan dit resulteren in kortere wachttijden en beter afgestemde zorg.

De technologie wordt momenteel getest en doorontwikkeld in samenwerking met medische instellingen. Later dit jaar wil Fujitsu het platform breder beschikbaar stellen, met aanvullende sectorgerichte agents. Daarbij wordt gebruikgemaakt van AI-tools van NVIDIA, zoals NIM microservices en Blueprints.

Met dit project richt Fujitsu zich op digitalisering binnen de zorg, met aandacht voor interoperabiliteit, schaalbaarheid en ondersteuning van bestaande processen.

WhatsApp en Apple hebben recent twee beveiligingslekken verholpen die in combinatie werden misbruikt bij een reeks gerichte aanvallen op gebruikers van iPhones en Macs. Beide bedrijven adviseren gebruikers met klem om de nieuwste updates te installeren.

De kwetsbaarheid in WhatsApp, geregistreerd als CVE-2025-55177, werd samengebracht met een recent gepatcht lek in iOS en macOS (CVE-2025-43300) en bood aanvallers de mogelijkheid om systemen op meerdere niveaus te compromitteren. Uit onderzoek blijkt dat tientallen WhatsApp-gebruikers doelwit waren van deze aanval, die specifiek gericht was op individuele gebruikers.

De aanval maakte gebruik van een nog niet eerder openbaar gemaakte kwetsbaarheid in WhatsApp, waarbij via een speciaal geprepareerd audiobestand toegang kon worden verkregen tot het systeem van de gebruiker. De Apple-kwetsbaarheid stelde aanvallers vervolgens in staat om beveiligingsmaatregelen in het besturingssysteem te omzeilen. Deze combinatie wijst op een geavanceerde aanvalstechniek, mogelijk ontwikkeld door actoren met ruime middelen en expertise.

De inzet van dergelijke zero-day exploits is vaak onderdeel van bredere dreigingscampagnes, gericht op het verkrijgen van gevoelige data, inloggegevens en communicatie. In sommige gevallen worden deze technieken ook gebruikt ter voorbereiding op ransomware-aanvallen of langdurige spionage.

Gelaagde verdediging

Het dichten van de lekken onderstreept het belang van tijdige en consistente updates van zowel apps als besturingssystemen. Hoewel Apple beveiligingsupdates doorgaans snel beschikbaar stelt, blijft het de verantwoordelijkheid van organisaties om deze updates ook daadwerkelijk door te voeren binnen de eigen infrastructuur.

Beveiligingsspecialisten wijzen erop dat alleen updates niet voldoende bescherming bieden. Een effectieve verdedigingsstrategie bestaat uit meerdere lagen, waaronder automatische configuratieverharding, actieve monitoring op tekenen van compromittering en volledige zichtbaarheid op mobiele apparaten binnen de organisatie. Dit geldt in het bijzonder voor omgevingen waarin mobiele devices een centrale rol spelen in de bedrijfsvoering.

Populaire apps en apparaten, zoals WhatsApp en Apple-devices, vormen een aantrekkelijk doelwit vanwege hun brede verspreiding onder onder meer zakelijke gebruikers, bestuurders en IT-professionals. Aanvallers investeren daarom actief in het vinden en misbruiken van kwetsbaarheden binnen deze ecosystemen. De recente aanval laat zien dat bekendheid en marktaandeel niet gelijk staan aan immuniteit tegen geavanceerde dreigingen.

Herkomst onduidelijk

Er is nog weinig bekend over de oorsprong van de aanvalscampagne. De precisie en technische complexiteit duiden mogelijk op betrokkenheid van professionele dreigingsactoren. Hoewel er parallellen zijn met eerdere spyware-incidenten, is tot nu toe geen directe link gelegd met bekende platformen als Pegasus of Predator.

Tijdens Data Expo 2025 presenteren Xebia en Data Expo hun gezamenlijke onderzoek naar de staat van AI in organisaties. ChannelConnect is mediapartner van het evenement, dat op 10 en 11 september plaatsvindt in de Jaarbeurs Utrecht.

Uit de Data & AI Monitor 2025 blijkt dat organisaties wereldwijd in toenemende mate investeren in AI, maar dat deze inspanningen in veel gevallen nog geen tastbare resultaten opleveren. Slechts 39 procent van de ondervraagden zegt dat hun organisatie daadwerkelijk meetbare waarde haalt uit AI-toepassingen. Het onderzoek is uitgevoerd onder ruim 500 data- en AI-professionals in uiteenlopende sectoren.

De belangrijkste belemmeringen voor succesvolle AI-adoptie zijn volgens het rapport de kwaliteit van de data, de bedrijfscultuur en de financiële ruimte. Zo ervaart 51 procent van de respondenten dat de datakwaliteit binnen de eigen organisatie onvoldoende is om AI-systemen betrouwbaar te voeden. Daarnaast zegt 46 procent dat de organisatiecultuur niet voldoende data-gedreven is, waardoor initiatieven moeilijk van de grond komen. Voor 30 procent zijn budgetbeperkingen een reden om AI-projecten uit te stellen of terug te schalen.

Ook het vertrouwen in AI blijkt beperkt: slechts 28 procent geeft aan AI-uitkomsten evenveel te vertrouwen als het oordeel van een menselijke collega. Opvallend is dat de helft van de respondenten denkt dat concurrenten verder zijn met de implementatie van AI.

Agentic AI stelt nieuwe eisen

De onderzoekers signaleren een verschuiving in de aard van AI-toepassingen. Waar het in eerdere jaren vaak ging om voorspellende modellen en automatisering van afzonderlijke taken, is nu steeds meer aandacht voor zogeheten agentic AI: systemen die zelfstandig kunnen redeneren, beslissingen nemen en acties uitvoeren.

Deze ontwikkeling vraagt om nieuwe strategische keuzes. Het gaat niet langer alleen om technologie, maar ook om het inrichten van governance-structuren, het bewaken van risico’s en het aanpassen van processen. “De adoptie van agentic AI is geen simpele technologische upgrade, maar een strategische transitie,” stellen de onderzoekers in het rapport.

Een ander terugkerend thema in het onderzoek is de afhankelijkheid van grote technologiebedrijven. Veel organisaties vertrouwen voor hun AI-infrastructuur op cloud- en softwarediensten van enkele internationale aanbieders. Vooral in Europa leidt dat tot zorgen over digitale soevereiniteit: wie heeft controle over de data, wie begrijpt de werking van de algoritmes, en welke mate van transparantie is er mogelijk?

Veranderende rollen op de werkvloer

De toepassing van AI heeft ook gevolgen voor de manier waarop werk is georganiseerd. Veel routinetaken kunnen inmiddels worden overgenomen door AI-systemen. Tegelijk ontstaan er nieuwe functies, bijvoorbeeld op het gebied van datakwaliteit, algoritmisch toezicht en ethische kaders. Menselijke expertise blijft nodig, onder meer voor interpretatie, controle en eindverantwoordelijkheid.

De Data & AI Monitor 2025 is een van de inhoudelijke onderdelen van Data Expo 2025. De beurs brengt professionals samen rond thema’s als datagedreven werken, digitalisering en AI. Sprekers delen praktijkervaringen en bezoekers kunnen zich verdiepen in oplossingen, toepassingen en governance-vraagstukken.

Data Expo 2025 in het kort
● Editie: 9e (Data Expo bestaat 11 jaar)
● Datum & locatie: Jaarbeurs Utrecht, 10 en 11 september 2025
● Bezoekers: >4.500 professionals uit profit- en non-profitorganisaties
● Programma: 120+ lezingen en workshops (Nederlands & Engels)
● Beursvloer: tientallen exposanten met software, data-oplossingen en consultancy
● Samenwerking: gelijktijdig met Cybersec, voor extra focus op security en data-soevereiniteit

Wil je Data Expo bezoeken? Registreer je hier gratis voor het event.

ChannelConnect is mediapartner van Data Expo en Cybersec Netherlands

Mike Privette heeft bijna twintig jaar ervaring in de wereld van cybersecurity. Hij begon als security engineer, groeide door naar Chief Information Security Officer (CISO) en richtte uiteindelijk Return on Security op, een platform dat de economische kant van cybersecurity belicht. Daar noemt hij zichzelf de eerste ‘cybersecurity economist’. Zijn doel: praktijkgerichte economische intelligentie leveren aan securityleiders, oprichters en investeerders.

Privette analyseert investeringsstromen, fusies en overnames, economische indicatoren en veranderingen in regelgeving. “Op die manier kunnen we beter zien waar de industrie naartoe gaat, vaak nog voordat het breed zichtbaar is,” zegt hij. Tijdens Cybersec Netherlands 2025 geeft hij een presentatie onder de titel The State of Cybersecurity Economics in Europe: Building Resilience in an Uncertain World.

AI als kans en bedreiging

Een van de belangrijkste thema’s waar Privette op wijst, is de opkomst van AI in relatie tot cybersecurity. Hij ziet een dubbele beweging: enerzijds enorme investeringen en een golf van nieuwe startups, anderzijds een toename van nieuwe aanvalsvectoren. “De dreigingen worden geavanceerder en volgen elkaar sneller op. Daar komt bij dat geopolitieke spanningen en een gefragmenteerde supply chain de druk verder vergroten. Juist daarom is het van groot belang dat Europa inzet op eigen innovatie en regionale veerkracht.”

Privette benadrukt dat cybersecurity niet langer een puur technische aangelegenheid is. “Cyber is een economische motor en een strategisch onderscheidend vermogen. Wie in dit veld werkt, moet snappen dat technologie, economie en beleid onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. Alleen met zo’n multidisciplinaire blik kun je risico’s en kansen goed inschatten.”

Belangrijkste inzichten voor het publiek

Tijdens zijn presentatie in Utrecht wil Privette drie kernpunten meegeven.
• Europa heeft een essentiële rol in de toekomst van cybersecurity. De mate van samenwerking tussen landen bepaalt de weerbaarheid van de regio.
• Cybersecurity is een economische noodzaak. Het gaat niet alleen om voldoen aan compliance-eisen, maar om de continuïteit van de economie.
• Investeren in gedeelde kennis en innovatie binnen Europa is de meest duurzame route naar een veilig digitaal landschap.

Technologische ontwikkelingen volgen elkaar razendsnel op, maar volgens Privette blijven de fundamenten van cybersecurity onveranderd. “De terminologie en tools zullen veranderen, maar het draait altijd om drie zaken: veiligheid, veerkracht en vertrouwen. Naarmate de technologie complexer wordt, is het alleen maar belangrijker dat de security-industrie gelijke tred houdt.”

Het belang van samenkomen

Evenementen als Cybersec Netherlands spelen hierbij een cruciale rol. Privette: “Niemand beschikt over alle antwoorden – niet de publieke sector en ook niet het bedrijfsleven. Door samen te komen in een onafhankelijke setting ontstaat er ruimte om te leren, samen te werken en elkaar te vertrouwen. Alleen zo kunnen we de dreigingen van morgen het hoofd bieden en nieuwe kansen benutten.”

Over Cybersec Netherlands 2025
• Datum: 10 & 11 september 2025
• Locatie: Jaarbeurs Utrecht
• Meer dan 3.000 securityprofessionals
• Thema’s: cybersecurity, cryptografie, threat intelligence, compliance
• Gratis registratie: www.cybersec-netherlands.nl

ChannelConnect is mediapartner van Cybersec Netherlands 2025

De inzet van AI binnen cybersecurity is in opmars, maar organisaties in de Benelux blijven terughoudender dan het wereldwijde gemiddelde. Dat blijkt uit internationaal onderzoek van Arctic Wolf onder bijna tweeduizend IT- en securitybeslissers.

Voor het onderzoek, uitgevoerd in samenwerking met Sapio Research, werden 1.950 professionals ondervraagd in zestien landen. Daaronder 150 respondenten uit de Benelux. De resultaten laten zien dat wereldwijd 73 procent van de organisaties AI inmiddels heeft geïntegreerd in hun cybersecuritybeleid. In de Benelux ligt dat percentage met 63 procent beduidend lager.

Securityafdelingen krijgen dagelijks te maken met duizenden waarschuwingen, afkomstig uit verschillende bronnen en tooling. Door een tekort aan capaciteit en middelen moeten teams voortdurend keuzes maken in welke meldingen ze nader onderzoeken. Dit leidt tot langere responstijden en verhoogt het risico op gemiste dreigingen. De inzet van AI wordt daarom steeds vaker overwogen als middel om processen te automatiseren, detectie te verbeteren en de zogenoemde alert fatigue te beperken.

AI wordt in dat kader niet alleen gezien als hulpmiddel, maar als volwaardige component binnen security operations. De technologie helpt bij dreigingsdetectie, het bieden van context en het versnellen van analyses. Tegelijkertijd blijft menselijke inbreng noodzakelijk.

Gebruik en plannen

Uit het onderzoek blijkt dat wereldwijd 73 procent van de organisaties AI al gebruikt of van plan is in te zetten voor de volledige automatisering van security operations, inclusief 24/7 monitoring. Daarnaast wil 72 procent van de ondervraagde organisaties AI inzetten om dreigingen beter te kunnen voorspellen en blokkeren. Verder verwacht 70 procent dat AI in staat is om de mogelijkheden voor dreigingsdetectie aanzienlijk te verbeteren.

Binnen de Benelux liggen deze percentages structureel lager. Van de organisaties in deze regio zegt 64 procent AI te willen gebruiken voor geautomatiseerde securityprocessen. Eveneens 64 procent ziet mogelijkheden voor AI bij het voorspellen en stoppen van dreigingen. Voor het versterken van detectiecapaciteit ligt dat percentage op 62 procent.

Vooral sectoren zoals de financiële dienstverlening lopen wereldwijd voorop in AI-adoptie. Hier geeft 82 procent van de organisaties aan dat AI al een rol speelt in het cybersecuritybeleid. In meer risicomijdende sectoren, zoals nutsbedrijven, blijft de adoptiegraad voorlopig achter, met 59 procent. De Benelux volgt die laatste trend en toont zich gemiddeld iets voorzichtiger dan de rest van de wereld.

Meer dan twee derde van de Benelux-respondenten stelt dat AI aanzienlijke menselijke input nodig heeft. 44 procent verwacht dat securityteams zich moeten bijscholen om met AI-systemen te kunnen werken. 35 procent denkt dat analisten zich vooral gaan richten op het beoordelen van AI-gegenereerde alerts.

Belemmeringen en zorgen

De grootste uitdaging rond AI in de Benelux is het ontbreken van duidelijk beleid voor veilig gebruik (33%). Daarna volgen zorgen over dataprivacy (31%) en kosten (29%). Wereldwijd noemen organisaties privacy (33%), kosten (30%) en complexiteit van integratie (28%) als grootste obstakels.

Een opvallend verschil is zichtbaar in de perceptie van AI als oplossing tegen burn-out en verloop onder securitymedewerkers. Waar wereldwijd 66 procent denkt dat AI daarin een positieve rol speelt, is dat in de Benelux slechts 50 procent. Eén op de vijf organisaties in de regio ziet zelfs helemaal geen voordeel op dit vlak.

De snelle opkomst van AI en high-performance computing (HPC) zet de traditionele koelinfrastructuur van datacenters onder druk. Serverracks met een warmteafgifte van 50 kilowatt of meer zijn geen uitzondering meer, en die vermogens laten zich steeds moeilijker afvoeren met luchtkoeling. Vloeistofkoeling – en dan specifiek direct-to-chip (DTC) – wordt daarom steeds vaker ingezet om nieuwe generaties rekenintensieve workloads draaiende te houden.

Vertiv speelt in op die ontwikkeling met de introductie van drie nieuwe koeloplossingen binnen zijn Vertiv CoolChip CDU-serie (coolant distribution unit): de CDU 70, CDU 100 en CDU 600. Deze units zijn ontworpen voor directe vloeistofkoeling op chipniveau en richten zich op uiteenlopende datacenteromgevingen, van pilotinstallaties tot hyperscale-omgevingen.

Nieuwe fase in koelstrategie

Veel datacenters balanceren momenteel tussen het uitbreiden van AI-capaciteit en het behouden van operationele betrouwbaarheid. Vooral bij retrofits of de uitbreiding van bestaande installaties blijkt dat luchtkoeling vaak niet meer voldoet. DTC-koeling biedt in dat geval uitkomst: het leidt de warmte direct van de processor naar een gesloten vloeistofcircuit, met minimale verliezen.

“Datacenterworkloads leiden tot steeds hogere rackdichtheden en koelbehoeften,” zegt Sam Bainborough, Vice President EMEA Thermal Business bij Vertiv. “Daarom hebben klanten oplossingen nodig die zich aanpassen aan hun specifieke implementatiestrategieën, zoals direct-to-chip.”

Volgens Bainborough zijn schaalbaarheid en flexibiliteit essentieel in deze fase van de AI-transitie. Niet ieder datacenter kan of wil immers in één keer overstappen op vloeistofkoeling. De nieuwe CDU-modellen bieden daarom verschillende capaciteiten en configuraties, afgestemd op uiteenlopende omgevingen en groeiscenario’s.

Drie modellen, verschillende toepassingen

De Vertiv CoolChip CDU 70 is een in-row vloeistof-naar-luchtoplossing met een koelcapaciteit tot 70 kW. Deze uitvoering is vooral bedoeld voor datacenters die bestaande infrastructuur willen upgraden zonder ingrijpende aanpassingen. Door gebruik te maken van bestaande thermische systemen kunnen organisaties relatief snel overstappen naar vloeistofkoeling. De geïntegreerde besturing maakt beheer over meerdere units eenvoudiger en ondersteunt realtime monitoring.

Vertiv CoolChip CDU 70

Voor datacenters die vloeistofkoeling per rack willen toepassen – bijvoorbeeld voor het ondersteunen van een AI-pilot of een high-density workload – is de Vertiv CoolChip CDU 100 ontwikkeld. Deze 4U-unit biedt een koelvermogen van 100 kW via vloeistof-naar-vloeistofkoeling. Een groot warmtewisselaaroppervlak zorgt voor efficiënte warmteoverdracht bij lage benaderingstemperaturen. Via nauwkeurige temperatuurregeling (binnen ±1 °C) en ingebouwde filtratie blijft de vloeistofkwaliteit op peil. Ook is er sprake van fysieke scheiding tussen IT- en facilitaire circuits, wat het onderhoud en de veiligheid in bedrijfskritische omgevingen vereenvoudigt.

De Vertiv CoolChip CDU 600 is de krachtigste uitvoering en richt zich op grootschalige implementaties. Deze in-row unit biedt een koelcapaciteit van 600 kW en is ontworpen voor hyperscale datacenters en colocatieomgevingen waar AI- en HPC-infrastructuur op grote schaal wordt uitgerold. Het systeem kan via boven- of onderaansluitingen worden geïntegreerd in bestaande of nieuwe installaties en is voorzien van redundante pompen en geavanceerde monitoring van temperatuur en vloeistofkwaliteit.

Vertiv CoolChip CDU 600

De rol van DTC-koeling in AI-gedreven datacenters

Direct-to-chip vloeistofkoeling is geen nichetechnologie meer. De toenemende inzet van AI-modellen – vaak ondersteund door GPU’s en andere gespecialiseerde processoren – vereist hogere vermogensdichtheden en nauwkeurigere thermische controle. Luchtkoeling bereikt daarbij in veel gevallen zijn limiet.

DTC-koeling biedt een direct pad voor warmteafvoer met een hogere thermische efficiëntie dan lucht, zonder dat volledige immersie van componenten nodig is. De koelvloeistof stroomt in een gesloten circuit direct naar de warmste onderdelen van de server – meestal de CPU of GPU – en wordt via een warmtewisselaar opnieuw afgekoeld. Deze aanpak leidt tot lagere PUE-waarden en stelt datacenters in staat om meer rekenkracht per vierkante meter te leveren.

Daarnaast maakt DTC-koeling het eenvoudiger om gericht te investeren. In plaats van een complete omgeving om te bouwen, kunnen operators beginnen met een enkele rij of een aantal racks en die later uitbreiden. Dat past bij de gefaseerde groei die veel organisaties nastreven bij de uitrol van AI-workloads.

Onderdeel van bredere strategie

De drie nieuwe CDU’s maken deel uit van een bredere Vertiv 360AI-portfolio, waarin naast koelsystemen ook stroomvoorziening, monitoring en consultancy zijn ondergebracht. Het bedrijf wil zich daarmee positioneren als een partij die niet alleen technologie levert, maar ook ondersteuning biedt bij ontwerp, installatie en beheer. Dat geldt zowel voor greenfieldprojecten als voor het aanpassen van bestaande datacenters.

Volgens Vertiv is die ondersteuning steeds belangrijker, nu vloeistofkoeling opschuift van experiment naar standaard. De complexiteit van integratie – denk aan leidingen, monitoring, vloeistofkwaliteit en onderhoud – is voor veel datacenters nog een drempel. Door complete ondersteuning te bieden, van planning tot service, wil Vertiv die barrière verlagen.

Koeltechniek als strategische factor

De lancering van de Vertiv CoolChip CDU-serie markeert een volgende stap in het professionaliseren van vloeistofkoeling binnen het datacenter. De nadruk ligt op flexibiliteit, schaalbaarheid en betrouwbaarheid – eigenschappen die onmisbaar zijn in een infrastructuur waar AI en HPC een steeds grotere rol spelen.
Waar de discussie over AI-toepassingen vaak draait om data en modellen, is de fysieke kant van die technologie minstens zo bepalend. Zonder efficiënte koeling, geen betrouwbare prestaties. Direct-to-chip vloeistofkoeling maakt het mogelijk om die prestaties ook op lange termijn vol te houden.

Frans Feldberg, Hoogleraar aan de Vrije Universiteit van Amsterdam, opent Data Expo op donderdag 11 september met de keynote ‘AI: in de beperking toont zich de meester!’ Organisaties beschikken over meer data dan ooit, en AI-oplossingen ontwikkelen zich razendsnel. Toch blijkt het lastig om de potentie van deze technologieën structureel om te zetten in waarde. Volgens Feldberg is technologie zelden de beperkende factor. Het ontbreekt eerder aan gezamenlijk begrip en richting.

Feldberg is als hoogleraar verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam en medeoprichter van onder meer het Amsterdam Center for Business Analytics en Data Science Alkmaar. Vanuit die rol overziet hij zowel wetenschappelijke inzichten als de praktijk van datagedreven innovatie in bedrijfsleven en publieke sector.

Op papier lijkt de beschikbaarheid van grote hoeveelheden data een ideaal uitgangspunt voor innovatie. Organisaties kunnen klantbehoeften beter doorgronden, beslissingen verbeteren en nieuwe diensten ontwikkelen. In werkelijkheid blijft het rendement vaak achter. “Onderzoek laat zien dat 70 tot 80 procent van de dataprojecten hun doelen niet halen,” stelt Feldberg. “We hebben de technologie en de data, maar de randvoorwaarden blijken lastig te realiseren.”

AI is geen Haarlemmerolie – wie dat denkt, loopt vroeg of laat vast.

Volgens Feldberg ontbreekt het vaak aan een samenhangend verhaal binnen organisaties: “Bij AI hoor je vaak: we móeten er iets mee. Maar waarom eigenlijk? Wat is het doel, en wat kan AI wel en niet betekenen voor jouw organisatie? Die vragen komen zelden eerst.”

Data raakt het hele businessmodel

De inzet van data en AI beperkt zich niet tot technologieafdelingen. Ze beïnvloeden vrijwel alle onderdelen van het businessmodel: van waardecreatie en klantrelaties tot interne processen en partnerschappen. Feldberg: “Een businessmodel draait om drie kernvragen: hoe creëer je waarde, hoe lever je die, en hoe zorg je dat er iets overblijft? Data en AI kunnen al die elementen veranderen.”

Dat stelt organisaties voor strategische vragen. Zeker als andere partijen – zoals platforms of startups – beter zicht hebben op de eigen klant dan de organisatie zelf. “Dat dwingt je na te denken over relevantie. Hoe blijf je van waarde als iemand anders jouw klant beter kent dan jij?”

Feldberg benadrukt dat er geen universele aanpak bestaat. De impact van data en AI verschilt per organisatie, afhankelijk van sector, datastructuur, doelen en cultuur. “Maatwerk is essentieel. Het gaat om leren en durven experimenteren, waarbij technologie slechts één onderdeel van het verhaal is.”

Volgens hem draait succes om samenwerking tussen verschillende disciplines. Business, IT en dataspecialisten moeten gezamenlijk optrekken. “Ze spreken vaak een andere taal, en hebben verschillende doelen. Zonder gedeeld begrip en gedeelde doelen blijft samenwerking moeizaam.”

Alignment als sleutel tot succes

“Uit onderzoek blijkt dat alignment – het op één lijn krijgen van mensen, processen en doelen – essentieel is,” aldus Feldberg. “Je kunt de beste infrastructuur en de slimste algoritmes hebben, maar als teams elkaar niet begrijpen, strandt het project alsnog.”

Het ontwikkelen van een gezamenlijk verhaal – waarin de rol van data en AI helder is uitgelegd en breed wordt gedragen – is volgens hem een noodzakelijke voorwaarde voor succes. “Dat klinkt simpel, maar het is dé succesfactor.”

Zonder begrip van wat AI niet kan, krijg je gegarandeerd verkeerde verwachtingen.

De opkomst van generatieve AI heeft het tempo in de markt verder opgevoerd. Feldberg ziet kansen, maar waarschuwt ook voor overspannen verwachtingen. “AI wordt in media vaak gepresenteerd als een wondermiddel dat alles verandert. Maar dat klopt niet. Je moet weten wat AI wél kan en waar de beperkingen liggen.”

Zo noemt hij het begrip ‘intentionaliteit’ – het vermogen om het doel van menselijk gedrag te begrijpen – als iets dat AI nog niet beheerst. “AI kan veel, maar het is niet in staat tot denken zoals mensen dat doen. Verwachtingen die daar geen rekening mee houden, leiden vaak tot teleurstelling.”

Feldberg roept op tot realisme: “Als je niet weet welke vormen van AI er zijn, of wat de technologie wel en niet kan, dan wordt het lastig om goede keuzes te maken. Dan ontstaan verkeerde discussies, en soms zelfs mislukkingen die vermeden hadden kunnen worden.”

De kracht van beperking

Tot slot verwijst Feldberg naar een uitspraak van Goethe: ‘In de beperking toont zich de meester’. Een passende metafoor, vindt hij, voor organisaties die zich niet laten meeslepen door de hype, maar met duidelijke kaders en focus inzetten op verantwoorde innovatie. Tijdens zijn keynote zal hij deze lijn verder uitwerken.

Bron: data-expo.nl

Data Expo 2025 in het kort
● Editie: 9e (Data Expo bestaat 11 jaar)
● Datum & locatie: Jaarbeurs Utrecht, 10 en 11 september 2025
● Bezoekers: >4.500 professionals uit profit- en non-profitorganisaties
● Programma: 120+ lezingen en workshops (Nederlands & Engels)
● Beursvloer: tientallen exposanten met software, data-oplossingen en consultancy
● Samenwerking: gelijktijdig met Cybersec, voor extra focus op security en data-soevereiniteit

Wil je Data Expo bezoeken? Registreer je hier gratis voor het event.

ChannelConnect is mediapartner van Data Expo en Cybersec Netherlands