Datacenters kunnen het energieverbruik aanzienlijk verminderen door gebruik te maken van een hyperconverged infrastructuur (HCI). Dat schrijft cloudaanbieder Nutanix in een nieuw rapport. 

In het rapport staat dat het moderniseren van datacenters met op HCI gebaseerde oplossingen in slechts zes jaar een besparing van 19 miljoen ton CO2 kan opleveren in de EMEA-regio. Dat staat gelijk aan de uitstoot van bijna 4,1 miljoen auto’s. Daarnaast kan het een financiële besparing opleveren van 25 miljard euro door verbeterde energie- en operationele efficiëntie.

Nu bedrijven met post-Covid digitalisering worden geconfronteerd en de vraag naar dataverslindende technologieën – zoals AI en IoT – steeds groter wordt, wordt het volgens het rapport steeds dringender om actie te ondernemen. De dubbele uitdaging van stijgende energiekosten en de toegenomen druk van regelgeving om de impact op het milieu te verminderen, maken het alleen maar lastiger voor IT-leiders. Als gevolg hiervan is energie-efficiëntie een topprioriteit geworden voor CIO’s en datacenterbeheerders.

3-tier architctuur

Overschakelen van traditionele 3-tier architecturen naar een HCI-gebaseerd platform kan het energieverbruik jaarlijks met meer dan 27% verminderen. In de hele EMEA-regio kan een grootschalige overstap tussen 2024 en 2030 tot 92 TWh elektriciteit besparen en 19 miljoen ton CO₂-uitstoot voorkomen – vergelijkbaar met de uitstoot van 4,1 miljoen auto’s. Alleen al in Nederland zou dit neerkomen op een besparing van 4,7 TWh elektriciteit.

De financiële meevaller van minder elektriciteitsverbruik kan tegen 2030 oplopen tot 25 miljard euro. De onderzoekers becijferen dat vanwege de relatief hoge elektriciteitsprijzen de potentiële besparingen op elektriciteitskosten voor bedrijven en serviceproviders in Nederland kunnen oplopen tot 1,7 miljard euro tussen 2024 en 2030 als er wordt overgeschakeld van 3-tier naar HCI. Het migreren van HCI-platforms naar colocatie of public cloud vergroot deze voordelen, met potentiële energiebesparingen die kunnen oplopen tot 54% in vergelijking met traditionele on-premise datacenters. Dit komt door de lage Power Usage Effectiveness (PUE) van Public Cloud Providers en de flexibiliteit van on-demand computing-capaciteit.

Disaster recovery

Een op HCI-gebaseerde architectuur maakt ook gestroomlijnde, energie-efficiënte systemen voor disaster recovery in de cloud mogelijk, zegt het rapport. Daardoor is de infrastructuur minder belastend met behoud van schaalbaarheid en reactiesnelheid. Nederland blijft een prominente speler op het gebied van datacenters, vanwege de strategische ligging en geavanceerde digitale infrastructuur. In het verlengde daarvan voorspelt het rapport dat de totale energievraag voor datacenters zal toenemen tot 8,7 TWh in 2030, waarbij het aandeel van traditionele datacenters zal dalen tot 23% vanwege een sterke cloudtransformatie.

Uit nieuw onderzoek van cybersecurityleverancier Check Point blijkt een toename van het aantal vervalste Microsoft e-mails. Kwaadwillenden worden bovendien steeds geraffineerder, waardoor valse e-mails steeds minder goed te herkennen zijn.

In de technologiesector is Microsoft een van de meest geïmiteerde bedrijven door hackers. Nu maken cybersecurity-onderzoekers van Check Point’s Harmony Email & Collaboration bekend dat ze de afgelopen maand meer dan 5.000 e-mails hebben ontdekt die zich voordeden als Microsoft-meldingen. De e-mails maken gebruik van uitzonderlijk geraffineerde verduisteringstechnieken, waardoor het voor gebruikers bijna onmogelijk is om ze te onderscheiden van legitieme communicatie. De gevolgen voor bedrijven kunnen aanzienlijk zijn, omdat het compromitteren van e-mail kan leiden tot het overnemen van e-mailaccounts, ransomware, diefstal van data of andere negatieve gevolgen.

De vervalste Microsoft e-mails lijken afkomstig te zijn van organisatiedomeinen die zich voordoen als legitieme beheerders. Het hoofdgedeelte van een e-mail bevat meestal een valse inlogpagina of portaal, waar schadelijke inhoud kan zijn verborgen. Een nietsvermoedende gebruiker kan hier gemakkelijk op klikken en gevoelige informatie invoeren of schadelijke inhoud downloaden.

Om de kwaadaardige bedoelingen van deze e-mails te verbergen, maken cybercriminelen gebruik van sluwe technieken, zeggen de onderzoekers. Zo bevatten sommige e-mails gekopieerde en geplakte verklaringen over het privacybeleid van Microsoft, wat bijdraagt aan een authentieke ‘look and feel’. Andere e-mails bevatten koppelingen naar Microsoft- of Bing-pagina’s, waardoor het voor traditionele beveiligingssystemen moeilijker wordt om deze bedreigingen te herkennen en effectief te beperken.

Reliance, onderdeel van Böschen IT Investments, heeft de Microsoft Cloud-migratiespecialist White Baron uit Amstelveen overgenomen. De overname past in de buy-and-build-strategie van Reliance.

De toevoeging van White Baron is de zesde overname van Reliance in 2 jaar tijd. Het bedrijf werd in 2012 opgericht door Daniel van Beek en Tony Dalmeyer. In 2023 versterkte White Baron zijn marktpositie door de overname van Pantheon B.V., een vergelijkbare speler in de markt. Na de overname blijft oprichter Tony Dalmeyer betrokken bij White Baron, terwijl mede-aandeelhouder Daniel van Beek de onderneming verlaat.

Dalmeyer over de keuze om met Reliance in zee te gaan: “Een belangrijke reden om ons aan te sluiten bij Reliance is hun focus op de lange termijnontwikkeling van hun deelnemingen. Het merk White Baron, met zijn persoonlijke aanpak en ons ‘IT zonder onzin’-concept, blijft bestaan en krijgt de kans zich verder te ontwikkelen en te groeien binnen de groep.”

Reliance focust zowel op verticale marktsegmenten als op horizontale marktgroei. Group Director Lourens van der Wiel van Reliance: “De toevoeging van White Baron versterkt onze regionale positie en draagt bij aan de verdere uitbouw van onze expertise als Microsoft- en migratiespecialist.”

Schneider Electric, leider in de digitale transformatie van energiebeheer en automatisering, kondigde vandaag een primeur in de industrie aan: het EcoStruxure IT Network Management Card 3 (NMC3)-platform heeft een nieuwe en hogere cybersecurity-certificering behaald. Hiermee is het de eerste Data Center Infrastructure Management (DCIM) netwerkkaart met een IEC 62443-4-2 Security Level 2 (SL2)-certificering van de International Elektrotechnical Commission (IEC).

TÜV Rheinland, een van ’s werelds grootste en toonaangevende testorganisaties, heeft het NMC3-platform onafhankelijk gecertificeerd, wat waarborgt dat producten van leveranciers, ontworpen voor datacenters en gedistribueerde IT-omgevingen, voldoen aan een reeks goed gedefinieerde beveiligingseisen en grondig worden getest en beoordeeld.

Deze nieuwe en hogere cybersecurity-certificering laat zien dat Schneider Electric voorop loopt als het gaat om veilige bedrijfsactiviteiten en een betere bescherming tegen cyberdreigingen. SL2-certificering stelt strengere eisen en biedt een hogere veiligheidsweerbaarheid dan de SL1-certificering die vorig jaar werd behaald.

Naast de nieuwe standaard heeft TÜV Rheinland Schneider Electric gecertificeerd als ISASecure® Secure Development Lifecycle Assurance (SDLA)-compliant. Dit geldt ook voor de cybersecurity-processen die gebruikt worden om producten te ontwikkelen, waaronder de NMC3. De NMC3 is ingebouwd in de meeste EcoStruxure IT DCIM-producten van Schneider Electric en biedt een solide, op afstand toegankelijke beheertoepassing via het netwerk voor kritieke stroom- en koelinfrastructuur.

“Volgens de Allianz Risk Barometer 2024 staan cyberincidenten op de eerste plaats als het gaat om bedrijfsrisico’s. Met gemiddelde kosten van meer dan $4 miljoen per incident begrijpen we waarom cybersecurity bovenaan de prioriteitenlijst van CIO’s staat,” zegt Kevin Brown, Senior Vice President voor EcoStruxure IT, Data Center Business, Schneider Electric. “Met de IEC 62443-4-2 SL2 en ISASecure® SDLA cybersecurity-certificeringen loopt Schneider Electric voorop in de industrie met deze dubbele certificering, die helpt om de risico’s voor kritieke infrastructuur te verminderen.”

Het installeren van firmware vereenvoudigen

Bedrijven vinden het vaak een uitdaging om firmware-updates bij te houden. Veel zakelijke klanten beheren hun kritieke stroom- en koelinfrastructuur met hun eigen interne beheertools, third-party netwerkbeheertools of gebouwbeheersystemen. Deze systemen weten niet wanneer de firmware op de aangesloten apparaten – vooral in gedistribueerde en edge-omgevingen – een update nodig heeft.

Het EcoStruxure IT Secure NMC System biedt verbeterd ingebouwd firmwarebeheer dankzij een nieuwe, speciale tool. De Secure NMC System Tool vereenvoudigt het omslachtige proces van het zoeken naar en installeren van de nieuwste firmware op alle apparaten, wat het proces tot 90% sneller maakt. Gebruikers hoeven niet meer ad-hoc naar firmware te zoeken, te controleren of het de nieuwste versie voor hun apparaat is en de release-opmerkingen te lezen om te begrijpen wat er in de nieuwe versie zit voordat ze het downloaden en hun apparaat bijwerken. In plaats daarvan informeert de Secure NMC System Tool klanten wanneer nieuwe firmware beschikbaar is en helpt hen bij het installeren van de nieuwe versie.

De voordelen van het Secure NMC System:

  1. Geen zorgen meer over verouderde versies door het eenvoudiger beheren van firmware, waardoor het proces tot 90% sneller is met een verlaagd risico.
  2. Compliance: een systematische, gestandaardiseerde aanpak voor cybersecurity-updates voor kritieke stroom- en koelinfrastructuur.
  3. Verminder blootstelling aan mogelijke aanvallen: de IEC 62443-4-2 SL2- en ISASecure® SDLA-cybersecurity-certificeringen, gecombineerd met de Secure NMC System Tool, zorgen ervoor dat verbonden apparaten beveiligd zijn met de nieuwste updates.

“EcoStruxure IT biedt klanten een krachtige aanpak: de flexibiliteit om hun IT-infrastructuur naar eigen inzicht te beheren en dat op een eenvoudige manier te doen, terwijl ze ook naleving van cybersecurity-regelgeving beheren. Veiligheid hoeft niet ingewikkeld te zijn,” zegt Brown. “Wij zijn de eersten in de industrie die deze oplossing aanbieden, en blijven ons inzetten om weerbare, veilige en duurzame IT-infrastructuren mogelijk te maken.”

De Nederlandse educatieve techsector (kortweg EdTech) heeft de afgelopen jaren een indrukwekkende groei doorgemaakt, wat heeft geleid tot de creatie van 11.000 banen en een sterke internationale positie als innovatiehub. Dat schrijft de Stichting Dutch EdTech in een rapport dat vandaag verschijnt.

Het aantal bedrijven is gestegen van 407 naar 475. De totale waarde van deze bedrijven is toegenomen van €1,21 miljard naar €1,59 miljard, en het aantal fulltime werknemers is gegroeid van 2.500 naar 11.000. De grootste groep van 211 bedrijven richt zich op ‘Leven Lang Leren’, wat betekent dat ze oplossingen bieden voor mensen die hun vaardigheden willen blijven ontwikkelen. De segmenten Upskilling (bijscholing) en Immersive Tech (AR, VR, XR, gamification) hebben in 2023 de meeste investeringen gekregen. Samen maken deze gebieden 25% uit van het totale aantal EdTech-bedrijven in Nederland.

Leven lang leren

Het is volgens de makers van het rapport belangrijk dat we ons blijven richten op Leven Lang Leren, Upskilling en Immersive Tech, omdat deze gebieden inspelen op de wereldwijde vraag naar omscholing en voortdurende professionele ontwikkeling. Door innovatieve technologieën te gebruiken, kunnen we de leerervaringen van mensen verbeteren.

Uit het rapport blijkt ook dat Nederland de afgelopen tijd zijn investeringen in EdTech op peil gehouden heeft. Nederland staat nu weer op de 5e plek in Europa. De meeste investeringen zijn relatief klein, terwijl andere Europese landen meer variatie in hun investeringen hebben. Gelukkig heeft de overheid geïnvesteerd in initiatieven via het Nationaal Groeifonds. NOLAI ontvangt €63 miljoen, en Npuls krijgt €560 miljoen. De schrijvers van het rapport vinden dat startups en scale-up founders meer betrokken moeten worden bij de ontwikkeling van toekomstige oplossingen. “Dit is cruciaal voor het stimuleren van nieuwe ideeën, het laten groeien van bedrijven, het verbeteren van samenwerking en het maken van een positieve impact op onderwijs en de leersector.”

In september heeft Copaco zijn portfolio uitgebreid met de innovatieve OpenText Suite, een toonaangevende set oplossingen voor Enterprise Information Management (EIM). Met deze suite van tools kunnen bedrijven hun informatie beter beheren, beveiligingsprocessen optimaliseren en hun digitale transformatie versnellen.

Complete EIM-oplossingen voor efficiënt databeheer

Met de toevoeging van het volledige OpenText-portfolio biedt Copaco zijn partners nu toegang tot oplossingen zoals Content Suite, Documentum en Extended ECM, die uitgebreide mogelijkheden voor databeheer, AI en beveiliging bieden. Hiermee kunnen partners meer waarde leveren aan hun klanten.

Vooruitgang in digitale innovatie

De uitbreiding van het portfolio volgt op de recente overname van MicroFocus door OpenText. Bart Keijzers, Manager Datamanagement & Security bij Copaco, benadrukt de voordelen van de toevoeging van OpenText aan het portfolio: “Onze partners kunnen hun klanten nu nog beter ondersteunen bij digitale transformatie met een breder scala aan krachtige oplossingen. We kijken uit naar verdere samenwerking met OpenText en naar het bieden van de tools die onze partners nodig hebben om succesvol te zijn in een snel veranderende digitale wereld.”

Over OpenText

OpenText™ is wereldwijd het toonaangevende Information Management software- en servicesbedrijf. Het helpt organisaties complexe wereldwijde problemen op te lossen met een uitgebreide suite van Business Clouds, Business AI en Business Technology. Voor meer informatie: www.opentext.com.

Afgelopen dinsdag is de wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven (Wbdwb) officieel in werking getreden. De wet legt de taken en bevoegdheden vast van de minister van Economische Zaken op het terrein van digitale weerbaarheid van niet-vitale bedrijven in Nederland.

Met de inwerkingtreding van de Wbdwb ontstaat er een nieuwe wettelijke taak voor de minister van EZ om het bedrijfsleven te voorzien van bij de overheid bekende bedrijfsspecifieke ernstige dreigingsinformatie. Voor de vitale organisaties is dit geregeld in de Wet beveiliging netwerk- en informatiesystemen (Wbni), voor het niet-vitale bedrijfsleven is dit nu geregeld in de Wbdwb. Voor het waarschuwen over digitale kwetsbaarheden en beveiligingslekken, komt het regelmatig voor dat persoonsgegevens nodig zijn, zoals IP-adressen en e-mailgegevens van medewerkers. De nieuwe wet zorgt voor de wettelijke grondslag om deze gegevens te verwerken bij het uitvoeren van deze wettelijke taak.

Aanleiding

Uit onderzoek van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt dat jaarlijks duizenden bedrijven – zowel groot als klein – het slachtoffer zijn van een cyberaanval. Het Digital Trust Center (DTC) is in 2018 binnen het ministerie van EZ opgericht om het niet-vitale Nederlandse bedrijfsleven weerbaarder te maken tegen cyberdreigingen. Het DTC biedt algemene informatie en advies aan het bedrijfsleven en bevordert samenwerking tussen bedrijven op het gebied van digitale weerbaarheid.

Er bleek echter een urgente behoefte om individuele bedrijven te informeren over specifieke digitale dreigingen en kwetsbaarheden die grote impact kunnen hebben op niet-vitale bedrijven. Daarom is de Tweede Kamer in 2021 geïnformeerd dat er – vooruitlopend op de wettelijke grondslag die de Wbdwb biedt – eerste stappen worden gezet om beschikbare specifieke ernstige dreigingsinformatie met de betrokken bedrijven te delen via het DTC.

DTC Notificatiedienst

Dagelijks ontvangt het DTC informatie over kwetsbare of gehackte systemen. Als deze informatie na controle wordt ingeschat als cyberdreiging voor een Nederlands bedrijf, gaat het DTC over tot het waarschuwen (notificeren) zodat het bedrijf hierop actie kan ondernemen. Dit houdt in dat een e-mailbericht wordt verzonden naar het bedrijf. Als de informatie niet te herleiden is naar een specifiek bedrijf, dan wordt de netwerkeigenaar op de hoogte gebracht. In 2023 is er ruim 140.000 keer genotificeerd, in 2024 staat de teller op ruim 150.000 notificaties.

Het notificeren van bedrijven gebeurt veelal vanwege een beveiligingslek of een configuratiefout die geconstateerd is bij met het internet verbonden apparaten of software. Het kan gaan om recent ontdekte kwetsbaarheden die nog niet actief worden misbruikt maar ook om al langer bekende kwetsbaarheden van systemen die nog op oudere software versies draaien. Denk bijvoorbeeld aan Microsoft Exchange maar ook aan zogenoemde ‘edge devices’ zoals firewalls en VPN-oplossingen. Zo notificeerde het DTC dit jaar meerdere keren over Ivanti en Fortinet. Ook kon het DTC bedrijven notificeren over kwetsbare Qlik Sense Servers dankzij het samenwerkingsverband Melissa. Ook komt het voor dat het DTC bedrijven notificeert in het geval van gestolen bedrijfsinformatie. Zo kon het Nederlandse organisaties waarschuwen voor gelekte inloggegevens van bedrijfsaccounts die de internationale actie ‘Operation Endgame’ achterhaalde.

ESET Nederland heeft tijdens de ONE Conference 2024 aangekondigd dat het zich heeft aangesloten bij het samenwerkingsverband voor ransomwarebestrijding van het Openbaar Ministerie (OM), de politie, het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC), Cyberveilig Nederland en diverse private partijen.

Het ransomwarebestrijding samenwerkingsverband, genaamd ‘Melissa’, heeft als doel om Nederland een onaantrekkelijk doelwit te maken voor ransomwarecriminelen. Door het delen van cruciale dreigingsinformatie op basis van ESET telemetrie wil ESET het al bestaande samenwerkingsverband versterken met als doel publiek en private organisaties te laten reageren op dreigingen. De samenwerking heeft eerder al tot succesvolle operaties geleid, zoals operatie Genesis Market en Cactus.

ESET verzamelt live-informatie via naar eigen zeggen 100 miljoen endpoints, aangesloten op zijn beveiligingsnetwerk. Daarnaast heeft ESET onderzoekers in dienst die uitkijken voor de nieuwste dreigingen en organisaties waarschuwen. “Ransomware is een serieus probleem dat wereldwijd veel leed veroorzaakt en daarom de voortdurende aandacht van politie en Openbaar Ministerie eist,” zegt Esther Baars, landelijk officier van jusititie voor high tech cybercrime en mede initiatiefnemer van Melissa. “Project Melissa laat zien dat als overheidsorganisaties en private partijen de handen ineen slaan, we het verschil kunnen maken. Fantastisch nieuws dat ESET Melissa komt versterken.”

“Bij ESET zijn we ervan overtuigd dat samenwerking essentieel is om digitale dreigingen effectief te bestrijden,” zegt Dave Maasland, CEO bij ESET Nederland. “Onze deelname aan het Project Melissa is een belangrijke stap om Nederland veiliger te maken. Samen kunnen we de digitale weerbaarheid van onze samenleving versterken en een veilige digitale toekomst creëren voor iedereen.”

Schneider Electric, leider in de digitale transformatie van energiebeheer en automatisering, viert het 100-jarig bestaan van TeSys. Als uitvinder van de Tesys Contactoren wordt de industrie al een eeuw lang voorzien van innovatieve en vooruitstrevende motorbeveiliging, -bewaking en -regelingen.

Met de nieuwste TeSys-motorstarters gaan we een nieuw tijdperk in. Met de stijgende energierekeningen en koolstofemissies is het efficiënt en duurzaam beheren van elektromotoren van cruciaal belang voor het succes van fabrikanten en water- en afvalwaterbedrijven over de hele wereld. Bedrijven moeten de balans vinden tussen directe energiebehoeften en klimaatdoelen, en hebben daarbij baat bij digitalisering en voorspellend onderhoud om stilstand en kosten te beperken.

Schneider Electric biedt met TeSys-motorbesturingen een oplossing. Deze systemen bieden geavanceerde bescherming, eenvoudige integratie en real-time monitoring, wat energie-efficiëntie verhoogt en kosten verlaagt. Met een upgrade naar elektronisch beheer zet TeSys in op lagere koolstofemissies, verbeterd energiebeheer en minder stilstand.

Zowel de panelenbouwer, systeem integrator, machinebouwer en/of eindgebruiker hebben hier onder andere de volgende voordelen van. Ze kunnen nu:

  • Veel sneller programmeren dankzij voorgedefinieerde functieblokken die de operationele logica vereenvoudigen.
  • Eenvoudig testen met een test-modus, waarbij de motorstarters hun functie niet daadwerkelijk hoeven uit te voeren.
  • Wanneer nodig, gemakkelijker optimaliseren doordat motorstarters van een afstand benaderbaar zijn. Dit maakt reistijden buiten werktijd overbodig.
  • Datastromen eenvoudig inzichtelijk maken via een webgebaseerde interface die is geïntegreerd in de buskoppeling.
  • Sneller installeren op locatie, doordat de nieuwe motorstarters slechts één communicatiekabel gebruiken die direct op de PLC wordt aangesloten.

Snel kunnen reageren op een klantvraag en efficiënt samenwerken met een leverancier die de markt begrijpt; dat is voor partners essentieel. “Wat Odido de partners biedt, kom ik bij andere providers niet tegen.”

Henk Liebeek, Product Manager bij Claranet Benelux, vertelt dat Odido hun primaire leverancier van internetverbindingen is. “Ons bedrijf werkt al sinds de begindagen van het internet in de markt van online netwerken en communicatie. Odido groeide voor ons uit tot een one-stop-shop, omdat ze ons niet alleen hun eigen diensten, maar ook diensten van andere providers tegen gunstige tarieven aanbieden,” aldus Liebeek.

Preferred partner

Voor Claranet is Odido niet zomaar een dienstverlener. “Ze zijn onze preferred partner. Als wij vragen hebben, zijn ze altijd goed bereikbaar en de medewerkers aan hun kant begrijpen wat we willen en hebben verstand van de materie. Voor ons is het ook niet zomaar een verbinding, maar veelal een onderdeel van een grotere, regelmatig zelfs een internationale, oplossing. Hierdoor moet het ook kwalitatief een goede dienst zijn.”

Jana van Dam, Manager Wholesale Partners bij Odido Nederland, bevestigt deze benadering. “Hoe onorthodox of complex een verzoek van een partner of diens eindklant ook is, we zorgen ervoor dat het geregeld wordt. En dan vooral op een manier waarbij we de kwaliteit borgen.” Volgens Van Dam betekent dit niet alleen meedenken met de partners, maar ook zorgen voor snelle en efficiënte communicatie.

Binnen tien minuten een offerte

Een belangrijke rol bij het contact tussen Odido en haar partners speelt het digitale platform SPOT. Liebeek geeft aan: “Dankzij SPOT kunnen we snel invulling geven aan offertes van onze klanten. Onze medewerkers loggen in en krijgen op basis van de combinatie van postcode en huisnummer van de klant direct een prijsopgave. Hierdoor kunnen we vaak al binnen tien minuten de vraag van de klant beantwoorden.” Zo’n efficiënt systeem komt Liebeek bij andere providers nauwelijks tegen.

Van Dam benadrukt echter dat de digitalisering het persoonlijke contact niet vervangt. “Ons doel is om via SPOT meer functionaliteiten aan te bieden, zoals het aanmaken van incidenten, uitvoeren van port-checks, bekijken van leveringsstatussen, en zelfs het lezen van nieuwsberichten,” zegt ze. Toch blijft persoonlijk contact de basis. “We willen een omgeving creëren waar partners alle noodzakelijke documentatie kunnen vinden, maar altijd met de zekerheid dat er persoonlijk contact mogelijk is.”

API’s als verbindende kracht

Naast SPOT biedt Odido partners ook geavanceerde API’s om hun dienstverlening te verbeteren. Job Bellekom, directeur bij Spaux en al meer dan 15 jaar actief als ICT-dienstverlener, ziet dit als een grote meerwaarde. “Odido heeft een duidelijke visie waar zij naartoe willen, en dat komt overeen met onze visie. Ze denken vanuit de behoeften van de partners en hun eindklanten, en analyseren hoe API’s daarbij kunnen helpen.” Hierdoor kan Spaux haar portfolio beter afstemmen op de wensen van eindklanten.

Peter Gijzenberg, Head of Partnersales en IoT bij Odido Nederland, licht toe: “Met ruim 500 partners werken we heel nauw samen. Elk partner heeft daarbij zijn eigen expertise. Door te automatiseren en digitaliseren kunnen we deze samenwerking efficiënter maken en eindklanten beter bedienen.”

Via API’s kunnen partners direct met Odido’s systemen koppelen en hun klanten zelfstandig beheren, van orderverwerking tot facturatie. Bellekom voegt toe: “De API’s geven ons de mogelijkheid om een uniforme omgeving te creëren waarin alles samenkomt. Dit brengt rust, professionaliteit en efficiëntie.”

Blije eindklanten dankzij automatisering

De automatisering zorgt ervoor dat partners hun klanten efficiënter kunnen bedienen en hen uniform kunnen informeren over bijvoorbeeld ordervoortgang. Bellekom geeft aan dat het werk hierdoor makkelijker wordt: “Voorheen moesten we elke klant persoonlijk informeren over de voortgang van een project. Nu kunnen we dit geautomatiseerd doen, waardoor we meer tijd hebben voor de klantrelatie.” Dit menselijk contact blijft volgens hem essentieel om echt waarde toe te voegen.

Gijzenberg beaamt dit en benadrukt dat de kern van Odido’s aanpak persoonlijk contact is. “Automatisering en digitalisering zijn belangrijke tools in de samenwerking tussen leverancier en partner. Ze verminderen de bureaucratie, maar de kern blijft persoonlijk contact. We willen de moderne techniek de mens laten helpen.”

Samen groeien

Digitalisering en automatisering zorgen ervoor dat Odido beter kan inspelen op de behoeften van de partners en hun eindklanten. “Daarnaast brengen we vrijheid en eigen verantwoordelijkheid naar de partners,” zegt Gijzenberg. Odido ziet in de afgelopen tijd veel nieuwe partners die kiezen voor een win-win partnership met Odido. Gijzenberg zegt daarover: “Ik ben blij dat partners zien dat er ruimte in de markt is voor een echt partnership waarbij partners in staat zijn om naar eigen inzicht te kunnen ondernemen.