Negen procent van de finance professionals rapporteert binnen hun organisatie op dit moment de financiële data real-time. Dit is een stap terug ten opzichte van vorig jaar toen nog veertien procent dit aangaf. Zo blijkt uit de FinTech Barometer, een onderzoek naar de financiële status bij Nederlandse bedrijven dat de afgelopen zes jaar door Onguard is uitgevoerd.

De grootste uitdaging om over te stappen op real-time rapportages is dat de organisatiestructuur hiervoor aangepast moet worden, blijkt uit het onderzoek. Dat is momenteel voor 26 procent van de organisaties het geval.

Ook in eerdere jaren vormde dit het belangrijkste struikelblok. Zo gaf in 2022 een soortgelijk percentage (23%) dit aan. In 2020 was er echter een grotere uitdaging om op real-time rapportages over te gaan. Toen stelde ruim een op de drie finance professionals (36%) dat de systemen bijgewerkt moesten worden voor real-time rapportage.

Aantal datagedreven organisaties neemt af

Het percentage dat aangeeft momenteel een datagedreven organisatie te zijn, is sinds 2020 niet toegenomen. Toen gaf 24 procent dit aan. In 2021 steeg dit iets naar 26 procent, maar inmiddels kan slechts 22 procent zeggen dat ze volledig datagedreven zijn. De bedrijven die het idee hebben hun data nog niet optimaal in te zetten, stijgt alleen maar. Waar dat in 2021 nog 23 procent was, gaat dat inmiddels om 30 procent van de bedrijven.

De Dutch Datacenter Association (DDA) en Digital Realty hebben onderzoek gedaan naar de werkgelegenheid in de datacenterbranche. Het onderzoek, dat eerder werd uitgevoerd in 2019 en 2021, geeft een goed beeld van de huidige ontwikkel- en carrièremogelijkheden binnen de industrie. 

Uit het onderzoek blijkt dat steeds meer datacenters flexibele werkmogelijkheden aanbieden. In 2019 was flexibel werken in 20 procent van de datacenters mogelijk, en dit jaar kan dit al bij 42 procent van de locaties. Uit het onderzoek is daarnaast ook gebleken dat er in de afgelopen jaren meer vrouwen in de datacentersector zijn gaan werken. Er is sprake van een lichte stijging in vergelijking met 2021 van 2,5 procent naar 3 procent voor technische functies en van 8,4 procent naar 11,7 procent voor niet-technische functies.

Verder geeft een op de vier datacenters vrouwen voorrang bij gelijke geschiktheid en neemt ook een op de vier datacenters deel aan speciale events om vrouwen te enthousiasmeren voor een baan binnen de datacenterindustrie. Met deze (lichte) stijging hoopt de branche ook andere IT-sectoren te inspireren.

Het aantal openstaande vacatures is in vergelijking met voorgaande jaren gestegen. Het aantal lag in 2021 op 600 vacatures, en is inmiddels gestegen naar 650 openstaande vacatures. De afgelopen maanden zijn voor alle industrieën lastig geweest om geschikte kandidaten te vinden voor vacatures, zo ook voor de datacenterindustrie.

De sector verwacht dat de werkgelegenheid de komende vijf jaar met gemiddeld 7 procent per jaar toeneemt. Dat moet leiden tot een totaal van bijna 2.800 extra vervulde banen in 2028.

Melissa Scholten, Senior Communicatie Manager bij Digital Realty: “Met initiatieven als Girls Day probeert Digital Realty vrouwen en meiden te inspireren en enthousiast te maken voor een baan in de datacenterindustrie. Het is daarnaast ook goed om te zien dat er een groei in flexibele werkmogelijkheden zit. Hierdoor wordt het ook voor een bredere doelgroep interessant om een baan in de datacenterindustrie te overwegen, onder andere gezien de mogelijkheid voor thuiswerken. Al met al dragen deze ontwikkelingen bij aan een inclusievere werkplek, iets dat wij bij Digital Realty aanmoedigen.”

Het rapport en andere resultaten zijn hier te lezen.

Hewlett Packard Enterprise kondigt de lancering aan van de Aruba Instant On AP22D, een Wi-Fi 6 access point, en de Aruba Instant On 1960 stackable switch met 2,5Gb poortcapaciteit. De producten ondersteunen midden- en kleinbedrijven (mkb) bij het optimaliseren van de netwerkprestaties.

De combinatie van het Aruba Instant On AP22D access point en de Aruba Instant On 1960 stackable switch zijn volgens Hewlett Packard Enterprise ij uitstek geschikt voor mkb’ers met toenemende data-eisen en een groeiend aantal apparaten die verbinding maken met het netwerk.

Aruba Instant On AP22D Wi-Fi 6 access point kan effectief meerdere connecties tegelijkertijd beheren op de hoogst mogelijke snelheid. Ook kunnen meer apparaten toegang krijgen tot het netwerk zonder bottlenecks of prestatieverlies.

Aruba Instant On 1960 stackable switch met 2,5Gb poortcapaciteit helpt bij het eenvoudig uitbreiden van het netwerk naarmate de organisatie groeit. Met de mogelijkheid om meerdere switches te stapelen, kunnen klanten meer poorten en capaciteit toevoegen zonder veel extra investeringen.

“Het mkb is op zoek naar een betaalbaar en high-performance netwerk met cloud agility dat makkelijk in gebruik is om hun netwerken, samen met hun bedrijven, uit te breiden,” zegt Amol Mitra, vice president en general manager, HPE Aruba Networking global small and medium business. “HPE Aruba Networking maakt het inzetten en beheer van netwerken eenvoudiger via een gebruiksvriendelijke mobiele app dat een simpel, slim en veilig aanbod levert voor mkb-klanten.”

De Aruba Instant On 1960 multi-gigabit stackable switch is beschikbaar vanaf de periode augustus-oktober 2023. De Aruba Instant On AP22D is vanaf die periode ook leverbaar.

Copaco is per 1 september gestart met de distributie van Linksys-producten. Het portfolio bestaat uit wifi-mesh-oplossingen, routers, access points en switches voor thuisgebruik en kleine bedrijven. Via Copaco is het complete assortiment beschikbaar voor alle partners in de Benelux.

Copaco en Linksys gaan, naast de distributie van de consumentenproducten, samen de mkb-markt voor Linksys ontwikkelen. “Door de toenemende vraag naar kwalitatieve netwerkproducten en de noodzaak om het netwerk steeds beter te beveiligen, is Linksys een mooie aanvulling op ons huidige portfolio. De kennis en kunde van moederbedrijf Fortinet laat zich gelden in de nieuwe producten van Linksys. Daarnaast is het voor partners goed zakendoen met Linksys.”, aldus Marc Maas, Manager Business Development bij Copaco.

Met distributie-uitbreiding via Copaco wordt het voor bestaande, maar zeker ook nieuwe partners nog makkelijker om zaken te doen met Linksys. Louise Hunter, Key Accountmanager Europe bij Linksys: “Met Copaco krijgen we toegang tot vele nieuwe partners voor onze consumenten- en zakelijke netwerkproducten in de Benelux. De ervaring en betrouwbaarheid van Copaco geven ons veel vertrouwen voor de toekomst.”

In 2021 zijn ruim 6000 Nederlandse bedrijven slachtoffer geworden van ransomware. Dat  meldt het Centraal Bureau voor Statistiek in de Cybersecuritymonitor 2022. Ongeveer twee derde van de slachtoffers bestond uit zzp’ers, die in vrijwel alle gevallen niet hebben betaald.

Het CBS concludeert verder dat ongeveer 4 procent van alle bedrijven met meer dan 250 werknemers in 2021 het slachtoffer is geworden van met een ransomware-aanval. 4% van zou de hackers ook hebben betaald. In de categorie bedrijven met 2 tot 10 werknemers wordt relatief het vaakst ransomware-losgeld betaald; 14 procent van de slachtoffers betaalt de hackers.

Bij een ransomware-aanval schakelen 2 van de vijf bedrijven een gespecialiseerd bedrijf in. Opmerkelijk genoeg vraagt volgens het CBS slechts 13 procent om hulp van de politie.

Het CBS benadrukt verder dat cybercriminelen niet altijd de gegevens vrijgeven. In meer dan de helft van de gevallen werden de data na betaling niet of slechts gedeeltelijk vrijgegeven.

In vergelijking met 2020 is het aantal ransomware-aanvallen overigens wel afgenomen.

Dirk Stuip is per 1 augustus gestart als CEO bij Unexus Contact Solutions.

Dirk Stuip werkte eerder onder andere bij Teleperformance en Coníche. De afgelopen jaren bekleedde hij directieposities bij CX Company, totdat deze in 2020 opging in CM.com, waar hij zijn carrière vervolgde als M&A Integrations Lead.

De rol van CEO bij Unexus is volgens het bedrijf ontstaan om de doorlopende groei van de organisatie te borgen en verder vorm te geven. Stuip: “Unexus heeft een zeer mooi product en daardoor veel potentie. Met mijn ervaring denk ik bij te kunnen dragen aan het verder versterken van de organisatie, om zo de groei in goede banen te leiden.”

Unexus levert al 12,5 jaar een communicatieplatform dat telefonie-, webchat-, social media, e-mail- en WhatsApp routeert.

IBM lanceert een nieuwe tool waarmee bedrijven de uitstoot van broeikasgassen (BKG) door clouddiensten kunnen volgen en hun duurzaamheidsprestaties kunnen verbeteren.

De IBM Cloud Carbon Calculator is een op AI gebaseerd dashboard dat inzage geeft in de emissiegegevens van verschillende IBM Cloud workloads, zoals AI, high performance computing (HPC) en financiële diensten. De tool is vanaf nu beschikbaar.

Volgens een recent onderzoek van IBM wijst 42% van de ondervraagde CEO’s milieuduurzaamheid aan als hun grootste uitdaging voor de komende drie jaar. Tegelijkertijd meldt het onderzoek dat CEO’s onder druk staan om generatieve AI te implementeren en tegelijkertijd het beheer van data moeten afwegen om die AI succesvol te maken. De toename in dataverwerking die nodig is voor AI workloads brengt nieuwe uitdagingen met zich mee voor organisaties die hun broeikasgasemissies willen verlagen.

Om klanten te helpen deze uitdagingen het hoofd te bieden, is de IBM Cloud Carbon Calculator ontworpen om snel patronen, afwijkingen en uitschieters in data op te sporen die mogelijk geassocieerd worden met een hogere uitstoot van broeikasgassen.

Alan Peacock, General Manager, IBM Cloud. “Voor IBM is het verminderen van de impact op het milieu, om een duurzamere toekomst te creëren, een topprioriteit. Daarom zetten we ons in om klanten te helpen met zowel hun duurzaamheids- als bedrijfsdoelen. Met de op AI-gebaseerde IBM Cloud Carbon Calculator krijgen klanten een beter inzicht in de broeikasgasemissies die gepaard gaan met hun IT-workloads en geven we ze inzichten om hun strategieën aan te passen om hun duurzaamheidsdoelstellingen te behalen.”

36 procent van alle Nederlandse organisaties maakt zich weleens zorgen over de impact van kunstmatige intelligentie op hun bedrijfstak. Dit blijkt uit onderzoek van Linden-IT onder 1.088 Nederlandse HR-verantwoordelijken.

Deze bezorgdheid lijkt geen reden om kunstmatige intelligentie van de werkvloer te weren, want drie op de tien Nederlandse bedrijven integreren momenteel AI actief in hun dagelijkse werkzaamheden.

Vooral organisaties in de IT-sector (44 procent), financiële sector en het onderwijs (beide 43 procent) maken zich zorgen over de invloed van kunstmatige intelligentie op hun werk. “Organisaties in deze sectoren werken veel met computers en technische systemen”, aldus Gerbert-Jan Valk van Linden-IT. “Hierdoor zullen zij de technologische ontwikkelingen moeten bijhouden. Hoewel ik me kan voorstellen dat bedrijven dit spannend vinden, is het slim om de technologie voor je te laten werken. Uiteindelijk kun je met behulp van AI veel herhalende processen makkelijker maken en relevante data verzamelen. Vervolgens kun je met die informatie de productiviteit, efficiëntie en klanttevredenheid van je organisatie verhogen.”

Arbeidskrapte

Ondanks de zorgen denken veel bedrijven dat kunstmatige intelligentie op sommige afdelingen ook soelaas kan bieden. Zo ziet maar liefst veertig procent van de ondervraagde HR-professionals AI als een mogelijke oplossing voor de arbeidskrapte in hun branche. In de financiële- en IT-sector bedragen deze percentages zelfs 58 en 51 procent. Deze oplossing kan mogelijk ook doorslaan: maar liefst een kwart van alle respondenten denkt dat AI in de toekomst een groot deel van de banen zal vervangen.

Wederom is deze verwachting in de financiële sector (37 procent) en in de IT-sector (32 procent) het hoogst. Valk: “AI kan simpele en repeterende taken van mensen overnemen. Hierdoor heeft je personeel meer tijd voor complexere vraagstukken, wat hun werk leuker en uitdagender maakt. Toch ben ik ervan overtuigd dat ze in de toekomst niet zonder elkaar kunnen. AI is een handig hulpmiddel, maar werkt alleen dankzij de input van de mens.”

Kennis

Niet iedereen lijkt Artificial Intelligence te vrezen of te omarmen. Zo blijkt uit het onderzoek dat nog altijd een derde van alle organisaties weinig mogelijkheden ziet waarop ze de technologie kunnen integreren in hun werkzaamheden. Het gebrek aan knowhow hierover is het grootst in de zorgsector (41 procent) en het onderwijs (42 procent).

Fujitsu en Deep Instinct slaan de handen ineen en lanceren een anti-ransomwaredienst. Volgens de beide bedrijven worden geavanceerde bedreigingen – bekend en onbekend – dankzi j Ransomware Prevention for Endpoints (RPE) in minder dan twintig milliseconden onschadelijk gemaakt.

Fujitsu en Deep Instinct willen met deze samenwerking ‘een nieuwe gouden standaard instellen’. Huidige Endpoint Detection and Response (EDR)-tools werken op basis van reactie en mitigatie en laten onbekende/de nieuwste malware soms door. Door juist in te zetten op preventie van malware-aanvallen, zorgt dit volgens Fujitsu en Deep Instinct voor rust in beveiligingsteams.

Jeroen Bouma, TETC Senior Technical Consultant Fujitsu Nederland: “Ondanks dat veel bedrijven denken dat ze beveiligd zijn tegen aanvallen met ransomware, ondervindt het bedrijfsleven er nog altijd veel hinder van. Dit komt voornamelijk door een combinatie van snelheid en het uitbuiten van zero-day kwetsbaarheden door ransomware. Dankzij deep learning verleggen we samen met Deep Instinct de focus van organisaties: van reageren op cyberaanvallen, naar het voorkomen daarvan.”

De gemiddelde kosten van een datalek in 2023 liep wereldwijd op tot 4,45 miljoen dollar. Dit is een record, en een stijging van 15% vergeleken met de afgelopen drie jaar. Dat blijkt uit het jaarlijkse ‘Cost of a Data Breach’ van IBM Security.

De kosten voor detectie en opschalen stegen tijdens dezelfde periode met 42% en vertegenwoordigen het grootste deel van de totale kosten voor inbreuken.

Het onderzoek toont ook dat bedrijven verdeeld zijn over hoe ze van plan zijn om te gaan met de toenemende kosten en frequentie van datalekken. Zo blijkt dat, ondanks het feit dat 95% van de onderzochte organisaties meerdere malen te maken heeft gehad met een datalek, de kans groter is dat ze de kosten van het incident doorberekenen aan consumenten (57%) dan dat ze hun investeringen in beveiliging verhogen (51%).

Slachtoffers van ransomware die de politie inschakelden bij het onderzoek, bespaarden $470.000 op de gemiddelde kosten van een inbreuk in vergelijking met de slachtoffers die hier niet voor kiezen. Ondanks deze potentiële besparingen schakelde 37% van de onderzochte ransomware-slachtoffers de politie niet in bij een ransomware-aanval.

Slechts één derde van de onderzochte datalekken werd ontdekt door het securityteam van de organisatie zelf, terwijl 27% werd bekendgemaakt door cybercriminelen. Datalekken die door cybercriminelen worden onthuld, kosten gemiddeld $1 miljoen meer dan lekken die door organisaties zelf worden ontdekt.

Organisaties die AI en automatisering inzetten in hun beveiliging, verkorten de levenscyclus van datalekken gemiddeld met 108 dagen. Bovendien zijn de kosten van incidenten aanzienlijk lager dan bij organisaties die deze technologieën niet gebruiken. Onderzochte organisaties die AI en automatisering voor beveiliging implementeerden, hadden gemiddeld bijna $1,8 miljoen dollar minder kosten voor datalekken. Dit was de grootste kostenbesparing die in het rapport werd geïdentificeerd.

Tegelijkertijd hebben aanvallers de gemiddelde tijd om een ransomware-aanval te voltooien verkort. Met bijna 40% van de onderzochte organisaties die nog geen gebruik maken van AI en automatisering voor beveiliging, zijn er nog steeds aanzienlijke mogelijkheden voor organisaties om de detectie- en respons snelheid te verhogen.

Bedreigingsdetectie en -respons boekten vooruitgang, blijkt uit de Threat Intelligence Index 2023 van IBM. Vorig jaar slaagden slachtoffers erin een groter deel van de ransomware-aanvallen te stoppen. Ondanks deze progressie weten cybercriminelen nog steeds manieren te vinden om door de verdediging van organisaties te glippen. Uit het onderzoek bleek dat slechts één op de drie onderzochte inbreuken werd ontdekt door interne securityteams of -tools van de organisatie, terwijl 27% van dergelijke inbreuken bekend werd gemaakt door cybercriminelen. 40% werd ontdekt door neutrale derde partijen, zoals de politie.