In 1999 veroverde de hond Aibo de wereld. Nu was Aibo geen gewone hond, maar een digitaal schepsel van Sony. Aibo is Japans voor ‘vriend’ of ‘partner’, en veel eigenaren, waaronder een marketingmanager van Tech Data, maakten er begin deze eeuw de blits mee.

Veel kon de hond niet, en die hele digitale hondenhype was ik eerlijk gezegd vergeten. Maar tijdens het Mobile World Congres in Barcelona waren ze toch ineens weer redelijk aanwezig.

Dat is wellicht niet zo gek, gezien de ‘intelligentie’ die fabrikanten inmiddels inbouwen in robotmaaiers en -stofzuigers. Zo werd ik eerder dit jaar uitgenodigd door de Chinese fabrikant Dreame, die dergelijke huishoudelijke ondersteuning in digitale uitvoering bouwt. Een Siri-achtige interface zorgt voor communicatie met de stofzuiger (waardoor het ding waarschijnlijk beter luistert dan de gemiddelde ‘traditionele’ hond). De robotmaaier weet tuinslangen en egels succesvol te omzeilen. En niet alleen dat: de apparaten houden hun omgeving goed in de gaten en dienen zo ook als bewakingssysteem. Ben je niet thuis, dan is op de smartphone het huis en de omgeving in de gaten te houden.

Als je dan als IT-journalist een dergelijke device bezig ziet, dan komt toch de vraag op hoe de security geregeld is bij de communicatie tussen gebruikers enerzijds en digitale robot, hond of grasmaaier anderzijds. Ofwel: wie beveiligt de beveiliger? Waar worden die video’s en spraakopnames opgeslagen? Een simpele vraag met een wat onduidelijk antwoord in het geval van de woordvoerder van Dreame: “Niet bij ons, maar op servers die we gebruiken,” meldt hij. De overdracht geschiedt end-to-end versleuteld.

Wie beveiligt de beveiliger?

Die geruststelling klinkt mooi, maar in een wereld waar AI-systemen constant ‘bijleren’ en datasets steeds verder groeien, blijft de vraag: wie heeft echt toegang? Hoe krijgen de apparaten beveiligingsupdates (als ze die al krijgen) en hoe lastig is het om toegang te krijgen tot de stofzuiger in een directieruimte, zodat gesprekken kunnen worden afgeluisterd?

In verschillende kranten verschijnt dagelijks de strip Single. De laatste weken gaan de afleveringen regelmatig over een personage dat een robotstofzuiger in huis haalde, er tegen praat, er min of meer verliefd op wordt, maar het ding ook teleurgesteld van diefstal beschuldigt na het opzuigen van een gouden ring.

Ze zijn niet te vertrouwen, die digitale vrienden.

Mels Dees is ICT-journalist en schrijft al meer dan 20 jaar over trends en ontwikkelingen in onze branche.

De digitaliserende economie kent geen grenzen – en dat geldt ook voor de datacentermarkt. Steeds meer organisaties uit onze sector breiden hun activiteiten uit naar buurlanden, waaronder België. Om die ontwikkeling kracht bij te zetten, organiseert de Belgian Digital Infrastructure Association (BDIA) op 12 en 13 mei 2025 voor de tweede keer LevelX.

LevelX is het zuster-evenement van Kickstart Europe en volgt dezelfde formule: een combinatie van strategische keynotes, paneldiscussies, marktanalyse en volop netwerkmogelijkheden. De conferentie brengt beleidsmakers, investeerders, operators, technologiepartners en andere sleutelspelers uit de datacenter- en cloudsector samen, met als doel kennisdeling en marktverbreding.

“Voor Nederlandse partijen biedt LevelX een unieke kans om de Belgische markt beter te leren kennen, relevante contacten op te doen en strategische inzichten te verkrijgen over deze groeiende regio”, zo laat de Dutch Data Center Association weten.

Partners van de Dutch Data Center Association (DDA) krijgen 50% korting op hun toegangsticket voor LevelX. Neem voor meer infornatie contact op met de DDA via info@dutchdatacenters.nl.

 

Het Britse Serious Fraud Office (SFO) is een strafrechtelijk onderzoek gestart naar mogelijke corruptie bij de ontwikkeling van een datacenter in Nederland, dat in verband wordt gebracht met technologiebedrijf Microsoft.

In het kader van het onderzoek zijn vijf locaties, waaronder vier woningen in het Verenigd Koninkrijk en één pand in Monaco, doorzocht. Daarbij zijn drie personen aangehouden.

Het onderzoek richt zich op mogelijke betalingen van meer dan drie miljoen pond door medewerkers van het Britse aannemersbedrijf Blu-3 aan voormalig personeel van Mace Group, een internationaal opererend bouwbedrijf. De vermeende betalingen zouden verband houden met werkzaamheden aan het Nederlandse datacenter.

In totaal waren meer dan zeventig medewerkers van het SFO betrokken bij de invallen. De autoriteit benadrukt dat corruptie ernstige schade toebrengt aan de reputatie van Britse bedrijven en de integriteit van het economische systeem.

Reacties van de betrokken partijen blijven vooralsnog uit. Blu-3 en Microsoft hebben geen verklaring afgegeven. Mace Group heeft aangegeven volledig mee te werken aan het onderzoek en benadrukt de ernst van de beschuldigingen.

De gemeente Hollands Kroon, waar de betreffende datacenters gevestigd zijn, onthoudt zich van commentaar. Microsoft opende daar in 2013 zijn eerste faciliteit, waar inmiddels circa 450 mensen werkzaam zijn.

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) start een programma waarbij duizenden gebruikte laptops uit overheidsdienst een tweede leven krijgen. De apparaten, die afkomstig zijn van ambtenaren en circa vier tot vijf jaar oud zijn, worden eerst professioneel opgeschoond en gereviseerd voordat ze worden verspreid onder mensen met beperkte financiële middelen.

De uitvoering van het project ligt in handen van Stichting Allemaal Digitaal, die verantwoordelijk is voor zowel de technische opknapbeurt als de distributie. De laptops worden via maatschappelijke en charitatieve organisaties aangeboden aan mensen die anders moeilijk toegang hebben tot digitale diensten.

Met het initiatief wil het ministerie bijdragen aan gelijke kansen binnen de digitale samenleving. Daarnaast wordt nadrukkelijk ingezet op duurzaamheid: hergebruik van apparatuur vermindert de vraag naar nieuwe grondstoffen en sluit aan bij de bredere milieudoelstellingen van de rijksoverheid.

De herverdeelde apparaten worden beschikbaar gesteld aan instellingen die zich inzetten voor digitale inclusie op lokaal en nationaal niveau. Deze organisaties beschikken vaak over aanvullende middelen om kwetsbare doelgroepen te ondersteunen.

Onderzoek van Ricoh Europa rangschikt Nederland als derde meest productieve beroepsbevolking van Europa. Tegelijkertijd blijkt dat slechts één op de drie (32%) zich uitgerust voelt met de noodzakelijke technologie voor naadloze samenwerking.

88% van de Nederlandse werknemers geeft aan dat ze productief werken. Dit percentage ligt hoger dan dat in Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Wel blijft ons land 4% achter op koploper Spanje.

Verouderde technologie wordt genoemd als een belangrijke rem op de productiviteit van werknemers. Nederlandse werknemers vragen om betere werkplektechnologie. Op de vraag wat hun productiviteit nog verder zou verbeteren, wijst bijna de helft (40%) van hen op betere software voor documentbeheer, waarmee gebruikers samen aan een digitaal document kunnen werken.

De hoge productiviteit die de Nederlandse respondenten ervaren, wordt weerspiegeld in de sterke economie van ons land. Nederland staat met 48.900 euro nog altijd op de derde plaats in de EU qua bbp per hoofd van de bevolking. Dit is ruim boven het EU-gemiddelde (37.600 euro).

 Ranglijst: ervaren productiviteit op het werk

  1. Spanje
  2. Italië
  3. Nederland
  4. Frankrijk
  5. Duitsland
  6. Verenigd Koninkrijk en Ierland

Netwerk- en beveiligingsbedrijf Cisco gaat met ServiceNow, het AI-platform voor bedrijfstransformatie, een samenwerking aan om de AI-adoptie in bedrijven te versnellen en eenvoudiger te beveiligen.

Als eerste integratie zal Cisco zijn security-oplossing AI Defense koppelen met ServiceNow SecOps. Dat moet klanten volgens beide bedrijven een meer holistische benadering garanderen voor het beheer van AI-risico’s. Cisco AI Defense identificeert AI-bedreigingen en -kwetsbaarheden, terwijl ServiceNow met SecOps workflows organiseert en automatisering mogelijk maakt.

De eerste trials starten binnenkort. Cisco en ServiceNow verwachten dat hun respectievelijke klanten in de tweede helft van het kalenderjaar 2025 van deze integratie zullen kunnen profiteren.

Later in 2025 staan nog andere aanvullende integraties van Cisco en ServiceNow gepland.

Cybercriminelen maken steeds vaker gebruik van AI om munt te slaan uit recent ontdekte kwetsbaarheden. Dat blijkt uit het 2025 Global Threat Landscape Report van Fortinet. Deze nieuwe editie van het jaarlijkse rapport biedt een momentopname van het bedreigingslandschap en trends, gesignaleerd door FortiGuard labs.

Het aantal actieve scans bereikte in 2024 een ongekende hoogte, wereldwijd was er sprake van een stijging van 16,7% ten opzichte van het jaar daarvoor. Dit wijst op een geavanceerde en grootschalige verzameling van informatie over kwetsbaarheden binnen digitale infrastructuren. FortiGuard Labs observeerde miljarden scans per maand, wat neerkomt op 36.000 scans per seconde.

Cybercriminelen scherpen duidelijk hun focus aan op het in kaart brengen van kwetsbaarheden in het Session Initiation Protocol (SIP), het Remote Desktop Protocol (RDP) en OT/IoT-protocollen zoals Modbus TCP.

Er circuleren niet alleen zero day kwetsbaarheden op het dark web. Het aanbod van initial access brokers (makelaars in toegangspunten voor bedrijfsnetwerken) omvat steeds vaker gestolen aanmeldingsgegevens van bedrijven (20%), RDP-toegang (19%), toegang tot beheerpanelen (13%) en toegang web shells, oftewel interfaces die toegang op afstand tot webservers bieden (12%).

FortiGuard Labs observeerde vorig jaar ook een toename met 500% van het aantal aangeboden logbestanden van systemen die met infostealer-malware waren besmet. Er werden 1,7 miljard gestolen aanmeldingsgegevens via deze forums van de criminele onderwereld gedeeld.

Cybercriminelen maken gebruik van AI om hun phishing-mails realistischer te laten lijken. Ze omzeilen traditionele beveiligingsmechanismen en maken hun cyberaanvallen effectiever en lastiger te detecteren. Tools als FraudGPT, BlackmailerV3 en ElevenLabs dragen bij aan schaalbaarder, geloofwaardiger en effectievere phishing-campagnes. In tegenstelling tot publiekelijk toegankelijke tools zijn er geen ethische beperkingen aan verbonden.

Sectoren als de maakindustrie, gezondheidszorg en financiële dienstverlening blijven kampen met een forse toename van het aantal gerichte aanvallen op sectorspecifieke kwetsbaarheden. Favoriete doelwitten in 2024 waren de maakindustrie (17%), zakelijke dienstverlening (11%), de bouwsector (9%) en de retailsector (9%). Zowel staatshackers als exploitanten van Ransomware-as-a-Service (RaaS) richtten hun pijlen op deze verticale markten. De Verenigde Staten kreeg het daarbij het hardst te verduren (61%), gevolgd door het Verenigd Koninkrijk (6%) en Canada (5%).

Cloudomgevingen blijven een gewild doelwit. Cybercriminelen maken misbruik van hardnekkige kwetsbaarheden zoals open storage buckets, identiteiten met te veel rechten en verkeerd geconfigureerde IT-services. Bij 70% van alle geobserveerde incidenten meldden de aanvallers zich aan op netwerken vanuit een ongebruikelijke geografische regio. Daarmee blijkt dat er voor de beveiliging van de cloud een cruciale rol is weggelegd voor identiteitsmonitoring.

“Als ons nieuwe Global Threat Landscape Report íets duidelijk maakt, is het wel dat cybercriminelen hun inspanningen opvoeren en een beroep op AI en automatisering doen om met ongekende snelheid en op ongekende schaal te kunnen opereren”, zegt Derek Manky, chief security strategist en global vice president Threat Intelligence bij FortiGuard Labs, de onderzoeksdivisie van Fortinet.

“Het traditionele draaiboek van beveiligingsprofessionals is niet langer toereikend. Organisaties moeten overstappen op een proactieve verdedigingsstrategie die gebruikmaakt van de nieuwste bedreigingsinformatie en wordt ondersteund door AI, zero trust en voortdurend beheer van het aanvalsoppervlak. Dit is nodig om het snel veranderende bedreigingslandschap de baas blijven.”

Download een exemplaar van het 2025 Global Threat Landscape Report.

NorthC, een vooraanstaand regionaal datacenterbedrijf in Noordwest-Europa, heeft een overeenkomst gesloten voor de overname van zes datacenters van Colt Technology Services Group Limited (Colt) in Nederland en Duitsland.

Het gaat om datacenters in de metropoolregio’s Frankfurt, Berlijn, Hamburg, München, Düsseldorf en Amsterdam, met een gezamenlijk vermogen van ruim 25MW. Als onderdeel van deze overeenkomst hebben Colt en NorthC een partnerovereenkomst voor de lange termijn gesloten, waarbij Colt een belangrijke klant blijft in de datacenters die overgenomen worden door NorthC.

Met deze overname breidt NorthC haar dienstverlening in de Benelux en de DACH-regio verder uit en bereikt ze hiermee een landelijke dekking in Duitsland. Daarnaast wordt de datacentercapaciteit in Amsterdam, een van de belangrijkste marktgebieden van NorthC, aanzienlijk vergroot.

Alexandra Schless, CEO NorthC Group: “Dit is een belangrijke volgende mijlpaal in ons streven om het leidende platform van regionale datacenters in Noordwest-Europa te worden. Duitsland, de grootste economie van Europa, is een belangrijke strategische markt voor ons. Met deze overname versterken we onze aanwezigheid in belangrijke economische regio’s in Duitsland, wat zal zorgen voor verdere groei en nieuwe kansen. We zijn tevens blij om ons partnership verder te intensiveren met Colt, als één van de belangrijkste netwerkproviders binnen het rijke connectiviteitsecosysteem van elk datacenter.”

Keri Gilder, CEO van Colt Technology Services, zegt: “Voor Colt stelt deze verkoop ons in staat om ons te richten op het versterken van onze kernactiviteiten in strategisch belangrijke gebieden, het stimuleren van groei, het leveren van een uitstekende klantervaring en het bouwen aan duurzame digitale infrastructuur.”

Nederlandse organisaties zijn slecht voorbereid op de komst van de Data Act, de Europese wet die data-uitwisseling binnen de EU moet verbeteren. Slechts een op de zes organisaties (17%) heeft de interne processen al aangepast aan de nieuwe regelgeving. Dit blijkt uit onderzoek van IT-dienstverlener SureSync, onderdeel van Visma.

Terwijl de wet op 12 september 2025 al van kracht wordt, weet veertig procent van de leidinggevenden niet wat de Data Act inhoudt. Driekwart van de leidinggevenden (73%) is ook niet op de hoogte van welke veranderingen noodzakelijk zijn voordat de wet van start gaat. Een mogelijke verklaring voor deze achterstand is dat Nederlandse organisaties bij de implementatie van een nieuwe wetgeving rondom datadeling tegen verschillende uitdagingen aanlopen.

Zo wordt een gebrek aan kennis over de uitvoering in 28 procent van de gevallen genoemd als struikelblok. Daarnaast vormt de afwezigheid van een universeel format voor het vastleggen van data voor een op de vijf organisaties (22%) een obstakel.

Hoewel er nog veel werk aan de winkel is om vóór september alle voorbereidingen af te ronden, is een deel van de Nederlandse organisaties (37%) gelukkig al begonnen met een uitgebreide impactanalyse om de gevolgen van de nieuwe wet te onderzoeken. Daarnaast heeft 38 procent van de organisaties de implementatie van alle wijzigingen voor de Data Act binnen een jaar op de planning staan.

Sander Odijk, Managing Director van SureSync: “De Data Act is meer dan een verplichting – het levert organisaties ook veel op: minder werkdruk, besparing van tijd en budget, en uiteindelijk een aanzienlijk concurrentievoordeel. Daarom adviseer ik organisaties om zo snel mogelijk hun kennis op peil te brengen. Doe dit niet alleen om compliant te zijn, maar ook voor de toekomst van jouw organisatie. Als je dat vanaf het begin goed en gestructureerd aanpakt, ondervind je daar later veel voordeel van.”

De Europese Commissie heeft afgelopen woensdag haar ambitieuze ‘AI Continent Action Plan’ onthuld, waarmee het continent zich wil positioneren als wereldleider op het gebied van kunstmatige intelligentie. Met dit nieuwe offensief hoopt Brussel de kloof met technologische grootmachten als de Verenigde Staten en China te verkleinen.

Hoewel Amerikaanse bedrijven als OpenAI en het Chinese DeepSeek momenteel vooroplopen in de AI-wedloop, gelooft de Commissie dat Europa het verschil nog kan maken. “De race is nog lang niet gestreden,” klinkt het uit Brussel. In het verlengde van het InvestAI-initiatief, dat eerder dit jaar tijdens de AI-top in Parijs werd gepresenteerd, wil de EU minimaal dertien AI-fabrieken en tot vijf zogeheten ‘gigafabrieken’ realiseren. Deze moeten dienen als broedplaatsen voor de ontwikkeling en training van geavanceerde AI-modellen.

Via InvestAI moet minstens 20 miljard euro aan particuliere middelen worden vrijgemaakt voor de bouw van deze megafaciliteiten. Daarbovenop komt een aanvullende impuls voor de cloud- en datacentersector via een aparte wetgevingsagenda, de ‘Cloud and AI Development Act’. De Europese datacapaciteit moet de komende jaren minimaal verdrievoudigen, met een nadruk op duurzame oplossingen.

Die verduurzaming is cruciaal, want AI-toepassingen vragen enorm veel energie en water. Een verzoek aan een AI-model als ChatGPT verbruikt tot tien keer meer stroom dan een eenvoudige zoekopdracht op internet, volgens het Internationaal Energieagentschap. Hoe de EU dit energieverbruik op een duurzame manier wil opvangen, wordt in het actieplan echter nog niet concreet gemaakt.

Slechts klein deel Europese bedrijven gebruikt AI

Naast investeringen in infrastructuur en technologie wil de EU de toepassing van AI in strategische sectoren bevorderen. Op dit moment maakt slechts 13,5 procent van de Europese bedrijven gebruik van AI. Dat percentage moet flink omhoog, onder meer in de industrie, zorg en publieke dienstverlening. Ook moet de toegang tot hoogwaardige data worden verbeterd.

Volgens Europarlementariër Reinier van Lanschot (Volt) is de politieke steun voor deze plannen groot. “Europa beseft steeds meer dat strategische autonomie noodzakelijk is,” zegt hij. Tegelijkertijd plaatst hij kanttekeningen bij de uitvoering. Hij verwijst naar eerdere ambitieuze maar gefaalde initiatieven, zoals Gaia-X – het EU-project voor een onafhankelijk datanetwerk dat nooit van de grond kwam. “We moeten kritisch blijven. Gaat het deze keer wel lukken?”