Grote ondernemingen investeren fors in AI, maar het rendement laat vaak jaren op zich wachten. Dat blijkt uit het onderzoek AI ROI: The paradox of rising investment and elusive returns van Deloitte. Ondanks groeiend vertrouwen in de technologie, worstelen veel organisaties nog met de meetbaarheid en opschaling van hun AI-initiatieven.

Het onderzoek werd tussen 15 augustus en 5 september 2025 uitgevoerd onder 1854 senior executives in 14 landen in Europa en het Midden-Oosten, waaronder 100 Nederlandse respondenten. Alle ondervraagden werken bij bedrijven met meer dan duizend medewerkers en een jaaromzet boven de 500 miljoen dollar, die actief betrokken zijn bij AI-gerelateerde beslissingen.

Groeiend vertrouwen, trage opbrengst

Maar liefst 85 procent van de organisaties verhoogde het afgelopen jaar de AI-uitgaven, en 91 procent is van plan dat opnieuw te doen. Toch blijkt de terugverdientijd vaak langer dan verwacht. Voor veel gangbare toepassingen duurt het twee tot vier jaar voordat investeringen rendement opleveren. Slechts zes procent realiseert dat binnen twaalf maanden.

Generatieve AI scoort beter: vijftien procent van de bedrijven ziet nu al duidelijke financiële opbrengsten, en 38 procent verwacht die binnen een jaar. Bij agentic AI, waarin systemen zelfstandig beslissingen nemen, ligt het tempo lager. Daar ziet ongeveer tien procent van de bedrijven momenteel rendement, terwijl de meerderheid pas binnen één tot vijf jaar resultaat verwacht.

De meetlat schuift mee

Een belangrijk obstakel is dat veel baten van AI moeilijk in geld zijn uit te drukken. Verbeterde klantbetrokkenheid, meer tevreden medewerkers of snellere innovatie vertalen zich niet altijd direct in winstcijfers. Bovendien lopen AI-effecten vaak parallel aan andere verandertrajecten, waardoor het lastig is om de precieze bijdrage te isoleren.

Volgens Deloitte verschuift de focus daarom van directe kostenbesparing naar structurele waardecreatie. Bedrijven die AI strategisch inzetten, gebruiken meerdere KPI’s en langere tijdshorizonten om de impact te meten.

Data en organisatie bepalen succes

Technische beperkingen vormen een rem op het tempo van opschaling. Veel organisaties kampen nog met gefragmenteerde data, verouderde infrastructuren en een gebrek aan interoperabiliteit tussen platforms. Daardoor blijven veel Proof-of-Concepts steken in de pilotfase.

Toch zijn het niet alleen de systemen die bepalen of AI succesvol wordt ingezet. Bedrijfscultuur, leiderschap en verandermanagement spelen minstens zo’n grote rol. Organisaties die AI-vaardigheden actief ontwikkelen en eigenaarschap in de top verankeren, blijken vaker een positieve ROI te realiseren.

AI-koplopers trekken andere lessen

Deloitte identificeert een groep “AI-ROI-koplopers” die consequent beter presteren. Deze bedrijven zien AI niet als losstaande technologie, maar als motor voor een bredere herijking van het businessmodel. Ze investeren gericht — vaak meer dan tien procent van hun tech-budget — en bouwen hun AI-architectuur rond schaalbaarheid, interoperabiliteit en vertrouwen.

Ondanks de trage terugverdientijd blijft de strategische urgentie groot. Bedrijven investeren niet alleen om kosten te verlagen, maar ook uit vrees om achterop te raken. Het geloof in de langetermijnwaarde van AI blijft onverminderd hoog.

Deloitte vat het advies voor organisaties samen in vier stappen: focus op specifieke use cases met meetbare baten, versterk de datakwaliteit en infrastructuur, borg leiderschap en cultuur, en gebruik verschillende KPI’s voor generatieve en agentic toepassingen.

De vierde editie van Cloud Expo opent begin december opnieuw zijn deuren in Expo Houten. Wat begon als een compacte vakbeurs is uitgegroeid tot een ontmoetingsplek voor iedereen die actief is in de wereld van cloud, AI, security en datacenters. Organisator Jeroen de Kam ziet dat succes vooral in de mix van inhoud, laagdrempeligheid en herkenbaarheid. ChannelConnect is dit jaar mediapartner van het evenement.

“De eerste editie trok zo’n drieduizend bezoekers, vorig jaar waren dat er al meer dan zevenduizend,” vertelt De Kam. “We hebben nu twee grote hallen met ruim tweehonderd exposanten. Het is een beurs die bewust dicht bij de praktijk blijft: herkenbare thema’s, concrete oplossingen en gesprekken tussen mensen die elkaar écht iets te vertellen hebben.”

Van Microsoft tot msp

De beursvloer toont de volle breedte van het IT-landschap: van hyperscalers en hardwarefabrikanten tot distributeurs, vendoren en msp’s. Grote namen als Microsoft, Dell, Nvidia en Fortinet zijn aanwezig, maar ook dienstverleners die de vertaalslag naar de eindklant maken. Dat maakt Cloud Expo interessant voor zowel resellers als eindgebruikers.

“Bij ons draait het niet om wie de grootste stand heeft, maar om inhoud,” zegt De Kam. “We werken met uniforme standbouw en gelijke voorwaarden voor iedereen. Dat maakt deelname betaalbaar en overzichtelijk. Voor bezoekers is het bovendien prettig dat elke stand dezelfde uitstraling heeft, zodat de focus ligt op de oplossingen.”

Thema: Changing Innovation

Het thema van dit jaar – Changing Innovation – verwijst naar de razendsnelle technologische ontwikkelingen, vooral op het gebied van AI, security en soevereiniteit. Cloud Expo pakt dat breed aan, met elf theatersessies op de beursvloer. Daar komen onderwerpen voorbij als digitale autonomie, AI in bedrijfsprocessen, datacenteroplossingen en moderne werkplekomgevingen.

Een van de hoogtepunten is het grote soevereiniteitsdebat, waarin experts en bezoekers in gesprek gaan over de balans tussen innovatie, veiligheid en regie over data. “We willen bezoekers aan het denken zetten,” zegt De Kam. “Niet door te roepen dat alles per se soeverein moet zijn, maar door te laten zien welke keuzes er zijn – en wat die betekenen voor je organisatie.”

Netwerken met impact

Naast de inhoudelijke sessies is er veel aandacht voor ontmoeting. Nieuw dit jaar is het MSP AI Roulette-programma: een interactieve matchmakingtool die msp’s koppelt aan leveranciers op basis van hun interesses en vraagstukken. “In drie kwartier voer je drie of vier gesprekken die echt ergens over gaan,” legt De Kam uit. “Dat levert vaak verrassende nieuwe contacten op.”

De Cloud Expo-app speelt hierin een centrale rol. Bezoekers en exposanten kunnen via een swipefunctie matches maken – een soort ‘Tinder voor IT’ – en afspraken inplannen tijdens de beurs. Zo wordt het beursbezoek minder toevallig en meer gericht.

Ook de main stage heeft een nieuwe opzet: centraal op de beursvloer, met ruimte rondom voor publiek en netwerken. Daar vinden keynotes plaats van onder meer Ben van der Burg, bekend van zijn podcasts over technologie en innovatie. Op donderdag verzorgt Raymond Mens een sessie over de geopolitieke context van technologie en de relatie tussen Europa en de VS.

Meer dan alleen IT

Cloud Expo ziet zichzelf als katalysator voor het gesprek over digitalisering in de samenleving. Dit jaar is er bijvoorbeeld een samenwerking met HackShield, een educatieve organisatie die kinderen leert veilig omgaan met internet. “We praten veel over innovatie en security, maar dat begint eigenlijk al bij digitale opvoeding,” zegt De Kam. “Kinderen brengen een groot deel van hun leven online door. Met HackShield willen we laten zien hoe belangrijk het is dat ook zij leren zich verantwoord te bewegen in die digitale wereld.”

Volgens De Kam is het succes van Cloud Expo niet alleen te danken aan de groei van de IT-sector, maar ook aan de nuchtere manier waarop de beurs is opgezet. “We komen zelf uit de branche, we weten hoe het is om als exposant op een beurs te staan. Veel beurzen werden ooit te duur en te log, waardoor innovatieve bedrijven afhaakten. Wij hebben het teruggebracht naar de kern: gelijk speelveld, redelijke prijzen en een prettige sfeer. Iedereen hoort erbij.”

Dat blijkt te werken: steeds meer bedrijven keren jaarlijks terug en nemen collega’s of partners mee. “Er hangt een soort ‘Nederlandse’ sfeer van doe-maar-gewoon. We waarderen het als exposanten met ons meedenken. En bezoekers merken dat. Ze voelen dat het oprechte gesprekken zijn, niet alleen marketing.”

Cloud Expo 2025
Datum: 3 en 4 december 2025
Locatie: Expo Houten
Website en aanmelden: www.cloudexpo.nl

ChannelConnect is mediapartner van Cloud Expo.

 

 

Een storing bij Amazon Web Services (AWS) zorgde vandaag wereldwijd voor problemen bij tientallen apps en websites. Vooral de regio US-EAST-1, het datacentercluster in Noord-Virginia, kampte urenlang met verhoogde foutpercentages en vertragingen. De gevolgen waren direct merkbaar: gebruikers meldden dat diensten als Snapchat, Fortnite, Coinbase en Roblox tijdelijk niet bereikbaar waren of traag reageerden. Ook onderdelen van Amazon zelf ondervonden hinder.

De eerste meldingen verschenen in de nacht van zondag op maandag (Nederlandse tijd), waarna het aantal incidenten snel opliep. Volgens Downdetector kwamen er duizenden meldingen binnen van gebruikers die geen verbinding konden maken of foutmeldingen kregen bij het inloggen. AWS bevestigde later op de eigen statuspagina dat meerdere services “increased error rates and latencies” vertoonden in de regio US-EAST-1.

Hoewel de storing grotendeels beperkt bleef tot Noord-Amerika, waren de effecten wereldwijd voelbaar. In Nederland meldden onder meer Bol.com, Tweakers, Picnic, NS en diverse streamingdiensten korte onderbrekingen of trage laadtijden. Ook IT-platforms en SaaS-aanbieders die gebruikmaken van AWS-infrastructuur zagen tijdelijk verhoogde foutpercentages. Dat illustreert hoe groot de afhankelijkheid is van een klein aantal cloudregio’s. Voor ontwikkelaars en platformbeheerders die met AWS werken, betekent zo’n incident dat zelfs geografisch gescheiden systemen kwetsbaar blijven voor verstoringen in een kernregio.

In de loop van de dag meldde AWS dat de meeste diensten weer normaal functioneerden. De oorzaak van de storing is nog niet bekendgemaakt. Het bedrijf onderzoekt naar eigen zeggen wat de aanleiding was en welke maatregelen nodig zijn om herhaling te voorkomen.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

Westerse managers bezoeken China – en keren vol angst terug

China loopt voorop in industriële automatisering: zogenoemde ‘dark factories’ draaien dag en nacht zonder personeel, terwijl robots en elektrische voertuigen de productie domineren. Westerse bestuurders keren onder de indruk én ongerust terug over het tempo van deze technologische vooruitgang.
Bron: The Telegraph

Microsoft maakt van elke Windows 11-pc een AI-pc

Microsoft breidt de integratie van Copilot in Windows 11 verder uit. De AI-assistent krijgt diepere systeemtoegang, kan context van het scherm lezen en acties uitvoeren binnen bestanden en apps. Daarmee wil Microsoft de pc persoonlijker en productiever maken, maar de vergaande rechten roepen vragen op over privacy en gebruikerscontrole.
Bron: Windows Blog

Google blijft de voorkeur geven aan menselijke content

Volgens nieuw onderzoek van Graphite waren AI-teksten in 2024 kortstondig in de meerderheid, maar zoekmachines blijven menselijke auteurs belonen. Zo zou 86 procent van de best scorende zoekresultaten nog steeds afkomstig zijn van handgeschreven content.
Bron: Graphite

Sora en ChatGPT krijgen nieuwe functies

Sora 2 introduceert storyboards op het web voor Pro-gebruikers en verhoogt de videolimiet naar 15 seconden (25 voor Pro). ChatGPT krijgt een vernieuwd geheugensysteem dat automatisch wordt beheerd, met extra functies voor zoeken, sorteren op recentheid en het verlagen van de prioriteit van onnodige herinneringen.
Bron: OpenAI Help

Google stelt AI Pro gratis beschikbaar voor studenten

Studenten van achttien jaar en ouder kunnen een jaar lang gratis gebruikmaken van Google AI Pro. Ze krijgen toegang tot Gemini 2.5 Pro met uitgebreidere functies, meer rekenkracht en 2 TB opslagruimte. De actie loopt tot 9 december 2025 en is bedoeld om verantwoord AI-gebruik in het onderwijs te stimuleren.
Bron: ChannelConnect

Tools*

Auphonic automatiseert audioproductie

Auphonic gebruikt AI om audio-opnames automatisch te optimaliseren. Het platform balanceert geluidsniveaus, verwijdert ruis en galm, en kan zelfs stopwoorden uit podcasts of video’s knippen. Zo wordt nabewerking grotendeels geautomatiseerd.
Bron: Auphonic

Mnemonic AI onthult klantmotivaties met datagedreven persona’s

Mnemonic AI creëert buyer persona’s op basis van gedrags- en psychologische data. Het platform analyseert wat klanten drijft bij aankoopbeslissingen, zodat marketing- en salesteams hun strategie beter kunnen afstemmen op onderliggende motivaties.
Bron: Mnemonic AI

Demodesk automatiseert salesgesprekken en opvolging

Demodesk neemt salesgesprekken op, maakt automatische transcripties en werkt direct het CRM-systeem bij. Na elk gesprek genereert het platform concept-follow-ups en biedt het coachingsadvies op basis van gespreksanalyse.
Bron: Demodesk

Aboard versnelt productontwikkeling met AI en menselijke expertise

Aboard combineert AI-automatisering met menselijke engineeringkennis om ontwikkelprocessen te versnellen en kosten te verlagen. Het platform ondersteunt teams bij het bouwen van producten met meer efficiëntie en controle.
Bron: Aboard

isFake.ai spoort AI-gegenereerde content op

isFake.ai analyseert teksten om te bepalen of ze door AI zijn geschreven. Het platform toont via heatmaps en betrouwbaarheidsscores waar vermoedelijke AI-patronen voorkomen, zodat gebruikers de herkomst van content beter kunnen inschatten.
Bron: isFake.ai

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland en Europa

Helft van gemeentemedewerkers gebruikt AI op eigen initiatief

Steeds meer Nederlandse ambtenaren zetten AI-tools in zonder formeel beleid of training. Volgens onderzoek werkt 55 procent van de gemeentemedewerkers met AI op eigen initiatief, terwijl 90 procent van de gemeenten zich zorgen maakt over datalekken en dataveiligheid.
Bron: ChannelConnect

Zes nieuwe AI-fabrieken in de EU, één in Groningen

De Europese Unie investeert in zes nieuwe zogeheten AI-fabrieken om innovatie en rekenkracht binnen Europa te versterken. Eén daarvan komt in Groningen te staan en moet een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van betrouwbare, Europese AI-infrastructuur.
Bron: Emerce

Defensie investeert in AI-fabriek in Groningen

Het ministerie van Defensie gaat bijdragen aan de nieuwe AI-fabriek in Groningen, die onderdeel is van het Europese initiatief om rekenkracht en innovatie in eigen regio te versterken. De fabriek moet onder meer toepassingen mogelijk maken voor moderne oorlogsvoering en datagedreven besluitvorming.
Bron: Rijksoverheid

63 procent van Nederlandse werknemers gebruikt AI, maar documentatie blijft achter

Uit onderzoek blijkt dat bijna twee derde van de Nederlandse medewerkers AI inzet op het werk, maar dat organisaties moeite hebben om processen goed vast te leggen. Het gebrek aan documentatie vergroot risico’s rond compliance, transparantie en kennisborging.
Bron: Computable

Europa wil voorop in AI-ontwikkeling, maar worstelt met tempo van VS en China

Europese landen investeren fors in AI en infrastructuur, maar blijven achter bij de snelheid van innovatie in de VS en China. Experts waarschuwen dat Europa alleen kan bijblijven met meer samenwerking tussen kennisinstellingen, bedrijfsleven en overheid.
Bron: Amsterdam AI

De AI Act is officieel goedgekeurd en zal vanaf 2026 in fases van kracht worden. Daarmee krijgt Europa als eerste continent een omvattend wettelijk kader voor het gebruik van AI. Maar wat betekent dat in de praktijk voor dienstverleners, softwareleveranciers en hun klanten?

De AI Act legt de nadruk op transparantie, risicobeheersing en verantwoord gebruik van AI. In plaats van generieke verboden werkt de wet met een risicogebaseerde indeling. Toepassingen met een ‘hoog risico’ – denk aan AI in gezondheidszorg, werving of kredietverstrekking – vallen onder strikte eisen voor datakwaliteit, uitlegbaarheid en menselijke controle. Systemen met een laag risico krijgen meer ruimte, zolang ze voldoen aan basiseisen voor eerlijkheid en veiligheid.

Voor dienstverleners en ISV’s betekent dit dat ze hun AI-modellen niet alleen technisch, maar ook juridisch moeten documenteren. Wie AI integreert in software of managed services, zal inzicht moeten kunnen geven in hoe het model is getraind, welke datasets zijn gebruikt, en hoe bias wordt beperkt.

Nieuwe verplichtingen voor aanbieders

Aanbieders van AI-systemen worden verplicht een risicobeoordeling uit te voeren voordat hun oplossing op de markt komt. Die beoordeling moet worden vastgelegd in een technisch dossier, met beschrijvingen van gebruikte algoritmen, databronnen, testresultaten en menselijke toezichtmechanismen.

Daarnaast komt er een verplichte CE-markering voor hoog-risico-AI. Zonder deze markering mag het product niet op de Europese markt worden gebracht. Ook dienstverleners die AI-functies van derden aanbieden (bijvoorbeeld via API’s of cloudplatforms) kunnen juridisch als ‘aanbieder’ worden aangemerkt, met alle verplichtingen van dien.

Verantwoordelijkheid in de keten

De wet maakt een scherp onderscheid tussen aanbieders, distributeurs en gebruikers van AI-systemen. Maar in de praktijk lopen die rollen vaak door elkaar. Een msp die een AI-tool levert als onderdeel van een dienst, heeft een gedeelde verantwoordelijkheid met de oorspronkelijke leverancier. Die ketenverantwoordelijkheid betekent dat iedere schakel moet kunnen aantonen dat de gebruikte AI aan de regels voldoet.

Voor eindklanten – vooral in het mkb – wordt transparantie belangrijker dan ooit. Zij moeten weten wat een AI-systeem doet, welke data worden verwerkt en hoe beslissingen tot stand komen. Dienstverleners zullen hun klanten dus moeten helpen met duidelijke toelichting en periodieke risicorapportages.

Verbod op misbruik

Sommige toepassingen worden volledig verboden. Dat geldt voor AI-systemen die emoties proberen te herkennen in publieke ruimtes, social scoring door overheden, en ongerichte scraping van gezichten uit internetbeelden voor herkenningssystemen. Zulke praktijken worden gezien als onverenigbaar met Europese grondrechten.

Generatieve modellen zoals ChatGPT, Gemini en Claude vallen onder een aparte categorie ‘algemene AI-systemen’. De aanbieders daarvan moeten technische documentatie aanleveren over de herkomst van hun trainingsdata, veiligheidsmechanismen en copyrightbescherming.

Voor dienstverleners die zulke modellen integreren in hun eigen applicaties, geldt de plicht om gebruikers te informeren dat ze met AI communiceren. Ook moeten ze zorgen voor menselijke controle op beslissingen die rechtsgevolgen kunnen hebben.

Voorbereiden op naleving

Hoewel de wet pas volledig van kracht wordt in 2026, is voorbereiding nu al verstandig. Organisaties kunnen beginnen met:
• Inventariseren welke AI-toepassingen ze gebruiken of aanbieden.
• Classificeren van deze toepassingen volgens het risiconiveau uit de AI Act.
• Documenteren van datasets, leveranciers en modelversies.
• Beoordelen van ethische en juridische risico’s, zoals bias of datalekken.
• Trainingsprogramma’s opzetten voor medewerkers over verantwoord gebruik van AI.

Kansen voor de markt

De AI Act is niet enkel een rem op innovatie, maar kan juist een kans zijn voor partijen die transparantie en betrouwbaarheid als onderscheidend vermogen gebruiken. Verwacht wordt dat onafhankelijke audits, compliance-tools en certificeringsdiensten een groeimarkt vormen. Ook IT-dienstverleners kunnen zich profileren als gids in deze nieuwe realiteit, door klanten te helpen bij de toetsing en implementatie van AI-systemen binnen de wettelijke kaders.

Belangrijkste deadlines van de AI Act

De invoering van de AI Act verloopt in stappen. Dat geeft organisaties tijd om hun processen en documentatie aan te passen, maar de eerste verplichtingen komen sneller dan veel bedrijven denken.

2024 – Inwerkingtreding (formeel)
De AI Act is officieel gepubliceerd in het Europees Publicatieblad. Vanaf dat moment begint de overgangsperiode te lopen.

2025 – Verboden toepassingen
Binnen zes maanden na publicatie worden de verboden AI-praktijken onwettig, zoals social scoring en gezichtsherkenning in publieke ruimtes.

2026 – Hoogrisico-systemen
De kern van de regelgeving gaat gelden: aanbieders van hoogrisico-AI moeten een CE-markering hebben, hun systemen registreren in de EU-databank en voldoen aan eisen voor transparantie, toezicht en datakwaliteit.

2027 – Algemene naleving
De wet is dan volledig van kracht. Alle organisaties die AI ontwikkelen, integreren of gebruiken, moeten kunnen aantonen dat hun systemen voldoen aan de principes van veiligheid, uitlegbaarheid en menselijk toezicht.

 

Adobe heeft de LLM Optimizer algemeen beschikbaar gemaakt, een nieuwe toepassing die bedrijven helpt om hun online zichtbaarheid te verbeteren binnen AI-gestuurde interfaces zoals chatdiensten en slimme browsers. De tool richt zich op wat het bedrijf ‘Generative Engine Optimization’ (GEO) noemt: het optimaliseren van content zodat merken beter vindbaar zijn voor generatieve AI-systemen.

Volgens Adobe verandert het zoekgedrag van consumenten snel nu AI-platformen vaker worden gebruikt voor productoriëntatie. In september 2025 nam het AI-verkeer naar Amerikaanse retailsites met 1.100 procent toe ten opzichte van een jaar eerder. Bezoekers via AI-bronnen bleken bovendien langer op sites te blijven en vaker tot aankoop over te gaan dan bezoekers via traditionele kanalen zoals organisch zoeken of social media.

Met de LLM Optimizer kunnen organisaties AI-verkeer meten, inzicht krijgen in hoe hun content door AI-modellen wordt gebruikt, en verbeteringen doorvoeren om die zichtbaarheid te vergroten. De software identificeert onder meer ontbrekende metadata en content die ontoegankelijk is voor LLM’s, waarna teams met één klik optimalisaties kunnen doorvoeren. Ook laat de tool zien hoe zichtbaar een merk is ten opzichte van concurrenten en welke effecten dat heeft op engagement en conversie.

De toepassing werkt zelfstandig maar integreert ook met Adobe Experience Manager Sites, het contentmanagementsysteem van het bedrijf. Daarnaast ondersteunt de Optimizer standaarden als Agent-to-Agent (A2A) en Model Context Protocol (MCP), waarmee de tool kan samenwerken met andere systemen en workflows.

Om AI-zichtbaarheid breder toegankelijk te maken, lanceert Adobe tegelijk een gratis Chrome-extensie met de naam Is Your Webpage Citable?. Deze laat zien welke delen van een website zichtbaar zijn voor LLM’s en waar optimalisatie mogelijk is.

Voor Adobe zelf leverde de tool al meetbare resultaten op: bij de eigen producten Firefly en Acrobat nam het aantal AI-citaties en doorverwijzingen binnen een week fors toe nadat aanbevelingen uit de Optimizer waren toegepast.

Na bijna tien jaar komt er morgen een einde aan een tijdperk. Morgen, 14 oktober 2025 is de laatste ‘Patch Tuesday’ en stopt Microsoft officieel met de ondersteuning van Windows 10. Voor miljoenen apparaten wereldwijd betekent dat het einde van regelmatige beveiligingsupdates en bugfixes. Bedrijven die nog niet zijn overgestapt, moeten bepalen hoe ze hun endpoints veilig houden. Want hoewel Windows 10 gewoon blijft werken, loopt het vanaf morgen langzaam uit de pas met de moderne IT-omgeving.

De update van morgen is de laatste reguliere release voor Windows 10, versie 22H2. Daarna komen er geen nieuwe beveiligingspatches of kwaliteitsupdates meer via Windows Update. Ook de technische ondersteuning en compatibiliteitsgaranties van Microsoft vallen weg. Dat geldt voor zowel Windows 10 Home als Pro, en voor de meeste zakelijke edities buiten de LTSC-lijn (Long-Term Servicing Channel).

Het besturingssysteem blijft uiteraard gewoon werken. Pc’s starten op, applicaties doen het gewoon en bestaande drivers blijven bruikbaar. Alleen: zodra nieuwe kwetsbaarheden opduiken, worden die niet meer gedicht. Dat vergroot het risico op malware, ransomware en compliance-problemen.

Extended Security Updates (ESU): wie krijgt nog updates?

Microsoft biedt een uitweg in de vorm van Extended Security Updates (ESU). Daarmee blijven bepaalde Windows 10-versies toch voorzien van beveiligingspatches.
Home en Pro: in de EU hebben we geluk. De EU heeft bij Microsoft bedongen dat ondersteuning niet zomaar van de ene op de andere dag mag worden gestopt, bij een besturingssysteem dat nog door zoveel computers wordt gebruikt; computers die nog prima functioneren Consumenten en kleine bedrijven krijgen daarom in de EU en EER een gratis jaar ESU, tot oktober 2026. Daarna kan verlenging betaald worden via een licentie-model dat per device geldt.
Enterprise en Education: deze edities krijgen eveneens tot 2026 gratis updates, maar alleen als ze worden beheerd via Microsoft Intune of Windows Autopatch. Voor verlenging kunnen organisaties ESU-licenties aanschaffen via hun bestaande volumelicentieprogramma.
LTSC-versies (2019 en 2021): die behouden ondersteuning tot respectievelijk 2029 en 2032. Dat komt omdat deze veel worden gebruikt in industriële omgevingen of medische apparatuur waar stabiliteit zwaarder weegt dan functionaliteit.
IoT-versies: ondersteuning loopt per platform uiteen, maar veel industriële varianten hebben nog meerdere jaren updates vanwege langlopende hardware-cycli.

Beheerders kunnen via Intune of WSUS instellen dat ESU-updates automatisch worden uitgerold. Dat vraagt wel om nieuwe licentiesleutels en aanpassingen in het updatebeleid.

Toen Windows XP ‘eindelijk’ stopte

Dit hebben we natuurlijk al eens eerder meegemaakt. In april 2014 trok Microsoft de stekker uit Windows XP. Destijds ging het besturingssysteem al meer dan twaalf jaar mee, en draaide nog altijd op zo’n 25 tot 30 procent van alle pc’s wereldwijd. Vooral in overheden, zorginstellingen en embedded systemen bleef XP nog jaren hangen. Microsoft bood toen géén gratis Extended Security Updates, alleen dure enterprise-contracten. Daardoor bleven veel organisaties gewoon doorwerken met verouderde systemen — denk aan pinautomaten, ziekenhuisapparatuur en zelfs spoorwegdisplays.

Ruim tien jaar later draait er volgens recente cijfers nog altijd meer dan 0,2 procent van de actieve Windows-apparaten op XP. Schattingen gaan uit van 5 tot 6 miljoen computers wereldwijd. In Nederland gaat het naar schatting om 20 tot 30 duizend computers, geen kantoorwerkplekken, maar industriële of medische systemen die niet meer online komen, kassa- en meetsystemen, en een paar hardnekkige liefhebbers met oude software of games.

OEM-systemen: hoe reageren fabrikanten?

Veel zakelijke computers draaien nog steeds op OEM-versies van Windows 10 die ooit vooraf door fabrikanten zijn geïnstalleerd. Die OEM-licenties blijven geldig, maar fabrikanten stoppen gelijktijdig met het leveren van Windows 10-images en drivers via hun portals.
HP adviseert klanten actief om te upgraden naar Windows 11 en levert voor de meeste zakelijke modellen BIOS-updates die compatibiliteit met TPM 2.0 en Secure Boot garanderen.
Dell biedt een migratie-assistent in zijn SupportAssist-suite en geeft nog beperkte firmware-ondersteuning voor oudere Windows 10-systemen, vooral rond energiebeheer en batterij-optimalisatie.
Lenovo heeft aangekondigd de Windows 10-catalogus eind 2025 te archiveren, waarna alleen Windows 11-drivers worden onderhouden.

OEM-pc’s die hardwarematig niet voldoen aan de eisen van Windows 11 (zoals TPM 2.0 of een recente CPU-generatie) krijgen geen upgrade-pad meer. Voor veel organisaties is dat hét moment om hardware-vervanging te overwegen of apparaten te herbestemmen, bijvoorbeeld voor interne testomgevingen of offline-gebruik.

Migreren of moderniseren?

De overstap naar Windows 11 ligt voor de hand, maar is niet de enige route. Organisaties die hun endpoint-strategie willen vernieuwen, hebben verschillende opties:
Upgraden naar Windows 11: het directe pad, mits de hardware voldoet aan de eisen. Microsoft positioneert dit als de veiligste optie, met integratie van Pluton-security, Windows Hello for Business en verbeterde containerisolatie.
Overstappen naar cloud-werkplekken: Azure Virtual Desktop of Windows 365 bieden een manier om bestaande Windows 10-omgevingen in een virtuele container te behouden, inclusief ESU-updates. Interessant voor organisaties met hybride werkplekken.
Alternatieve besturingssystemen: in specifieke gevallen kan Linux-desktop of ChromeOS Flex uitkomst bieden, vooral bij lichte workloads en webgebaseerde applicaties.
Hergebruik en recycling: oudere hardware kan vaak nog prima dienstdoen binnen testlabs of educatieve programma’s. Steeds meer refurbishers bieden Windows 11-ready upgrades of Linux-installaties als duurzaam alternatief.

Werk aan de winkel dus voor de msp! Je moet klanten helpen inventariseren welke endpoints nog op Windows 10 draaien, welke hardware nog een upgrade kan krijgen, en welke beter kan worden vervangen. Tools zoals Endpoint Analytics en Intune-rapportages geven inzicht in CPU-generatie, TPM-status en geheugenvereisten.

De balans tussen risico en kosten

Maar de realiteit is dat niet ieder bedrijf morgen klaar is voor migratie. Vooral in zorg, productie en onderwijs draaien nog talloze kritieke systemen op Windows 10. Voor hen biedt het ESU-programma ademruimte, maar geen structurele oplossing.

Anders dan toen de ondersteuning stopte voor Windows XP, zijn er nu veel strengere security en privacy eisen. Geen patches betekent compliance-problemen onder NIS2 en ISO-normen, en securitydiensten zoals Microsoft Defender zullen op termijn ook minder effectief worden.

De laatste update van Windows 10 markeert dus geen plotseling einde, maar een kantelpunt. Want met de ESU krijg je een jaar extra de tijd. Benut deze tijd goed.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

Jeff Bezos: de AI-bubbel is echt, maar de technologie ook

Volgens Jeff Bezos bevinden we ons midden in een AI-bubbel, maar dat betekent niet dat de technologie overschat wordt. In een gesprek met investeerders stelde hij dat er op korte termijn te veel geld naar AI-startups stroomt, terwijl de fundamentele impact op lange termijn juist wordt onderschat. Bezos verwacht dat AI dezelfde structurele veranderingen zal veroorzaken als de komst van het internet.
Bron: AI Wereld

Goldman Sachs: er is geen AI-bubbel

Waar Jeff Bezos waarschuwt voor een AI-bubbel, ziet Goldman Sachs daar voorlopig geen bewijs voor. Volgens de bank is de huidige waardestijging van AI-bedrijven grotendeels gebaseerd op reële winsten en groei, niet op speculatie. Wel waarschuwt Goldman Sachs beleggers om alert te blijven: niet elk AI-initiatief zal zijn beloften waarmaken. De markt is volgens analisten nog gezond, maar kan snel omslaan als verwachtingen te hoog worden.
Bron: Axios

1Password voorkomt dat AI inloggegevens kan misbruiken

1Password introduceert een nieuwe functie, Secure Agentic Autofill, die voorkomt dat AI-agents zelfstandig toegang krijgen tot opgeslagen wachtwoorden. De tool vraagt voortaan expliciet om goedkeuring van de gebruiker voordat AI-functionaliteit in de browser inloggegevens mag gebruiken. Daarmee wil het bedrijf een groeiend beveiligingsrisico aanpakken dat ontstaat bij het gebruik van AI in browsers.
Bron: 1Password

Zendesk claimt dat nieuwe AI-agent 80 procent van supportvragen oplost

Zendesk introduceert een AI-agent die volgens het bedrijf tot 80 procent van de binnenkomende supportverzoeken zelfstandig kan afhandelen. De tool is geïntegreerd in het bestaande helpdeskplatform en combineert generatieve AI met workflowautomatisering. Zendesk wil hiermee menselijke medewerkers ontlasten en de responstijd drastisch verkorten.
Bron: TechCrunch

OpenAI verandert ChatGPT in een app-platform

OpenAI introduceert een nieuwe functie waarmee gebruikers direct binnen ChatGPT apps kunnen gebruiken. Daarmee kun je vanuit één gesprek taken uitvoeren zoals reizen boeken, eten bestellen of workflows beheren, zonder tussen verschillende tabs te wisselen. Tijdens het evenement DevDay kondigde OpenAI ook AgentKit aan, een toolkit voor ontwikkelaars om eigen AI-agents te bouwen.
Bron: OpenAI

Tools*

PDF to Video AI maakt van documenten uitlegvideo’s

Met PDF to Video AI kun je een pdf-bestand omzetten in een complete video met AI-gegenereerde animaties en voice-over. De tool is bedoeld voor onder meer e-learning, marketing en socialmedia-content, en automatiseert het proces van script tot visuele presentatie.
Bron: PDF to Video AI

Base44 bouwt complete apps op basis van een beschrijving

Met Base44 kun je een app laten genereren door simpelweg te beschrijven wat je wilt maken. De tool zet je idee automatisch om in een volledig werkende applicatie, inclusief backend, authenticatie en hosting. Daarmee richt Base44 zich op professionals die geen programmeerkennis hebben, maar wel snel interne tools of klantportalen willen ontwikkelen.
Bron: Base44

Fortellar beoordeelt je cybersecurityvolwassenheid

De tool Fortellar analyseert hoe volwassen je organisatie is op het gebied van cybersecurity. Op basis van bekende raamwerken geeft het platform inzicht in sterke en zwakke punten, en laat het zien in hoeverre je voldoet aan compliance-eisen. Zo krijg je snel een overzicht van waar verbeteringen nodig zijn.
Bron: Fortellar

LotusEye detecteert afwijkingen in machines met AI

LotusEye bouwt anomaliedetectie door simpelweg data te uploaden. Het model leert normaal gedrag van apparatuur en geeft een alert zodra er onregelmatigheden optreden. Geschikt voor voorspellend onderhoud en kwaliteitsbewaking in industriële omgevingen.
Bron: LotusEye

WorkBeaver automatiseert workflows door ze één keer uit te voeren

WorkBeaver observeert hoe je een taak uitvoert en kan die vervolgens automatisch herhalen in elke applicatie. De tool leert van je handelingen en voert ze daarna zelfstandig uit, waardoor repetitieve taken verdwijnen uit je werkdag.
Bron: WorkBeaver

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland en Europa

Google rolt in Nederland natuurlijkere visuele AI-zoekopdrachten uit

Google past zijn AI-zoekmodus aan zodat gebruikers beter kunnen communiceren via beeld en context. In plaats van losse trefwoorden kunnen mensen nu foto’s of screenshots gebruiken, waarna de AI aanvullende vragen stelt en verbanden legt. Dat moet de interactie natuurlijker en intuïtiever maken. De functie wordt de komende weken uitgerold in Nederland en andere Europese landen.
Bron: AI Wereld

Nederland zet stap richting eigen AI-fabriek met nieuwe financiering

Met steun van het Nationaal Groeifonds en Europese partners werkt TNO aan de ontwikkeling van een Nederlandse AI-fabriek. Deze infrastructuur moet bedrijven in staat stellen om zelf AI-modellen te trainen met Europese datasets, zonder afhankelijk te zijn van Amerikaanse partijen. De investering is bedoeld om de technologische autonomie van Nederland te vergroten en innovatie in veilige AI-toepassingen te versnellen.
Bron: TNO

EU schakelt naar hoogste versnelling met AI-wetgeving en investeringen

De Europese Unie intensiveert haar inspanningen rond AI met nieuwe wetgeving, subsidies en onderzoeksprogramma’s. Doel is om innovatie te versnellen en tegelijkertijd ethische en juridische kaders te versterken. Lidstaten, waaronder Nederland, krijgen ondersteuning om AI veilig toe te passen binnen de overheid en het bedrijfsleven.
Bron: Nextens

Nederland draagt bij aan Europese normen voor betrouwbare AI

Nederland speelt een actieve rol bij de ontwikkeling van Europese standaarden voor betrouwbare en veilige AI-toepassingen. Binnen het Europese normalisatieprogramma werken NEN en andere partners aan richtlijnen voor transparantie, dataveiligheid en menselijk toezicht. Deze normen moeten helpen om AI-systemen binnen de EU op een uniforme en verantwoorde manier toe te passen.
Bron: NEN

Studenten pakken AI-nepnieuws aan tijdens Dutch Design Week

Tijdens de Dutch Design Week presenteren studenten nieuwe concepten om AI-gegenereerd nepnieuws te herkennen en te bestrijden. De projecten variëren van educatieve tools tot creatieve visualisaties die bewustwording moeten vergroten over de invloed van AI op informatievoorziening. Het initiatief is onderdeel van een breder programma rond technologie en ethiek.
Bron: Adformatie

In het tweede kwartaal van 2025 verbruikten Nederlanders gezamenlijk 719 miljoen gigabyte aan mobiele data, een stijging van ruim 16% ten opzichte van het eerste kwartaal. Dat blijkt uit de Telecommonitor van de Autoriteit Consument & Markt (ACM), gepubliceerd op 7 oktober.

De stijging is de grootste sinds het tweede kwartaal van 2023, toen het dataverbruik met ruim 20% toenam. Op langere termijn verdubbelt het mobiele dataverbruik in Nederland ongeveer elke drie jaar. Ondanks een eerdere daling in bellen en sms’en, nam ook dat gebruik in het afgelopen kwartaal licht toe.

KPN en Odido blijven de dominante spelers op de mobiele markt, maar het marktaandeel van Mobile Virtual Network Operators (MVNO’s) groeit verder. Het aantal MVNO-simkaarten steeg van 4,93 naar 5,38 miljoen. Daarmee ligt hun marktaandeel nu op 20–25%, tegenover 15–20% in het voorgaande kwartaal.

Verdere toename glasvezelabonnementen

Volgens de Telecommonitor zijn inmiddels 8,6 miljoen glasvezelverbindingen aangelegd, waarvan 3,36 miljoen ook daadwerkelijk in gebruik zijn. Dat is een stijging van 2,8% ten opzichte van het eerste kwartaal.

De meeste huishoudens (72,8%) beschikken over een internetsnelheid tussen 100 en 1000 Mbps. Een kleiner aandeel (11,6%) heeft een abonnement onder de 100 Mbps, terwijl 15,1% kiest voor snelheden boven 1 Gbps. Het aantal actieve koperabonnementen daalde verder tot 1,55 miljoen. KPN en VodafoneZiggo behouden hun leidende positie op de breedbandmarkt, met elk een marktaandeel van 35–40%.

De ACM brengt elk kwartaal de Telecommonitor uit, waarin de belangrijkste ontwikkelingen binnen de telecomsector worden geanalyseerd. De gegevens zijn afkomstig van de grootste marktpartijen en worden door de toezichthouder gecontroleerd. De resultaten worden publiek beschikbaar gesteld via een interactief dashboard.

We zijn nog maar nauwelijks gewend aan de impact die generatieve AI op het dagelijks leven en werken hebben. Maar de ontwikkeling staat niet stil. Jarenlang leek het vanzelfsprekend: wie met AI werkt, doet dat via de cloud. De enorme rekenkracht die taal- en beeldmodellen nodig hebben, kon nergens anders terecht. Maar dat paradigma begint te kantelen. Nu laptops, tablets en zelfs telefoons hun eigen Neural Processing Unit (NPU) krijgen, schuift AI langzaam richting de rand van het netwerk, naar de plek waar de gebruiker zit.

De nieuwe generatie apparaten, waaronder de zogenoemde Copilot+-pc’s van Microsoft, kan compacte AI-modellen lokaal uitvoeren, zonder datacenters ertussen. Ook Apple, Qualcomm en Intel zetten in op diezelfde beweging. Het idee: als de hardware slim genoeg wordt, waarom zou je dan nog elke prompt door de cloud laten verwerken?

De groei van generatieve AI heeft een prijs. Volgens cijfers van de International Energy Agency kan het stroomverbruik van datacenters in 2030 verdubbeld zijn ten opzichte van nu. AI-modellen zijn daar een belangrijke aanjager van. In datacenters draaien GPU’s continu op volle kracht, met forse koelings- en energiekosten tot gevolg. Grote aanbieders investeren miljarden om hun infrastructuur bij te benen. Dat maakt elke inferentie – elke keer dat een model iets voorspelt of genereert – een dure operatie.

Voor zware toepassingen is dat logisch, maar voor alledaagse taken – tekstsamenvattingen, beeldherkenning, transcriptie – is cloudverwerking meestal overkill. Zeker nu apparaten zelf krachtig genoeg worden om zulke modellen te draaien.

De opmars van de NPU

De sleutel tot lokale AI ligt bij de Neural Processing Unit. Waar CPU’s algemene rekenkracht leveren en GPU’s goed zijn in parallelle berekeningen, is de NPU geoptimaliseerd voor de specifieke matrixoperaties van AI-modellen. Fabrikanten als Qualcomm, AMD, Intel en Apple bouwen NPUs direct in hun chips in. Ze leveren rekenkracht in de orde van tientallen TOPS (trillions of operations per second) en kunnen compacte small language models (SLM’s) lokaal uitvoeren.

Een concreet voorbeeld is Microsofts Phi-3.5, een model dat op deze nieuwe pc’s draait zonder internetverbinding. Vergelijkbare strategieën zie je bij Apple’s Neural Engine en Qualcomm’s AI Hub. De gebruiker merkt: minder vertraging, geen dataverkeer, en meer controle over de eigen data.

De voordelen van lokale verwerking gaan verder dan kostenbesparing alleen. Snelheid is de meest directe winst. Een lokaal model reageert vrijwel zonder vertraging, omdat er geen dataverkeer over internet nodig is. Dat maakt toepassingen als spraakbesturing, vertaling en contextuele assistentie vloeiender en natuurlijker.

Privacy is een tweede voordeel. Gegevens blijven op het apparaat; ze hoeven niet te worden doorgestuurd of opgeslagen in externe omgevingen. Dat is vooral relevant in sectoren waar vertrouwelijkheid telt – denk aan gezondheidszorg, overheid of juridische dienstverlening.

Ook beschikbaarheid speelt mee. Een lokaal model blijft bruikbaar zonder internetverbinding, wat handig is bij mobiele toepassingen of in afgesloten netwerken.

Daarnaast maakt lokale verwerking personalisatie eenvoudiger. Een model kan leren van het gedrag of de documenten van de gebruiker zonder dat deze data het apparaat verlaat. Dat scheelt complexe afspraken over datagebruik en privacy.

En dan is er nog het al eerder genoemde energie-aspect. Een datacenter moet duizenden systemen tegelijk koelen en voeden, terwijl lokale apparaten energieverbruik spreiden over miljoenen eindpunten. Daardoor kan de totale belasting van het elektriciteitsnet afnemen – al verschilt dat per gebruikspatroon.

Goedkoper, maar niet altijd

Datacenters profiteren van schaalvoordelen: infrastructuur, koeling en onderhoud worden gedeeld over talloze workloads. De efficiëntie per watt is daardoor hoog. Laptops en telefoons hebben beperkte koeling en werken vaak onder lage belasting, waardoor hun energie-efficiëntie lager ligt. Onderzoek van de Universiteit van Toronto laat zien dat grote generatieve modellen tot 30 kWh per 1 000 inferenties kunnen verbruiken in een datacenter. Kleinere modellen, lokaal uitgevoerd, komen uit op ongeveer 1 kWh voor vergelijkbare taken. Dat lijkt een enorme winst, maar dat verschil wordt kleiner zodra apparaten weinig worden gebruikt of slecht gekoeld zijn. De besparing zit dus vooral in het vermijden van infrastructuurkosten: minder bandbreedte, minder transport, minder cloudabonnementen. Niet elk scenario profiteert daarvan evenveel.

Lokale verwerking kent ook beperkingen. Wie een AI-model intensief gebruikt, merkt dat laptops warmer worden en batterijen sneller leeglopen. NPUs zijn energiezuiniger dan GPU’s, maar verbruiken nog steeds tientallen watt onder belasting. In datacenters wordt die warmte efficiënt afgevoerd; op een apparaat niet.

Daarnaast is er slijtage. Een NPU die dagelijks urenlang draait, veroudert thermisch sneller dan een chip die vooral idle blijft. En softwarematig vraagt lokale inferentie om optimalisatie. Modellen moeten worden gecomprimeerd of gequantiseerd, en elk NPU-type vraagt om eigen drivers en toolchains. Niet elk model laat zich zomaar ‘omzetten’ voor lokaal gebruik.

De meeste experts verwachten daarom geen alles-of-nietsverdeling tussen cloud en device, maar een hybride architectuur. Kleine modellen – voor contextbegrip, tekstsuggestie of beeldherkenning – draaien lokaal. Zwaardere modellen met miljarden parameters blijven in de cloud.

In zo’n hybride model wisselt een toepassing dynamisch tussen lokale en externe verwerking, afhankelijk van de taak. Dat beperkt kosten en latency, terwijl de zware rekentaken beschikbaar blijven. Fabrikanten ontwikkelen intussen frameworks om deze verdeling automatisch te regelen, zodat ontwikkelaars niet handmatig hoeven te bepalen wat waar draait.

Een veranderend ecosysteem

De verschuiving naar lokale AI verandert de verhoudingen in de sector. Chipmakers zetten hun NPU’s centraal in de marketing van nieuwe devices. Softwareleveranciers passen hun producten aan zodat functies ook zonder internetverbinding werken. Tegelijk groeit de open-sourcegemeenschap rond small language models, zoals Mistral 7B Instruct en Llama 3 8B, die dankzij compressie volledig op consumentenchips draaien. Daarmee wordt AI toegankelijker voor kleinere ontwikkelaars en organisaties die hun data liever binnen eigen muren houden.

Voor bedrijven biedt dit ruimte voor maatwerk-AI: een interne chatbot of beeldherkenner die draait op werkplekken of edge-servers, zonder datagegevens naar buiten te sturen. Dat is sneller, veiliger en vaak goedkoper dan een permanent cloudabonnement.

AI verspreidt zich

Generatieve AI verlaat langzaam zijn cloud-monopolie. Niet omdat datacenters verdwijnen, maar omdat rekenkracht dichter bij de gebruiker komt te liggen. De voordelen – snelheid, privacy, autonomie – zijn reëel, al blijft de cloud nodig voor het zware werk. Wat nu in een datacenter gebeurt, zal de komende jaren in toenemende mate plaatsvinden op laptops, telefoons en edge-servers. AI wordt daarmee minder een dienst op afstand, en meer een ingebouwd onderdeel van de hardware zelf.