Nederlandse organisaties laten een duidelijke generatiekloof zien in de manier waarop medewerkers omgaan met AI. Jongere professionals zijn het meest enthousiast over nieuwe toepassingen, maar besteden tegelijkertijd minder aandacht aan ethische aspecten.

Uit onderzoek van Conclusion onder ruim 500 AI-verantwoordelijken blijkt dat 49 procent van de professionals onder de 35 jaar geen rekening houdt met ethische principes bij het gebruik van AI. Bij de groep van 35 tot 55 jaar ligt dat op 35 procent en bij 55-plussers op 24 procent.

De onderzoekers signaleren dat jongeren een paradoxale houding aannemen. Ze zijn enerzijds positiever over de mogelijkheden van AI, maar anderzijds ook angstiger voor de gevolgen. Zo zegt 48 procent van de jongere professionals bang te zijn hun baan te verliezen door de snelle ontwikkelingen, tegenover 39 procent van de 55-plussers.

Voorzichtige adoptie

Organisaties zelf lijken terughoudend bij de inzet van AI. Slechts 42 procent vindt AI-beslissingen betrouwbaarder dan menselijke beslissingen. De meerderheid geeft de voorkeur aan menselijk oordeelsvermogen. Ook zegt een derde van de organisaties altijd grondige risicobeoordelingen te doen voordat met AI-initiatieven wordt gestart.

Opvallend is dat ethische factoren vaak nauwelijks worden meegenomen. Bijna de helft van de organisaties houdt geen rekening met ethische principes, terwijl slechts een kwart aangeeft de maatschappelijke impact van AI mee te wegen. Dat staat op gespannen voet met de verplichtingen die volgen uit de EU AI Act. Bovendien vindt 51 procent van de respondenten dat AI strenger gereguleerd moet worden, terwijl 44 procent juist stelt dat AI nooit volledig ethisch verantwoord kan zijn.

Communicatie als zwakke plek

Ook interne communicatie blijft een aandachtspunt. Zo geeft 49 procent aan dat de impact van AI op banen en rollen openlijk wordt besproken, terwijl 52 procent vindt dat de AI-visie van de organisatie duidelijk wordt gecommuniceerd naar medewerkers.

Volgens Conclusion biedt de generatiekloof niet alleen uitdagingen, maar ook kansen. Jongere medewerkers blijken sneller nieuwe technologie te omarmen, terwijl oudere collega’s meer ervaring hebben met wet- en regelgeving en risicomanagement. Door deze kwaliteiten te combineren, kunnen organisaties volgens de onderzoekers zowel innovatie als verantwoord gebruik van AI stimuleren.

Sinds begin dit jaar heeft IT-dienstverlener Vooruit een aparte security-afdeling. Aan het roer staat Earth Grob, die eerder werkte bij Fox IT en al als tiener zijn weg vond in de wereld van hacken. Zijn ervaring laat zien hoe organisaties steeds meer zoeken naar praktische invulling van cybersecurity.

Grob raakte op jonge leeftijd geïnteresseerd in technologie en beveiliging. “Toen mijn ouders de router uitzetten, besloot ik de wifi te hacken. Dat ondeugende zat er vroeg in,” zegt hij. Na een studie informatica in Delft werkte hij bij verschillende securitybedrijven, waaronder Fox IT. Daar deed hij zowel offensieve ervaring op (pentesten en hacken) als defensieve (incident response). Tegelijkertijd zag hij dat bedrijven vaak hoge bedragen uitgaven aan rapporten zonder dat de daadwerkelijke problemen werden opgelost.

Die ervaring was aanleiding om een andere aanpak te zoeken. Waar consultancy vaak eindigt met een rapport, is er volgens Grob juist behoefte aan het uitvoeren van aanbevelingen. “Klanten hebben niets aan nog een rapport in de la. Ze willen dat hun omgeving veilig wordt gemaakt.”

De praktijk laat zien dat de aanpak verschilt per organisatie. Voor sommige mkb-bedrijven neemt een externe partij de beveiliging grotendeels over, omdat kennis of capaciteit ontbreekt. Bij grotere organisaties, zoals zorginstellingen of gemeenten, gaat het vaak om aanvulling op bestaande teams of expertise.

Kostenaspect belangrijk voor mkb

Voor kleinere bedrijven is het kostenaspect altijd een factor. Grob wijst erop dat maatregelen in verhouding moeten staan tot de risico’s. Waar grote ondernemingen uitgebreide logging en detectiesystemen inzetten, wordt in een mkb-omgeving soms volstaan met het monitoren van inlogacties. Subsidies via het Digital Trust Center helpen om de drempel te verlagen.

Veel incidenten zijn terug te voeren op relatief eenvoudige fouten. Een voorbeeld zijn verkeerd ingestelde cloudopslagdiensten, waarbij gevoelige documenten openbaar toegankelijk blijven. Grob: “We vonden binnen twee uur paspoorten uit tachtig landen in openstaande S3- en Azure-buckets. Zulke fouten zijn eenvoudig te voorkomen, maar komen telkens terug.”

De komst van strengere wetgeving, zoals de NIS2-richtlijn, kan volgens Grob organisaties helpen om stappen te zetten. “Dat je anno 2025 nog moet discussiëren over multifactor-authenticatie bij organisaties die met medische data werken, is eigenlijk bizar.” Tegelijkertijd is de implementatie voor kleinere bedrijven ingewikkeld. Er blijft behoefte aan een praktische vertaalslag: wat is echt noodzakelijk, wat is haalbaar?

Hetzelfde geldt voor zero trust, een model dat veel aandacht krijgt maar in de praktijk altijd om balans vraagt. Waar security-engineers de neiging hebben alles dicht te zetten, willen beheerders werkbare oplossingen. “Het gaat erom per organisatie een evenwicht te vinden,” zegt Grob.

Dreigingsbeeld

Volgens Grob ligt de grootste dreiging bij criminelen, niet bij statelijke actoren. Die laatste ontwikkelen vaak geavanceerde tools, maar zodra kwetsbaarheden bekend worden, neemt de criminele onderwereld het over en ontstaat massaschade. “Een APT kost miljoenen om op te zetten, maar met dezelfde kwetsbaarheid kan een criminele groep duizenden organisaties platleggen.”

Ook vitale infrastructuur blijft een aandachtspunt. In sectoren zoals de water- en energiesector wordt in Nederland veel aandacht besteed aan beveiliging. Toch ziet Grob een risico in het blijven hangen in rapporten en adviezen. “Uiteindelijk moeten systemen daadwerkelijk worden beveiligd.”

De verwachting is dat security de komende jaren steeds meer zal draaien om het praktisch toepassen van bestaande kennis en adviezen. Voor organisaties, van mkb tot publieke instellingen, betekent dit dat beveiliging geen papieren exercitie mag zijn, maar onderdeel moet worden van de dagelijkse praktijk.

Lees het hele interview met Earth Grob in het komende nummer van ChannelConnect, dat te vinden is op de beurzen Cybersec Netherlands, Data Expo en MSP Show.

De markt voor IT-distributie en -diensten verandert. Waar partners traditioneel hun software, hardware en clouddiensten via distributeurs of rechtstreeks bij vendors inkochten, schuiven steeds meer grote leveranciers hun eigen digitale marketplaces naar voren. Microsoft, AWS, Google Cloud en tal van softwarebedrijven hebben inmiddels volwassen omgevingen gebouwd waar eindklanten met een paar klikken licenties, oplossingen en aanvullende diensten kunnen aanschaffen. Word je als msp buitenspel gezet of liggen er nog kansen om mee te bewegen?

Het is al jarenlang een bekende situatie: als vendors direct aan de eindklant verkopen, worden tussenlagen minder vanzelfsprekend. Het kanaal, dat waarde probeert toe te voegen met advies, implementatie en beheer, dreigt door directe verkoop gereduceerd te worden tot een ‘doorgeefluik’. Bovendien is de prijsdruk op marketplaces vaak groot, omdat de concurrentie direct zichtbaar is en transacties gestandaardiseerd zijn.

Voor partners die nog sterk leunen op licentiemarges en doorverkoopmodellen kan dit een serieuze bedreiging vormen. Een klant die zelf zijn licenties verlengt in de portal van Microsoft, komt misschien minder snel bij jou terug voor extra advies of diensten.

Nieuwe kansen voor partners

Toch betekent de opkomst van marketplaces niet per se het einde voor het kanaal. Integendeel: veel vendors erkennen dat partners nodig zijn om echte waarde toe te voegen. Er zijn nog altijd veel bedrijven die zelfs ervoor kiezen om exclusief (of vrijwel exclusief) indirect te werken, zoals Kaseya, Object First en LANCOM om er een paar te noemen.

Maar ook bedrijven die niet exclusief met partners werken bieden vaak partnerprogramma’s waarmee je transacties via de marketplace kunt koppelen aan je dienstverlening. Denk aan co-sell-programma’s, credits of een marge op basis van klantrelaties.

Daarnaast zijn marketplaces vaak zo breed en complex dat eindklanten door de bomen het bos niet meer zien. Daar kun je als adviseur de juiste mix van oplossingen selecteren, combineren en integreren. Het gaat dan niet alleen om de verkoop, maar vooral om de implementatie, security, compliance en het beheer eromheen.

Een verschuiving in rol en verdienmodel

De kernvraag is dus niet of marketplaces het kanaal overbodig maken, maar hoe partners hun rol opnieuw definiëren. In plaats van transacties doorzetten, draait het steeds meer om:
• het bieden van advies en strategische begeleiding;
• het integreren van meerdere oplossingen uit verschillende marketplaces;
• het leveren van managed services die verder gaan dan de initiële aanschaf.

Dit vraagt wel om een verschuiving in verdienmodel. Waar marges op licenties afkalven, komt de nadruk te liggen op maandelijkse terugkerende inkomsten uit beheer en services.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

Zuckerberg houdt vast aan AI-superintelligentie ondanks onrust bij Meta

Meta voert opnieuw een reorganisatie door binnen de AI-afdeling en legt een strikte hiring freeze op. Tegelijk investeert het miljarden in cloudinfrastructuur en blijft Mark Zuckerberg vasthouden aan zijn visie op AI-superintelligentie. Kritiek groeit echter op de hoge kosten en er is ophef over interne richtlijnen die AI-chatbots romantische gesprekken met kinderen toestonden.
Bron: The Guardian

Anthropic-CEO voorspelt dat AI binnen 3–6 maanden 90 % van de code schrijft

Dario Amodei, CEO van AI-startup Anthropic, zei tijdens een bijeenkomst van de Council on Foreign Relations dat AI al binnen drie tot zes maanden 90 % van alle softwarecode zou kunnen schrijven — en binnen een jaar mogelijk alles. Hij benadrukte dat menselijke ontwikkelaars voorlopig nog instaan voor ontwerp en toezicht, maar dat die rol snel kan vervagen.
Bron: AIwereld.nl

OpenAI erkent GPT-5-falen en schetst ambitieuze toekomstplannen

Tijdens een openhartig interview met The Verge gaf CEO Sam Altman toe dat de lancering van GPT‑5 misliep: gebruikers klaagden dat het model te koel aanvoelde, waarna GPT‑4o voor betalende gebruikers werd heringevoerd. Ondanks de tumultueuze start bleef het gebruik aantrekken: API-verkeer verdubbelde binnen 48 uur, ChatGPT is intussen één van ’s werelds meest bezochte websites en Altman kondigde enorme uitgaven aan—trillions aan datacenters, een mogelijke overname van Google Chrome, AI‑gebaseerde sociale media, hersen‑computerinterfaces, nieuwe hardware en zelfs de mogelijkheid dat een AI hem binnen drie jaar zou opvolgen als CEO.
Bron: The Verge  

Google introduceert Gemma 3 270M: compact model voor energiezuinige AI-toepassingen

Google voegt Gemma 3 270M toe aan de Gemma-familie: een compact model met 270 miljoen parameters, geoptimaliseerd voor instructie-opdrachten, uiterst energie-efficiënt en geschikt voor on-device toepassingen. Het model ondersteunt quantization-aware training (QAT), werkt op INT4-precisie en verbruikt bijvoorbeeld slechts 0,75 % van de batterij bij 25 gesprekken op een Pixel 9 Pro.
Bron: Google Developers Blog 

Excel krijgt AI-functie voor formules via Copilot

Microsoft breidt de mogelijkheden van Excel verder uit met een nieuwe Copilot-functie die helpt bij het maken van formules. Gebruikers kunnen voortaan in natuurlijke taal aangeven wat ze willen berekenen, waarna Copilot de juiste formule genereert. Dit moet het werken met complexe formules toegankelijker maken voor een breder publiek.
Bron: ChannelConnect

Tools*

Autocoder – AI-platform voor softwareontwikkeling

Autocoder biedt een geïntegreerd platform waarin ontwikkelaars AI kunnen inzetten om sneller software te ontwerpen, testen en optimaliseren. De tool ondersteunt automatische codegeneratie, foutdetectie en projectbeheer in één omgeving.
Bron: Autocoder

AI Vector – AI-gestuurde vectorillustraties

AI Vector genereert schaalbare vectorillustraties op basis van tekstprompts. De output is direct bruikbaar in designsoftware en geschikt voor branding, marketing en webdesign.
Bron: AI Vector

Redesignr – AI‑website- en landingspagina‑generator

Redesignr zet ruwe input of bestaande sites om naar nieuwe, responsive websites en landingspagina’s; AI herontwerpt lay‑out, secties en copy tot een publiceerbare pagina.
Bron: Redesignr

ContGPT – AI-contentgenerator voor WordPress

ContGPT automatiseert het schrijven en publiceren van teksten voor WordPress-sites. De tool kan blogartikelen, productpagina’s en landingspagina’s genereren, optimaliseren voor SEO en direct plaatsen met de juiste opmaak en afbeeldingen. Daarmee richt het zich vooral op marketeers en agencies die hun contentproductie willen versnellen.
Bron: ContGPT

Uluch – AI-unblur tool voor foto’s

Uluch gebruikt AI om wazige of beschadigde beelden te herstellen. De tool verwijdert ruis en compressie-artefacten, voert slimme upscaling uit en kan details aanvullen waardoor foto’s er scherper en professioneler uitzien. Het is vooral handig voor het verbeteren van oude foto’s of het herstellen van afbeeldingen die door compressie onscherp zijn geworden.
Bron: Uluch

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland

Data Expo 2025 laat zien dat data en AI volwassen worden

Op 10 en 11 september vindt in Jaarbeurs Utrecht de negende editie van Data Expo plaats. Het evenement laat zien hoe data en AI steeds volwassener worden in de bedrijfspraktijk. Bezoekers krijgen een breed overzicht van oplossingen, van data-infrastructuur tot AI-toepassingen, met veel aandacht voor praktische implementaties.
Bron: ChannelConnect

Bijna 6 miljoen Nederlanders gebruiken AI-tools

Het gebruik van AI-tools in Nederland groeit explosief. Volgens onderzoek van Newcom maken inmiddels bijna 6 miljoen Nederlanders tussen 18 en 65 jaar gebruik van AI, waarvan 3,6 miljoen op de werkvloer. Vooral ChatGPT en Microsoft Copilot winnen terrein, terwijl Google Gemini juist minder populair wordt.
Bron: Newcom

Google Cloud zet fors in op AI in de Benelux

Google Cloud investeert in Nederland vooral in agentic AI: intelligente systemen die zelfstandig taken uitvoeren en beslissingen nemen. Bedrijven zoals Omoda en Just Eat Takeaway gebruiken AI-tools van Google om processen te automatiseren, klantadvies te verbeteren en digitale folders efficiënter te maken. Agentic AI wordt gezien als de volgende grote technologische golf, vergelijkbaar met de introductie van internet of smartphones. Ook data-soevereiniteit en samenwerking met partners als Accenture krijgen daarbij nadruk.
Bron: Computable

Nederlandse bedrijven zetten AI-assistenten in maar benutten waarde nauwelijks

Steeds meer Nederlandse bedrijven maken gebruik van AI-assistenten zoals Copilot en ChatGPT, maar volgens onderzoek van KPMG wordt het potentieel ervan nog nauwelijks benut. De inzet blijft vaak beperkt tot eenvoudige toepassingen, terwijl strategische integratie in bedrijfsprocessen achterblijft.
Bron: ChannelConnect

Frankrijk zet AI-camera’s in bij bestrijding bosbranden

Frankrijk gebruikt AI-gestuurde camera’s om bosbranden sneller te detecteren en effectiever te bestrijden. Volgens een brandweercommandant zorgden die systemen ervoor dat men bijna een uur eerder kon ingrijpen bij een brand die anders veel erger had kunnen worden.
Bron: Metro

Nederlandse organisaties zetten steeds vaker AI-assistenten in, maar het merendeel weet de technologie nog niet effectief te benutten. Dat blijkt uit de zesde editie van de Data & AI Monitor 2025/26 van Xebia, uitgevoerd in samenwerking met Data Expo, waarvan ChannelConnect mediapartner is.

Uit het onderzoek, gehouden onder ruim 500 professionals uit meer dan tien sectoren in Europa en de VS, komt naar voren dat bijna de helft van de organisaties al met generatieve AI-assistenten werkt. Toch zegt minder dan 40 procent dat AI daadwerkelijk waarde toevoegt. Slechts een derde geeft aan de technologie optimaal te benutten.

Een belangrijke oorzaak is dat veel bedrijven de basis niet op orde hebben. Minder dan de helft beschikt over een duidelijke datastrategie. Ook kampt 51 procent met slechte datakwaliteit en ontbreekt bij 47 procent een datagedreven cultuur. Budget is een tweede knelpunt: de helft van de organisaties stelt dat er onvoldoende middelen beschikbaar zijn om AI-projecten door te ontwikkelen.

Verschillen tussen sectoren

De volwassenheid van AI verschilt sterk per branche. Zakelijke dienstverleners lopen voorop: zeven op de tien hebben duidelijke AI-plannen en zetten de technologie direct in bij klantprojecten. In de maakindustrie en de zorgsector is de adoptie trager. Verouderde IT-systemen, strikte regelgeving en gefragmenteerde data vormen daar de grootste obstakels.

Nederlandse bedrijven draaien massaal op Amerikaanse cloudplatforms. Microsoft Azure (47%), AWS (24%) en Google Cloud (20%) voeren de lijst aan. Slechts 7 procent maakt helemaal geen gebruik van cloud.

Driekwart van de organisaties ervaart een grote afhankelijkheid van deze aanbieders. Meer dan de helft noemt dit zorgelijk. Vooral in gereguleerde sectoren groeit de roep om meer digitale soevereiniteit. Zeven op de tien Europese respondenten vinden dat Europa sterker moet optreden tegen de dominantie van Amerikaanse techgiganten.

AI-agents en werkgelegenheid

Het onderzoek wijst ook op de verwachtingen rond AI-agents. Bijna de helft (45%) denkt dat dit type AI tot minder banen leidt. De zorgen zijn het grootst in de maakindustrie en zorg, terwijl zakelijke dienstverleners AI vooral zien als aanvulling op menselijke expertise.

Tot slot blijkt dat slechts 18 procent van de ondervraagden ‘Responsible AI’ als prioriteit heeft. Bedrijven richten zich vooral op AI in kernprocessen (40 procent), terwijl aandacht voor ethiek en governance achterblijft.

ChannelConnect is mediapartner van Data Expo, dat plaatsvindt op 10 en 11 september in de Jaarbeurs.

Microsoft introduceert een nieuwe manier om formules in Excel te bouwen met behulp van kunstmatige intelligentie. Met de aankondiging van de Copilot-functie in Excel kunnen gebruikers nu direct in een cel natuurlijke taal gebruiken om formules te genereren. De functie is vanaf vandaag beschikbaar voor deelnemers aan het Microsoft 365 Insider-programma (Current Channel) op Windows en Mac.

De nieuwe functie, simpelweg =COPILOT(), stelt gebruikers in staat om tekst in te voeren zoals “haal het kwartaal met de hoogste omzet op” of “bereken het gemiddelde van de laatste drie kolommen”, waarna Excel automatisch de bijbehorende formule genereert. Dit moet de drempel voor minder ervaren Excel-gebruikers verlagen en het werk van gevorderde gebruikers versnellen.

Volgens Microsoft is het doel om “de kracht van AI rechtstreeks beschikbaar te maken in het vertrouwde formuleveld”, zonder dat gebruikers aparte AI-interfaces of extra stappen hoeven te doorlopen. De gegenereerde formules kunnen direct bewerkt worden, net als reguliere Excel-functies.

Geen vervanging van bestaande AI-functionaliteit

De nieuwe =COPILOT()-functie is een aanvulling op de bredere Copilot-integratie in Excel, waarmee gebruikers via een zijpaneel AI kunnen inzetten voor het analyseren en samenvatten van gegevens. Met deze nieuwe functie wordt AI nu ook onderdeel van de kerninteractie in Excel: de cel zelf.

De functie is vanaf deze maand beschikbaar voor insiders die werken met Engelse Excel-versies. Microsoft geeft aan dat gebruikers binnen enkele dagen toegang moeten hebben. Voor zakelijke gebruikers wordt de uitrol later verwacht, na afronding van de testfase.

Uit de nieuwste editie van het jaarlijkse Security Awareness Report van het SANS Institute blijkt dat 80 procent van de organisaties social engineering als grootste risico ziet op het gebied van menselijk gedrag. Vooral phishing blijft de meest gebruikte aanvalsmethode, gevolgd door smishing en vishing, die steeds geavanceerder worden.

De bevindingen zijn gebaseerd op antwoorden van ruim 2.700 security awareness-professionals uit meer dan zeventig landen. De tiende editie van het rapport heeft als titel Embedding a Strong Security Culture en richt zich op de rol van menselijk gedrag binnen cyberbeveiliging. Opvallend is dat het verkeerd omgaan met gevoelige data dit jaar op de tweede plaats staat als risicofactor, terwijl dat eerder nog lager op de lijst stond. Zwakke wachtwoorden en gebrekkige authenticatie staan respectievelijk op de derde en vierde plaats. Deze verschuiving geeft volgens het rapport aan dat dreigingen evolueren en dat training niet alleen gericht moet zijn op kennis, maar ook op gedrag.

Tekort aan capaciteit

Gebrek aan tijd en personeel blijft het grootste knelpunt voor awareness-teams. Veel organisaties geven aan moeite te hebben om voldoende capaciteit vrij te maken om programma’s effectief te beheren. Het rapport wijst op het toenemende belang van ondersteunende technologie, waaronder AI, om teams te helpen met schaalvergroting en impact. Volgens de gegevens uit het rapport zijn awareness-programma’s effectiever naarmate ze langer bestaan en beter bemenst zijn. Voor merkbare gedragsverandering is gemiddeld een team van 2,8 fte nodig. Wil een organisatie een daadwerkelijke cultuurverandering realiseren, dan is minimaal vier fte vereist. Ook langdurige inzet blijkt een succesfactor: hoe langer een programma actief is, hoe groter de kans op verbeterde processen, meer betrokkenheid en sterkere samenwerking.

Loopbaan en beloning

Security awareness ontwikkelt zich ook als professioneel domein. Wereldwijd ligt het gemiddelde jaarsalaris voor deze functies op 99.000 euro. In Europa is dat gemiddeld 80.000 euro. Het rapport bevat ook informatie over doorgroeimogelijkheden, vereiste competenties en opleidingsniveaus voor awareness-professionals. De opkomst van AI, deepfakes en andere technologische ontwikkelingen maken het voor aanvallers makkelijker om mensen te misleiden. Organisaties worden volgens het rapport geconfronteerd met een complexer dreigingslandschap, waarbij de menselijke factor kwetsbaar blijft. Security awareness-programma’s moeten daarom voortdurend worden aangepast aan nieuwe realiteiten.

De omgang met data is in tien jaar tijd ingrijpend veranderd. Waar de eerste edities van Data Expo nog vooral gingen over big data en de vraag hoe organisaties hun data konden verzamelen en opslaan, ligt de nadruk inmiddels op de toepassing. Generatieve AI en agents zijn de nieuwe sleutelwoorden. De beurs is met die ontwikkelingen meegegroeid en dit jaar vindt de negende editie plaats in de Jaarbeurs Utrecht. “Wie de komende jaren niet inzet op AI en data, verliest terrein,” zegt organisator Davy Zwegers.

De ‘big data-bubbel’ ligt inmiddels achter ons. Tijdens de coronaperiode werd duidelijk dat data niet langer alleen een technisch vraagstuk was, maar een organisatorische randvoorwaarde. Afstandswerken, automatisering en de eerste stappen met generatieve AI gaven de discussie een nieuwe impuls.

Volgens organisator Davy Zwegers markeerde de komst van ChatGPT een omslagpunt. “In eerste instantie was er veel experiment en hype, maar inmiddels verschuift de aandacht naar agents en structurele inzet van AI. Organisaties beseffen dat dit niet meer weggaat. De vraag is nu: hoe houd ik mijn organisatie actueel en toekomstbestendig?”

Die urgentie maakt dat de beurs een plek is geworden waar business en technologie elkaar ontmoeten. Niet alleen techprofessionals, maar ook ondernemers, bestuurders en c-level management bezoeken Data Expo om samen met hun data- en IT teams nieuwe kansen te ontdekken en benutten. “Ze willen zélf meepraten over hoe AI en data hun strategie vormgeven,” benadrukt Zwegers.

Data als fundament

Hoewel AI de headlines haalt, blijft data de basis. Zonder solide datastructuur geen betrouwbare AI-toepassing. Datamanagement, datastrategie en data-soevereiniteit zijn actueler dan ooit. Het gaat daarbij niet alleen om efficiëntie of concurrentievoordeel, maar ook om ethische en maatschappelijke vraagstukken. Hoe veilig wordt klantdata bewaard? Is het wenselijk dat klanten uitsluitend door AI-agents worden geholpen? En welke rol blijft er voor de mens in organisaties die steeds verder digitaliseren?

Zwegers: “De basisvraag blijft: heb je je data op orde? Zonder strategie, governance en duidelijke keuzes in databeheer loop je vast – hoe geavanceerd de AI ook is.”

Meer dan 120 lezingen en een volle beursvloer

De Data Expo verwacht dit jaar ruim 4500 bezoekers. Zij kunnen kiezen uit meer dan 120 lezingen, in het Nederlands en Engels, aangevuld met workshops en een goedgevulde beursvloer. Van software tot consultancy, van dataplatforms tot advies over governance: bezoekers vinden hier de partners die hen verder helpen.

De organisatie is daarbij streng in de selectie van sprekers. “Elke sessie moet eindigen met een call-to-action,” zegt Zwegers. “Bezoekers moeten terugkeren op kantoor met concrete vervolgstappen: welke tools ga ik proberen, hoe ga ik met mijn team om tafel, welke processen kan ik verbeteren?”

De synergie met vakbeurs Cybersec, die gelijktijdig in de Jaarbeurs plaatsvindt, versterkt dit nog eens. Bezoekers kunnen eenvoudig oversteken tussen beide beurzen en zo in één dag zowel de kansen van data en AI als de risico’s van cyberdreigingen verkennen.

Relevantie voor IT-dienstverleners en msp’s

Voor IT-dienstverleners en msp’s liggen er volop mogelijkheden, zegt Zwegers. “Veel organisaties weten dat ze ‘iets met AI’ moeten, maar hebben geen idee hoe ze dit vertalen naar een haalbare roadmap. Wij zien dat bedrijven vaak moeite hebben om echte waarde te halen uit de tools en diensten die ze aanschaffen. Daar ligt een rol voor IT-dienstverleners: niet alleen technologie leveren, maar klanten begeleiden in de vraag hoe die technologie waarde creëert. Dat maakt hen partners, in plaats van leveranciers.”

Juist voor het mkb geldt dat ondersteuning onmisbaar is. Zwegers: “Waar grote bedrijven soms een intern datateam hebben, ontbreekt die capaciteit vaak bij kleinere organisaties. IT-partijen die zich positioneren als gids in dit landschap, worden dan ook gezien als de partners voor de toekomst.”

Dynamische data-wereld

Hoewel het de negende editie is, ligt de nadruk niet op terugkijken maar op vernieuwing. “Elke editie voelt bijna als een nieuwe beurs,” zegt Zwegers. “De snelheid van de ontwikkelingen dwingt ons steeds opnieuw te vernieuwen.”

Voor bezoekers en partners is Data Expo 2025 daarmee meer dan een beurs: het is een spiegel van het veld. Een plek waar zichtbaar wordt hoe data en AI volwassen worden, en welke keuzes organisaties moeten maken om die ontwikkeling bij te benen.

Data Expo 2025 in het kort
● Editie: 9e (Data Expo bestaat 11 jaar)
● Datum & locatie: Jaarbeurs Utrecht, 10 en 11 september 2025
● Bezoekers: >4.500 professionals uit profit- en non-profitorganisaties
● Programma: 120+ lezingen en workshops (Nederlands & Engels)
● Beursvloer: tientallen exposanten met software, data-oplossingen en consultancy
● Samenwerking: gelijktijdig met Cybersec, voor extra focus op security en data-soevereiniteit

Wil je Data Expo bezoeken? Registreer je hier gratis voor het event.

ChannelConnect is mediapartner van Data Expo en Cybersec Netherlands

Fujitsu heeft de officiële ontwikkeling aangekondigd van een supergeleide kwantumcomputer die meer dan 10.000 qubits moet bevatten. Het project is onderdeel van een programma van de Japanse organisatie NEDO (New Energy and Industrial Technology Development Organization) om de industrialisatie van kwantumcomputers te versnellen. De oplevering staat gepland voor 2030.

De nieuwe computer werkt met 250 logische qubits en maakt gebruik van Fujitsu’s eigen STAR-architectuur, een early-stage fault-tolerant quantum computing-architectuur die in 2024 samen met de universiteit van Osaka werd gepresenteerd. Daarmee wil het bedrijf de stap zetten naar praktische toepassingen, vooral op gebieden zoals materiaalkunde waar complexe simulaties kunnen bijdragen aan nieuwe ontdekkingen.

Voor dit project werkt Fujitsu samen met AIST en RIKEN, twee vooraanstaande Japanse onderzoeksinstituten. De eerste fase loopt tot 2027. Daarna richt het bedrijf zich op de integratie van supergeleide en diamant-spin-gebaseerde qubits. Tegen 2035 mikt Fujitsu op een systeem met 1.000 logische qubits, waarbij ook de koppeling van meerdere qubit-chips wordt onderzocht.

Naast de hardwareontwikkeling wil Fujitsu kwantumtechnologie nauwer integreren met high-performance computing. Daarbij speelt de eigen FUJITSU-MONAKA-processorlijn een sleutelrol. Deze processoren worden ook gebruikt in FugakuNEXT, de opvolger van de Fugaku-supercomputer.

Technologische uitdagingen

Het onderzoek richt zich op verschillende knelpunten die de schaalbaarheid van kwantumcomputers bepalen. Zo wordt gewerkt aan een hogere precisie in de fabricage van Josephson-juncties om frequentievariaties in qubits te beperken. Ook onderzoekt Fujitsu nieuwe methoden voor de onderlinge verbinding van qubit-chips en technieken om componenten dichter te verpakken en efficiënter te koelen. Verder ontwikkelt het bedrijf algoritmen en systeemontwerpen voor foutcorrectie, een cruciaal onderdeel om kwantumberekeningen betrouwbaar te maken.

Fujitsu investeert al langer in kwantumtechnologie. In 2023 werd samen met RIKEN een 64-qubit supergeleide kwantumcomputer gepresenteerd, gevolgd door een 256-qubit-systeem in april 2025. Daarnaast onderzoekt het bedrijf samen met TU Delft en QuTech de mogelijkheden van diamant-spin-qubits. Deze techniek gebruikt licht om qubits met elkaar te verbinden en leverde al resultaten op met zeer nauwkeurige en controleerbare qubits.

Zero trust is de afgelopen jaren uitgegroeid tot een van de meest besproken securityconcepten. Toch leeft bij veel mkb-bedrijven nog de vraag of dit model niet vooral bedoeld is voor grote organisaties met complexe infrastructuren. Ondertussen neemt de druk toe: cyberaanvallen worden geavanceerder, wetgeving zoals NIS2 stelt hogere eisen, en werken op afstand is gemeengoed geworden. Daarmee wordt de vraag steeds relevanter: is zero trust voor het mkb een overbodige hype of juist een noodzakelijke stap?

Wat is zero trust?

Het begrip zero trust is inmiddels wel bekend bij de meeste IT-dienstverleners. Het is geen product dat je ‘even’ installeert, maar een strategische aanpak die uitgaat van het principe never trust, always verify. Waar traditionele beveiliging vertrouwt op een harde buitenschil – de firewall – en een relatief vrij binnengebied, gaat zero trust ervan uit dat er overal risico’s kunnen zitten, ook binnen het eigen netwerk. Toegangspogingen van zowel interne als externe gebruikers worden daarom altijd gecontroleerd op identiteit, apparaatstatus en context. Daarnaast krijgen gebruikers en applicaties alleen de rechten die ze op dat moment nodig hebben, wat de kans op misbruik aanzienlijk verkleint. Het uitgangspunt is dat een aanval altijd mogelijk is, en dat je de schade kunt beperken door het netwerk in segmenten op te delen, data te versleutelen en alles continu te monitor

Waarom juist nu relevant voor het mkb

Voor mkb’s is de dreiging allang niet meer hypothetisch. Deze week nog werd bekend dat een laboratorium voor medisch onderzoek is gehackt en persoonsgegevens op straat zijn komen te liggen. Cybercriminelen zien kleinere bedrijven juist vaak als interessant doelwit omdat hun beveiliging minder geavanceerd is. De schade van een incident kan oplopen tot bedragen die voor een mkb funest zijn, zeker wanneer bedrijfsprocessen dagenlang stilliggen of er reputatieschade ontstaat.

Daar komt bij dat hybride werken en het gebruik van eigen apparaten inmiddels gemeengoed zijn. Medewerkers loggen in vanaf verschillende locaties en apparaten, wat de klassieke netwerkrand grotendeels heeft doen verdwijnen. Ook het gebruik van cloudoplossingen heeft de infrastructuur complexer gemaakt: data en applicaties staan verspreid over meerdere platformen en locaties. De opkomst van regelgeving, zoals NIS2 en sectorspecifieke compliance-eisen, maakt sterkere toegangscontrole en uitgebreide logging niet langer optioneel, maar een verplicht onderdeel van bedrijfsvoering.

Uit onderzoek blijkt dat inmiddels een groot deel van de mkb’s bezig is met of concrete plannen heeft voor zero trust-maatregelen. Vaak wordt begonnen met relatief laagdrempelige stappen zoals multi-factor authenticatie, strenger identity- en accessmanagement en het opdelen van het netwerk in kleinere segmenten.

Hardnekkige misverstanden

Een van de grootste misverstanden is dat zero trust gelijkstaat aan één technologie of product. In werkelijkheid is het een raamwerk waarin verschillende oplossingen samenwerken om het geheel te versterken. Een andere valkuil is te groot beginnen: wie alles tegelijk wil invoeren, loopt het risico verstrikt te raken in complexiteit en kosten. Een gefaseerde aanpak, met duidelijke prioriteiten, maakt het traject beter beheersbaar. Ook komt het vaak voor dat bedrijven starten zonder goed zicht te hebben op alle apparaten, gebruikers en applicaties binnen hun netwerk. Zonder die basisinformatie blijft zero trust half werk. En hoewel extra controles in sommige gevallen voor lichte vertraging kunnen zorgen, is dat met de juiste architectuur en optimalisaties goed te ondervangen.

Wat kan het kanaal betekenen?

Voor kanaalpartners – resellers, msp’s en integrators – ligt hier een duidelijke kans om waarde toe te voegen en zich te onderscheiden.
• Bewustwording en strategie: veel mkb-klanten hebben wel van zero trust gehoord, maar weten niet waar te beginnen. Partners kunnen het concept vertalen naar de praktijk en een plan maken dat past bij het risicoprofiel en het budget van de klant.
• Gefaseerde implementatie: een logische start is het invoeren van multi-factor authenticatie en strenge toegangscontroles, gevolgd door netwerksegmentatie en geavanceerde monitoring. Zo blijft de verandering beheersbaar.
• Integratie en beheer: zero trust werkt alleen als alle componenten goed samenwerken. Partners kunnen zorgen voor een naadloze integratie van identity management, endpoint security, netwerkbeveiliging en cloudplatforms.
• Monitoring en optimalisatie: continue meting en bijsturing zijn cruciaal. Met managed services kunnen partners de effectiviteit op peil houden en inspelen op nieuwe dreigingen.
• Opleiding en cultuurverandering: technologie is slechts één kant van het verhaal. Partners kunnen ook trainingen en awarenessprogramma’s verzorgen om medewerkers mee te krijgen in de nieuwe manier van werken.

De toekomst: van hype naar standaard

Met de opkomst van AI-gestuurde detectie en automatisering worden zero trust-oplossingen steeds gebruiksvriendelijker en betaalbaarder. De verwachting is dat strengere wetgeving en toenemende cyberdreigingen ervoor zorgen dat zero trust de komende jaren ook bij het mkb steeds meer de norm wordt. Daarin ligt voor het kanaal een belangrijke strategische rol: niet alleen het leveren van technologie, maar het begeleiden van organisaties in een mindset waarin vertrouwen nooit vanzelfsprekend is.