Het ziet ernaar uit dat OpenAI binnenkort een nieuw AI-model introduceert: GPT‑5. Volgens meerdere bronnen wordt de lancering verwacht in augustus 2025. Daarmee zou een nieuwe fase ingaan in de ontwikkeling van generatieve AI. De nieuwe versie wordt niet gepresenteerd als een losse opvolger van GPT‑4, maar als een geïntegreerd AI-systeem met een bredere functionele opzet. Wat er precies verandert en waarom dat relevant is voor jou als IT-dienstverlener, lees je in dit overzicht.

In tegenstelling tot eerdere releases brengt OpenAI met GPT‑5 vermoedelijk geen serie losse modellen uit. In plaats van varianten zoals GPT‑4 Turbo of het redeneermodel o3, wordt uitgegaan van een allesomvattend systeem waarin de verschillende componenten zijn samengevoegd. Daarmee lijkt het onderscheid tussen ‘basisversies’ en ‘geavanceerde modellen’ grotendeels te verdwijnen. Gebruikers hoeven in dat geval niet langer vooraf een modeltype te kiezen. De AI beslist zelf welke aanpak het meest geschikt is voor een taak, bijvoorbeeld logisch redeneren, het verwerken van beeldinformatie of het afhandelen van dialogen met veel context.

Deze verschuiving kan de inzet van AI voor veel organisaties vereenvoudigen, zeker wanneer AI wordt toegepast in klantinterfaces, automatiseringsscripts of interne workflows.

Wat is er nieuw als de geruchten kloppen?

• Verbeterde redeneerkwaliteiten: het model krijgt ondersteuning voor meerstapslogica en het afleiden van conclusies.
• Multimodaliteit: er wordt gewerkt aan ondersteuning voor zowel tekst, spraak als beeld — mogelijk ook video op termijn.
• Langere context: GPT‑5 zou aanzienlijk meer tekst in één keer kunnen verwerken dan eerdere modellen.
• AI-agents: het model kan zelfstandig externe taken uitvoeren via verbindingen met API’s of andere systemen.
• Betere foutreductie: het aantal hallucinerende antwoorden zou verder worden teruggedrongen.

Mogelijkheden voor IT-dienstverleners

Voor IT-dienstverleners en softwarebedrijven kan GPT‑5 nieuwe kansen bieden, met name op het gebied van automatisering en klantenservice. Zo zou het model bruikbaar zijn voor het ontwikkelen van virtuele assistenten die zelfstandig handelingen uitvoeren, zoals het verzamelen van informatie, het samenvatten van rapporten of het aanroepen van externe API’s. Ook voor monitoring, support en documentatiegeneratie biedt de nieuwe AI mogelijk meerwaarde.

De langere contextcapaciteit die wordt genoemd in de technische documentatie — mogelijk oplopend tot een miljoen tokens — zou GPT‑5 beter geschikt maken voor het verwerken van grotere hoeveelheden data, zoals volledige configuratiebestanden, juridische documenten of complexe codebases. Daarnaast wordt dus verwacht dat GPT‑5 overweg kan met meerdere vormen van input. Beeld, spraak en tekst worden vermoedelijk gelijktijdig ondersteund, wat nieuwe toepassingen mogelijk maakt op het snijvlak van AI en gebruikerservaring, zoals contextuele spraakinterfaces of visuele troubleshooting-assistenten.

Beschikbaarheid en versies

De verwachting is dat GPT‑5 in meerdere varianten beschikbaar komt, afhankelijk van de toepassing en de gebruikte omgeving. Bronnen spreken van drie versies: een standaard reasoning-model dat via ChatGPT en de API beschikbaar komt, een lichtere versie voor minder complexe toepassingen, en een zogeheten ‘nano-model’ dat alleen via de API te gebruiken is. Deze laatste zou bedoeld zijn voor toepassingen met strenge latency-eisen of beperkte rekenkracht, zoals edge devices of mobiele apps.

Tegelijkertijd zou OpenAI het aanbod overzichtelijker willen maken. Waar eerder nog sprake was van meerdere losstaande modelnamen, lijkt GPT‑5 het begin te markeren van een meer gestroomlijnd aanbod. Daarbij verdwijnen vermoedelijk de huidige labels als GPT‑4 Turbo en o3, en worden alle functionaliteiten onder één noemer samengebracht.

Verwachte releasedatum

Volgens informatie van onder meer The Verge en Axios mikt OpenAI op een release in augustus 2025. Deze planning is niet officieel bevestigd, maar wordt ondersteund door aanwijzingen in interne modelnamen en tests. Zo werd begin juli een testversie gesignaleerd onder de naam gpt-5-reasoning-alpha-2025-07-13. In de code van ChatGPT zouden inmiddels ook verwijzingen staan naar onderdelen van het nieuwe model, wat erop wijst dat de integratie al is gestart.

Eerdere vertragingen bij modelreleases hadden onder andere te maken met capaciteitsplanning, gebruikersveiligheid en contentbeoordeling. Het is daarom niet uitgesloten dat de uiteindelijke release nog iets verschuift.

Veiligheidskwesties en maatschappelijke vragen

De introductie van geavanceerde AI-modellen zoals GPT‑5 roept uiteraard ook weer vragen op over veiligheid, toezicht en ethiek. OpenAI geeft aan vooraf uitgebreide tests te doen op het gebied van veiligheid, misbruik en betrouwbaarheid. Daarbij gaat het niet alleen om technische validatie, maar ook om maatschappelijke impact. Denk aan de risico’s van desinformatie, geautomatiseerd misbruik of het gebruik van AI in gevoelige contexten.

Opvallend is dat OpenAI-ceo Sam Altman heeft aangegeven te overwegen om GPT‑5 in de toekomst breed beschikbaar te maken — mogelijk zelfs gratis. Dat zou de toegankelijkheid vergroten, maar roept ook vragen op over regulering, gebruiksvoorwaarden en de gevolgen van grootschalige toepassing door niet-professionele gebruikers.

Wat kun je nu al doen?

Voorbereiden op GPT‑5 begint bij inzicht in de huidige omgeving. Veel tools maken nu al gebruik van GPT via de API’s van OpenAI of Microsoft Azure. Controleer of jouw software of klantomgeving al afhankelijk is van een specifieke versie, en bekijk of er aanpassingen nodig zijn om de overstap naar GPT‑5 mogelijk te maken. Daarnaast is het verstandig om gebruiksscenario’s opnieuw te bekijken. De inzet van AI-agents, langere contexten of multimodale input vereist mogelijk aanpassingen aan interfaces, beveiligingsbeleid en logica binnen bestaande oplossingen.

Voor partners die AI al inzetten, kan het lonen om tests uit te voeren met sandbox-omgevingen zodra het nieuwe model beschikbaar komt. Zo kun je vooraf bepalen waar GPT‑5 een toegevoegde waarde kan hebben — en waar juist niet.

Met GPT‑5 zet OpenAI vermoedelijk een nieuwe stap in de richting van AI die zelfstandig redeneert, interpreteert en uitvoert. Daarmee verschuift het beeld van AI als tekstgenerator naar dat van een digitale assistent die zelf beslissingen neemt. Voor jou als IT-dienstverlener betekent dat vooral een verbreding van het speelveld: van chatbot naar co-pilot, van vragen beantwoorden naar processen aansturen. Tegelijk blijft het belangrijk om kritisch te kijken naar veiligheid, betrouwbaarheid en toepasbaarheid in de praktijk. De echte meerwaarde van GPT‑5 ligt niet alleen in wat het model technisch kan, maar vooral in hoe je het op een verantwoorde manier inzet.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

Moe maar menselijk: programmeur verslaat AI-model in wereldkampioenschap coderen

Tijdens de World Coding Championship in Tokio versloeg een uitgeputte menselijke programmeur het geavanceerde AI-model dat als topfavoriet gold. De AI had op snelheid en efficiëntie een voorsprong, maar faalde bij een onverwachte opdracht die creatief probleemoplossend vermogen vereiste. De overwinning van de mens wordt gezien als een illustratief voorbeeld van hoe menselijke intuïtie en flexibiliteit nog steeds het verschil kunnen maken in complexe taken.
Bron: Ars Technica

‘ChatGPT-router’ selecteert automatisch het juiste OpenAI-model voor je taak

OpenAI werkt aan een nieuwe functie die automatisch bepaalt welk van hun modellen – zoals GPT-4o, GPT-4-turbo of oudere varianten – het beste past bij een specifieke taak. Deze ‘ChatGPT-router’ zou ontwikkelaars en zakelijke gebruikers veel optimalisatiewerk uit handen moeten nemen. De routerfunctie is al zichtbaar in de achterliggende infrastructuur en lijkt binnenkort breed beschikbaar te worden gesteld.
Bron: VentureBeat

Google gebruikte AI om cyberaanval te stoppen vóórdat die plaatsvond

Google heeft met behulp van AI een cyberaanval weten te detecteren en blokkeren voordat die daadwerkelijk werd uitgevoerd. De aanval was gericht op de toeleveringsketen van een Amerikaanse IT-dienstverlener en werd geïdentificeerd via patronen in netwerkgedrag. Google noemt het een voorbeeld van ‘proactieve cyberbeveiliging’, waarbij AI niet alleen reageert op incidenten, maar aanvallen in een vroeg stadium herkent. Details over de gebruikte AI-modellen zijn niet vrijgegeven.
Bron: Business Today

Groot wantrouwen tegenover AI-bedrijven, maar gebruikers controleren zelden de feiten

Volgens nieuw onderzoek van Exploding Topics en Attest zegt 82% van de gebruikers sceptisch te zijn over informatie afkomstig van AI-tools. Toch controleert slechts 8% regelmatig de bronnen van die informatie. Ook opvallend: slechts 23% van de gebruikers vertrouwt AI-bedrijven, terwijl 89% van die bedrijven denkt dat hun technologie betrouwbaar wordt gevonden. Deze mismatch – de zogeheten ‘AI trust gap’ – laat zien dat er niet alleen een kloof is in perceptie, maar ook in gedrag.
Bron: Exploding Topics

Waarom een Google AI-paper 3.295 auteurs telt

Een recent gepubliceerd wetenschappelijk artikel van Google telt maar liefst 3.295 co-auteurs. De reden? Het paper is gebaseerd op gegevens van Gemini 1.5, waarbij input van duizenden medewerkers is gebruikt om het model te trainen, testen of beoordelen. Volgens Google is dit een stap naar meer transparantie over wie er bijdraagt aan grootschalige AI-ontwikkeling. Critici vragen zich echter af of zo’n lange auteurslijst wetenschappelijke waarde toevoegt of juist verwarring schept.
Bron: Ars Technica

 

Tools*

Mirai – AI-SDK voor razendsnelle on-device inferentie op Apple-devices

Mirai is een ontwikkeltool waarmee je AI-modellen direct op Apple-apparaten kunt draaien, zonder tussenkomst van de cloud. Dat betekent snellere prestaties, volledige controle over data en geen kosten per prompt. De SDK ondersteunt modellen tot 7 miljard parameters en is geoptimaliseerd voor Apple Silicon (M-, A- en R-chips). Met Mirai bouw je privacyvriendelijke AI-functionaliteit – zoals chat, samenvatting en classificatie – rechtstreeks in je eigen app.
Bron: Mirai

ShipStation.ai – AI-tool voor het bouwen van persoonlijke portfolio’s

ShipStation.ai is een AI-gestuurde tool waarmee je razendsnel een professioneel portfolio kunt maken. Je uploadt simpelweg je cv of LinkedIn-profiel en de tool genereert automatisch een persoonlijke website, inclusief overzicht van je projecten en ervaring. Aanpassingen doe je via een chatinterface, en je kunt het eindresultaat exporteren als PDF of online zetten met een eigen domein. Gericht op engineers, designers en andere professionals die snel en zonder technische kennis online zichtbaar willen zijn.
Bron: ShipStation.ai

Leania – AI-agent die zelfstandig werkt met je bestaande tools

Leania is een autonome AI-agent die je workflows automatiseert door zelfstandig te werken met apps als Gmail, Google Calendar, Notion en Slack. Je geeft opdrachten in natuurlijke taal, zoals “plan een meeting” of “update het projectplan”, en Leania voert ze uit alsof het een menselijke assistent is. Je kunt taken delegeren, werk laten voorbereiden of laten opvolgen – zonder code of integratie via Zapier.
Bron: Leania

Alice – AI-desktopassistent voor productieve workflows

Alice is een AI-gedreven desktopapp voor macOS, Windows en Linux waarmee je complexe taken kunt automatiseren via natuurlijke taal. Je typt of zegt wat je wilt doen – zoals code genereren, e-mails schrijven of een workflow starten – en Alice voert het direct uit, eventueel in combinatie met tools als Zapier, Make of eigen API’s. De app ondersteunt meerdere grote modellen (GPT‑4, Claude, Perplexity, Groq) en draait lokaal, waardoor je data privé blijft.
Bron: Alice

BrainyBear – AI-agentplatform voor slimme klantinteractie

BrainyBear is een platform waarmee je snel AI-agents kunt bouwen die klantvragen beantwoorden en eenvoudige workflows uitvoeren. Je voedt het systeem met informatie van je website, documenten of tools als Notion en Google Drive. Binnen een paar klikken heb je een werkende chatbot die inzetbaar is via je website, Slack, WhatsApp of andere kanalen. BrainyBear is bedoeld voor bedrijven die zonder technische kennis een intelligente, op maat gemaakte AI-assistent willen inzetten.
Bron: BrainyBear

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland

GPT‑NL: Nederlandse nieuwsuitgevers trainen eigen taalmodel

TNO, SURF, het NFI en NDP Nieuwsmedia werken samen aan GPT‑NL: een grootschalig Nederlandstalig AI-taalmodel dat wordt getraind op legaal verkregen data, waaronder nieuwsarchieven van meer dan dertig mediapartijen. De samenwerking is uniek vanwege de expliciete toestemming en vergoeding voor het gebruik van auteursrechtelijk beschermd materiaal. GPT‑NL moet een veilig, transparant en Europees verantwoord alternatief worden voor bestaande generatieve AI-modellen.
Bron: TNO

Nederlandse media vrezen verlies van bezoekers door AI-samenvattingen

Meerdere Nederlandse nieuwsuitgevers waarschuwen voor de impact van AI-gegenereerde samenvattingen in Google Search. Doordat gebruikers de antwoorden al op de zoekpagina krijgen, daalt het aantal kliks naar de originele websites, met mogelijk grote gevolgen voor advertentie-inkomsten. Sommige media stellen dat Google hiermee ook betaalmuren omzeilt. Er wordt gepleit voor duidelijke afspraken over vergoedingen en bronvermelding.
Bron: NL Times

Neo-regels: zware sancties voor overtreding AI Act vanaf augustus 2025

Vanaf augustus 2025 geldt de Europese AI-verordening (AI Act) bijna volledig. Toezichthouders mogen boetes opleggen tot €35 miljoen of 7% van de wereldwijde omzet bij overtreding. Voor het MKB geldt een verlaagd plafond van €7,5 miljoen of 1,5% van omzet.
Bron: NOMA law blog

Nederlandse AI-start-up Perry haalt €1,6M investering op

Perry, een Nederlands bedrijf dat AI inzet om technici te helpen met werkopdrachten en instructies te stroomlijnen, ontving 1,6 miljoen euro groeikapitaal. De investering is geleid door het Berlijnse fonds Revent, met bijdragen van angel-investeerders uit onder meer Google en OpenAI.
Bron: Dutch IT Channel 

Gen AI-adoptie schiet omhoog, maar opschaling blijft lastig

Volgens de Gen AI Benchmark van SparkOptimus maakt inmiddels 92 % van de Nederlandse organisaties gebruik van generatieve AI, tegenover 60 % een jaar geleden. Bijna een kwart gebruikt AI wekelijks, maar slechts een kleine groep weet het succesvol op te schalen. Oorzaken zijn onder meer gebrekkige datakwaliteit, onduidelijke businesscases en gebrek aan interne bijscholing. Wel heeft driekwart inmiddels een strategie opgesteld voor verdere inzet.
Bron: Consultancy.nl

De komst van de NIS2-richtlijn en de nieuwe Cyberbeveiligingswet werpt haar schaduw vooruit. Veel mkb-bedrijven beseffen nog niet dat ook zij straks geraakt worden. Hans ten Hove, Area Vice President Continental Europe bij Kaseya, licht toe waarom dit een belangrijk moment is voor msp’s om hun rol te pakken en mkb-klanten te helpen cyberweerbaar te worden.

In Nederland zullen straks zo’n 8 tot 10 duizend bedrijven rechtstreeks onder de NIS2-wetgeving vallen, vertelt Ten Hove. Dat zijn bedrijven die in bepaalde sectoren actief zijn en cruciaal voor digitale weerbaarheid, echter met een ondergrens van 50 medewerkers of EUR 10M omzet. “Veel mkb’ers en hun msp’s denken daardoor dat de wet voor hen niet geldt,” zegt hij. “Maar dat is een misvatting. Grote bedrijven moeten volgens de wet ook aantonen dat hun hele toeleverketen cyberweerbaar is. Die verantwoordelijkheid schuiven ze door naar hun leveranciers. En daar zitten vaak kleine mkb-bedrijven bij. Voldoet zo’n leverancier niet, dan kan dat grote gevolgen hebben voor de relatie.”

Het resultaat: ook bedrijven van slechts vijf medewerkers kunnen straks te maken krijgen met aangescherpte cybervoorwaarden vanuit hun grootste klanten. Wie daar niet op voorbereid is, loopt het risico opdrachten of klanten kwijt te raken.

Certificeringen helpen inzicht bieden

Om die verantwoordelijkheid hanteerbaar te maken, hebben brancheorganisaties, VNO-NCW en de overheid het initiatief Samen Digitaal Veilig opgezet. Dit introduceert drie niveaus van certificeringen — Quality Marks 10, 20 en 30 — die een uniforme indicatie geven van de cyberweerbaarheid van toeleveranciers. Hoe kritischer een leverancier in de keten, hoe hoger het niveau dat gevraagd kan worden. “Dat is een slimme manier om grote bedrijven inzicht te geven in hun keten en mkb’ers houvast te bieden,” zegt Ten Hove. “Een bedrijf kan bijvoorbeeld aan zijn leveranciers vragen minimaal Quality Mark 10 te halen, en aan cruciale partners Quality Mark 30.”

Voor msp’s ligt hier een duidelijke kans. “Als msp zit je in een sleutelpositie,” stelt Ten Hove. “Je hebt niet alleen je eigen zaken goed op orde te hebben — je klanten rekenen erop dat jij hen begeleidt. Dit is hét moment om klanten uit te leggen dat ze deze ontwikkelingen serieus moeten nemen en hen daarbij te ondersteunen. Daarmee kun je je zelfs onderscheiden van andere aanbieders.”

Kaseya heeft zijn portfolio ingericht om msp’s daarbij te ondersteunen. “We bieden oplossingen die passen bij elk niveau van de Quality Marks, en vaak zelfs verder gaan,” aldus Ten Hove. “We helpen msp’s bij het opzetten van business continuity, zodat downtime bij een incident wordt beperkt. We hebben oplossingen voor endpoint- en userbeveiliging, inclusief training en phishingsimulaties, zodat ook de ‘menselijke factor’ wordt aangepakt. En alles is geïntegreerd, zodat msp’s efficiënt kunnen werken en kosten kunnen beheersen.”

De recent geïntroduceerde Kaseya 365-diensten spelen daarbij een belangrijke rol. Deze combineren dertien diensten voor endpoint- en userbeveiliging, inclusief tientallen vooraf geconfigureerde automatiseringen. “Daarmee hebben msp’s alles in handen om klanten snel en effectief te helpen en tegelijk hun eigen marges gezond te houden,” legt hij uit.

Beyond compliance: onderscheiden door pentesting

Naast compliance kunnen msp’s zich nog verder onderscheiden met diensten die extra zekerheid bieden, zoals geautomatiseerde penetratietesten. “Voorheen waren pentests iets voor gespecialiseerde bureaus en grote corporates,” zegt Ten Hove. “Ze waren duur, arbeidsintensief en nauwelijks beschikbaar voor het mkb. Door onze overname van het Vonahi pentestplatform kunnen msp’s dit nu als dienst aanbieden. Je hoeft het klanten alleen maar uit te leggen — ze vragen er zelf niet om, want ze kennen het vaak niet.”

Volgens Ten Hove past het perfect in het gesprek over ketenverantwoordelijkheid. “Als je je klanten kunt vertellen dat ze niet alleen voldoen aan Quality Mark 30, maar ook nog vier keer per jaar een pentest laten uitvoeren, dan geeft dat een enorm vertrouwen. Daar win je klanten mee.”

‘Actief adviseren’

Ten Hove benadrukt dat het voor msp’s niet voldoende is om alleen diensten ‘op de plank te hebben liggen’. Ze moeten proactief het gesprek aangaan met hun klanten. “Veel mkb’ers denken dat een antiviruspakket en een back-up voldoende zijn. Maar ze hebben geen idee welke eisen hun klanten straks aan hen stellen. Het is aan jou als msp om hen die bewustwording bij te brengen. Doe een digitale APK bij je klanten. Bespreek wat ze goed doen en waar nog gaten zitten. Daarmee help je niet alleen je klant, je laat ook zien dat je een partner bent die meedenkt en vooruitkijkt.”

Dat het mkb steeds vaker kiest voor een msp, blijkt ook uit recente onderzoeken. “Ongeveer 85 procent van de mkb-bedrijven heeft al een deel van hun IT uitbesteed of is dat van plan,” vertelt Ten Hove. “En dat is verstandig. Een msp doet dit dagelijks, heeft de schaal, expertise en ervaring die je zelf niet kunt evenaren. En voor msp’s is het interessant omdat ze met de juiste diensten en adviezen hun klantenbestand kunnen uitbreiden en verdiepen.”

Voor Ten Hove is de boodschap duidelijk: “NIS2 en de Cyberbeveiligingswet zijn niet alleen een verplichting, ze bieden ook kansen. Wie als msp nu investeert in kennis, diensten en advisering rond ketenverantwoordelijkheid, kan zich onderscheiden in de markt en zijn klanten beter helpen. En dat is uiteindelijk waar het om draait.”

Uit onderzoek van Wiz Research blijkt dat ontwikkelaars massaal gevoelige gegevens, waaronder logins en hr-informatie, publiceren in publieke code repositories. In een scan van een maand stuitte Wiz op honderden blootgestelde datasets, afkomstig van tientallen organisaties, waaronder meerdere Fortune 100-bedrijven. Volgens de onderzoekers laat dit zien dat de beveiliging achterblijft bij de snelle adoptie van AI-tools.

Wiz onderzocht hoe organisaties omgaan met securityrichtlijnen in het huidige AI-landschap. Bij twintig procent van de bekeken bedrijven werd gevoelige of vertrouwelijke informatie gevonden in openbare opslag. In totaal identificeerde het team data van dertig verschillende organisaties, waarvan een derde gerelateerd was aan persoonlijke projecten van medewerkers. Van alle gelekte vertrouwelijke informatie had 40 procent directe impact op de getroffen organisaties, bijvoorbeeld doordat toegang tot hr-gegevens mogelijk was.

Een opvallende bevinding is dat meer dan de helft (56 procent) van de blootgestelde data in persoonlijke opslagomgevingen van medewerkers stond, en niet op bedrijfsomgevingen. Dit verschijnsel, ook wel ‘adjacent discovery’ genoemd, benadrukt volgens Wiz het risico dat gevoelige informatie onbedoeld buiten de formele IT-omgeving terechtkomt.

AI-specifieke risico’s

AI-gerelateerde gegevens vormen het grootste deel van de gevonden lekken. Vier van de vijf meest aangetroffen bestandstypen hangen samen met AI-toepassingen. Wiz wijst drie belangrijke aanvalsroutes aan:
• Python-notebooks (.ipynb) blijken vaak een bron van gevoelige gegevens, doordat ze uitvoerbare code, resultaten en documentatie combineren.
• Configuratiebestanden voor AI-agents, zoals mcp.json en .env, bevatten regelmatig hardcoded authenticatiegegevens. Vooral ontwikkelaars die AI-code-assistenten inzetten, blijken kwetsbaar door een gebrek aan kennis over best practices.
• Nieuwe vertrouwelijke gegevensformaten die AI-leveranciers introduceren, worden vaak niet herkend door bestaande detectietools. Daardoor ontstaan blinde vlekken in de beveiliging.

Daarnaast signaleren de onderzoekers dat authenticatiegegevens voor Chinese AI-platformen relatief vaak lekken en vaak onopgemerkt blijven, terwijl Westerse platformen sneller door scanners worden opgepikt.

Volgens Rami McCarthy, principal security researcher bij Wiz, laat het rapport zien hoe dringend scherpere beveiligingsrichtlijnen nodig zijn: “Nu AI een standaard hulpmiddel wordt voor ontwikkelaars, is het duidelijk dat standaardbeveiliging de norm moet worden en niet de uitzondering. We hopen dat deze bevindingen proactieve gesprekken op gang brengen tussen beveiligings- en engineeringteams en dat organisaties sneller overstappen op slimmere tools en werkwijzen om zich beter te beschermen.”

Met de verkiezingen op komst, komen diverse maatschappelijke organisaties met aanbevelingen voor de verkiezingen. Nadat gisteren NLdigital een oproep deed, blijft nu ook Coöperatie SURF niet achter.

SURF roept de politiek op om structureel 150 miljoen euro per jaar extra te investeren in digitale infrastructuren voor onderwijs en onderzoek. In aanloop naar de verkiezingen van 2025 publiceert SURF een manifest met als centrale boodschap: alleen met gerichte investeringen kan Nederland zijn positie als digitale mainport behouden en versterken. Volgens de organisatie is de situatie nijpend. Terwijl andere landen fors investeren in snelle netwerken, krachtige rekenfaciliteiten en veilige opslagcapaciteit voor onderzoek en onderwijs, raakt Nederland achterop. In internationale ranglijsten zakken Nederlandse voorzieningen weg, waardoor wetenschappers en studenten risico lopen achtergesteld te worden.

In het manifest waarschuwt SURF dat zonder aanvullende structurele middelen cruciale onderdelen van de digitale infrastructuur verdwijnen, wat wetenschappers beperkt in hun mogelijkheden en het vestigingsklimaat voor kennisinstellingen ondermijnt.

Digitale soevereiniteit versterken

Naast investeringen in infrastructuur benadrukt SURF het belang van digitale soevereiniteit. Nederland en de EU zijn volgens de organisatie te afhankelijk geworden van dominante, niet‑Europese partijen. Dat maakt de samenleving kwetsbaar en beperkt de keuzevrijheid. SURF pleit daarom voor publieke investeringen in veilige nationale en Europese alternatieven, zoals cloud‑ en AI‑infrastructuren gebaseerd op open standaarden en open source.

Een ander speerpunt is het versterken van de digitale mainportfunctie van Nederland. Nieuwe intercontinentale datakabels landen steeds vaker in omringende landen, waardoor Nederland terrein verliest als knooppunt voor mondiale datastromen. SURF ziet hierin een rol voor de overheid, die SURF in staat kan stellen als launching customer op te treden voor nieuwe verbindingen en zo de concurrentiepositie van Nederland te beschermen.

Relevantie voor IT‑dienstverleners

Voor msp’s en IT‑dienstverleners liggen er volgens SURF ook kansen. De oproep tot investeringen in nationale en lokale digitale faciliteiten betekent dat de vraag naar veilige connectiviteit, rekencapaciteit en dataopslag in Nederland toeneemt. Ook de aandacht voor digitale veiligheid, open source en autonomie biedt mogelijkheden voor leveranciers en adviseurs om instellingen te helpen met betrouwbare oplossingen en het verhogen van hun weerbaarheid.

Samenvatting van de speerpunten:
• Jaarlijkse investering van 150 miljoen euro extra, verdeeld over nationale, lokale en data‑intensieve onderzoeksfaciliteiten.
• Versterken van digitale soevereiniteit door minder afhankelijkheid van big tech en meer open standaarden.
• Actief aantrekken van nieuwe intercontinentale verbindingen om de digitale mainportpositie veilig te stellen.
• Stimuleren van digitale vaardigheden en weerbaarheid bij onderwijsinstellingen en onderzoekers.

SURF ziet samenwerking tussen overheid, onderwijs, onderzoek en marktpartijen als sleutel om deze ambities waar te maken

De vraag naar elektriciteit door Europese datacenters neemt in hoog tempo toe en zet netbeheerders en overheden onder druk. Door de opkomst van AI‑toepassingen en steeds hogere rekenvermogens stijgt het stroomverbruik van datacenters in Europa naar verwachting van circa 10 gigawatt in 2023 tot mogelijk 35 gigawatt in 2030. Dat meldt DatacenterDynamics op basis van recente marktanalyses.

De groei van cloud, edge en colocatie was al jarenlang gestaag, maar de recente AI‑hype zorgt voor een nieuwe versnelling. Vooral GPU‑clusters voor training en inferentie hebben een extreem hoge dichtheid en daarmee ook een fors hoger energie‑ en koelvermogen nodig. In sommige landen begint dat nu al tot knelpunten te leiden. Zo nam het aandeel van datacenters in het totale elektriciteitsverbruik in Ierland de afgelopen jaren toe tot bijna 20 %. Naar verwachting kan dat stijgen tot 30 % binnen enkele jaren als de groei doorzet. Ook in Nederland, waar Amsterdam en Haarlemmermeer al jaren maatregelen nemen om de groei te beheersen, wordt rekening gehouden met beperkingen aan het stroomnet en langere wachttijden voor nieuwe aansluitingen.

Mogelijke vertragingen en hogere kosten

Voor IT‑dienstverleners en msp’s betekent deze ontwikkeling dat de beschikbaarheid van datacentercapaciteit en energieprijzen een steeds grotere rol spelen in hun dienstverlening. Waar bedrijven gewend waren snel extra capaciteit te kunnen bijboeken, moeten ze in sommige markten rekening houden met langere doorlooptijden en strengere eisen rondom energie‑efficiëntie. Bovendien stijgen de energiekosten in veel Europese landen, deels door de grotere vraag en deels door het prijsbeleid om duurzaamheid te stimuleren. Dit kan directe impact hebben op de exploitatiekosten van colocatie en cloudplatforms en dus ook op de marges van resellers en dienstverleners.

Tegelijkertijd biedt de situatie kansen voor partners die inzetten op duurzaamheid en efficiëntie. Datacenters zoeken naar manieren om hun PUE‑cijfers te verbeteren en restwarmte te benutten, en investeren in nieuwe technologieën zoals vloeistofkoeling, AI‑gedreven workloadoptimalisatie en on‑site opwekking. Ook krijgen energiebeheer, monitoring en advies over duurzame migraties een prominentere plek in tenders en klantvragen. Voor msp’s en dienstverleners liggen hier mogelijkheden om klanten te ondersteunen met energiezuinige cloudarchitecturen, hybride en multicloudstrategieën en het uitfaseren van inefficiënte workloads. Ook de koppeling met wet‑ en regelgeving rondom ESG‑rapportages en duurzaamheidsdoelen biedt nieuwe advieskansen.

De komende jaren moet duidelijk worden hoe Europa het evenwicht weet te vinden tussen de groeiende vraag naar digitale infrastructuur en de fysieke grenzen van het elektriciteitsnet. Voor dienstverleners is het zaak om klanten tijdig te informeren over de risico’s en hen te begeleiden bij het maken van keuzes die toekomstbestendig én verantwoord zijn.

Een ernstig beveiligingslek in Microsoft SharePoint Server, dat dit weekend aan het licht kwam, wordt actief uitgebuit door aanvallers. De kwetsbaarheid, geregistreerd als CVE‑2025‑53770, betreft een zero‑day. Inmiddels heeft Microsoft een patch uitgebracht voor on‑premises SharePoint‑servers. Voor msp’s en IT‑beheerders is het zaak om snel te handelen en de situatie nauw te blijven volgen.

Cybersecurityonderzoekers ontdekten dat ongeautoriseerde aanvallers via een speciaal gevormde HTTP‑request code kunnen uitvoeren op een kwetsbare SharePoint‑server. Zo krijgen ze toegang met systeemrechten. Deze remote code execution (RCE) kan leiden tot ernstige schade en dataverlies, zeker omdat SharePoint vaak gevoelige bedrijfsdata herbergt en een centrale rol speelt in bedrijfsprocessen. De kwetsbaarheid in SharePoint werd ontdekt door het Nederlandse cybersecuritybedrijf Eye Security.

De kwetsbaarheid geldt alleen voor on‑premises SharePoint‑servers. SharePoint Online (Microsoft 365) is niet getroffen, omdat die door Microsoft zelf wordt beheerd.

Het lek is door het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) en het Digital Trust Center (DTC) ingeschaald als High/High, wat betekent dat zowel de kans op misbruik als de potentiële schade groot is. Beide instanties waarschuwen dat er al aanvallen plaatsvinden tegen organisaties in de publieke sector en zakelijke dienstverlening.

Beveiligingsupdates beschikbaar

Microsoft heeft beveiligingsupdates gepubliceerd voor SharePoint Server Subscription Service en SharePoint Server 2019. Het NCSC en het DTC adviseren dringend om deze updates zo snel mogelijk te installeren. Op de website van Microsoft staat uitgelegd hoe je dit uitvoert. Daarnaast adviseert Microsoft om te controleren of systemen zijn voorzien van de meest recente beveiligingsupdates, waaronder de juli‑updates van 2025.

Mocht het (nog) niet mogelijk zijn om de patch direct door te voeren, dan zijn er tijdelijke maatregelen beschikbaar om het risico te beperken:
• Controleer AMSI. De Anti Malware Scan Interface (AMSI) is sinds september 2023 standaard actief op SharePoint, maar het is verstandig te verifiëren dat deze niet handmatig is uitgeschakeld. Als AMSI actief is, blijft de kwetsbaarheid technisch aanwezig, maar kan deze volgens Microsoft niet worden misbruikt.
• Koppel servers eventueel los. Is AMSI uitgeschakeld en kan de patch nog niet worden toegepast, koppel de server dan tijdelijk los van het internet totdat de update is geïnstalleerd.
• Gebruik Microsoft Defender Antivirus. Zorg dat Defender draait op alle SharePoint‑servers.

Wat betekent dit voor jou als msp?

Voor msp’s die on‑premises SharePoint voor klanten beheren, is het nu zaak om snel en zorgvuldig te handelen:
• Breng in kaart welke klanten kwetsbare servers draaien. Check of het om SharePoint Server Subscription Service of 2019 gaat.
• Installeer de patch. Voer de door Microsoft beschikbaar gestelde updates direct door.
• Verifieer AMSI. Controleer of AMSI ingeschakeld is op alle servers.
• Informeer klanten. Communiceer proactief over de kwetsbaarheid, de impact en de genomen maatregelen.
• Monitor logs. Houd IIS‑ en SharePoint‑logs in de gaten op tekenen van misbruik.
• Beperk bereikbaarheid. Waar mogelijk, zet SharePoint‑servers achter een VPN of Zero Trust‑toegang.

Blijf de advisories van Microsoft en het NCSC in de gaten houden voor verdere details en mogelijke aanvullende aanbevelingen.

NLdigital, de branchevereniging van zo’n 600 digitale bedrijven, heeft vandaag haar verkiezingsmanifest Nederland digitaal vooruit gepresenteerd. Daarin roept de organisatie politiek en samenleving op tot grootschalige investeringen in digitalisering, om de Nederlandse economie en verzorgingsstaat toekomstbestendig te maken. Volgens NLdigital staat het land op een keerpunt: digitaliseren of achteruitgaan.

De vereniging grijpt de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen van 2025 aan om een signaal af te geven. De Nederlandse Bank wees er onlangs op dat een verdrievoudiging van de productiviteitsgroei nodig is om op termijn dezelfde voorzieningen voor zorg, pensioen en AOW te kunnen blijven garanderen. “De boodschap van Klaas Knot over productiviteitsgroei is helder en urgent,” stelt NLdigital. “Wij laten zien hoe digitalisering daar een doorslaggevende bijdrage aan kan leveren.”

Het manifest schetst een actieplan dat bestaat uit twee prioriteiten en drie randvoorwaarden. Belangrijkste speerpunt volgens NLdigital is het verbeteren van het ondernemersklimaat voor digitale bedrijven. Zo pleit de organisatie voor behoud van bestaande regelingen zoals de WBSO en 30%-regeling, en voor een minister voor Digitale Economie en Innovatie binnen Economische Zaken. Ook vraagt zij om ruimte voor experimenten met nieuwe technologieën, zoals kunstmatige intelligentie.

De tweede prioriteit is investeren in digitale vaardigheden op alle niveaus van de samenleving. Hiervoor doet NLdigital concrete voorstellen, zoals een fiscale aftrek voor ICT-om- en bijscholing, digitale geletterdheid als basisrecht in het onderwijs, en een verhoging van de innovatie-investeringen naar 5% van het bruto binnenlands product (BBP).

De drie randvoorwaarden die dit volgens NLdigital mogelijk moeten maken zijn: meer digitale autonomie in internationale samenwerking, een toekomstbestendige digitale infrastructuur (waaronder datacenters en glasvezel), en een efficiëntere, beter gecoördineerde digitale overheid.

Politieke en economische context

De oproep komt op een moment dat digitalisering in de politiek weliswaar veel wordt besproken, maar de uitvoering vaak versnipperd en traag verloopt. Het afgelopen jaar klonk uit verschillende hoeken kritiek op de beperkte aandacht in Den Haag voor digitale thema’s. Zo pleiten ook adviesorganen als de WRR en de SER al langer voor meer centrale regie en investeringen op dit terrein, onder meer vanwege de gevolgen van vergrijzing en arbeidsmarktkrapte.

Tegelijkertijd lopen digitale bedrijven aan tegen een stroperige vergunningsverlening voor datacenters, knelpunten op het elektriciteitsnet en een tekort aan goed opgeleid personeel. Ook de internationale concurrentiepositie staat onder druk nu andere Europese landen stevig investeren in AI, cloudinfrastructuur en digitale vaardigheden.

Met het manifest wil NLdigital naar eigen zeggen duidelijk maken dat het geen vrijblijvende oproep is. “De digitale sector groeit sneller dan welke andere sector ook, en is nu al goed voor zes procent van het BBP,” aldus de vereniging. “De tijd van praten is voorbij – Nederland moet aan de slag. Van stratenmaker tot chirurg, van scholier tot senior: iedereen moet meedoen aan de digitale transformatie.”

Of en in welke mate de voorstellen van NLdigital worden overgenomen door politieke partijen en een volgend kabinet, zal de komende maanden duidelijk worden.

Belangenorganisatie Connect Europe wil dat de Europese Commissie werk maakt van een ‘bold’ reset van de Digital Networks Act (DNA). Volgens de organisatie is de huidige wetgeving te versnipperd en te complex, waardoor investeringen in netwerkinfrastructuur achterblijven.

Connect Europe, waarin grote telecomaanbieders en netwerkinvesteerders verenigd zijn, stelt dat Europa het risico loopt zijn concurrentiepositie te verliezen op het gebied van digitale connectiviteit. Uit eigen cijfers blijkt dat Europese landen gemiddeld achterlopen op het uitrollen van glasvezel en 5G standalone‑netwerken ten opzichte van Azië en de Verenigde Staten. De bestaande DNA‑wetgeving is volgens de lobbyclub “niet toekomstbestendig en ineffectief”, omdat lidstaten nog steeds uiteenlopende regels en procedures hanteren voor vergunningen, investeringen en netwerkbeheer.

Deregulering en harmonisatie nodig

De belangenorganisatie pleit daarom voor een fundamentele hervorming: een sterke vereenvoudiging van regelgeving, geharmoniseerde procedures in alle lidstaten en meer ruimte voor private investeringen. Volgens Connect Europe is een ‘bold’ aanpak noodzakelijk om de Europese digitale doelstellingen voor 2030 alsnog te halen en de achterstand weg te werken.

“Het huidige regelgevingskader remt Europa af en belemmert investeringen in onze digitale toekomst,” stelt de organisatie in een verklaring. “Dit schaadt niet alleen gebruikers, maar ook de concurrentiekracht van onze economieën.” Volgens Alessandro Gropelli, voorzitter van Connect Europe, kan ingrijpende hervorming Europa weer op de wereldkaart zetten: “Ingrijpende hervormingen kunnen de EU weer op de wereldwijde technologieradar zetten en onze burgers en bedrijven voorzien van de geavanceerde connectiviteit die zij nodig hebben om te kunnen concurreren.”

Voor msp’s en integrators die actief zijn in de telecomketen kan een hervorming van de DNA aanzienlijke gevolgen hebben. Als Europese regelgeving inderdaad wordt vereenvoudigd en geharmoniseerd, kan dat leiden tot snellere infrastructuurprojecten, minder bureaucratische barrières en betere toegang tot nieuwe netwerktechnologieën voor zakelijke klanten. Tegelijkertijd benadrukt Connect Europe dat beleidsmakers oog moeten houden voor investeringszekerheid en de rol van partners en leveranciers in het ecosysteem. Voor msp’s is het daarom zaak de ontwikkelingen rond de DNA‑hervorming op de voet te volgen en te anticiperen op nieuwe kansen die ontstaan.

Wekelijks verzamelt ChannelConnect de opvallendste, leukste of beste nieuwsitems en tools. Met natuurlijk speciale aandacht voor de toepassingen ervan voor IT-dienstverleners en msp’s. Het overzicht van de afgelopen week.

Nieuws

Chief AI Officers blijken sleutel tot hogere AI-ROI

Uit onderzoek van IBM blijkt dat organisaties met een Chief AI Officer (CAIO) gemiddeld 10% meer rendement halen uit hun AI-investeringen en innovatiever zijn dan concurrenten. Slechts 26% van de organisaties heeft zo’n rol ingevuld, maar die blijkt steeds belangrijker: een CAIO verbindt strategie en uitvoering, beheert in 61% van de gevallen het AI-budget en krijgt breed draagvlak in de boardroom. Ook blijkt een centraal of ‘hub-and-spoke’-model onder leiding van een CAIO de ROI met 36% te verhogen. Wel worstelen veel CAIO’s nog met het meten van impact en het onderbouwen van langetermijnwaarde.
Bron: IBM Institute for Business Value

AI-coding tools veroveren de terminal

Een nieuwe generatie AI-coding tools verschuift van de browser en IDE’s naar de terminal. Volgens TechCrunch winnen command line–tools zoals Cursor CLI en Cody CLI snel aan populariteit bij ontwikkelaars die direct in hun shell willen blijven werken. De voordelen: minder context-switching, sneller schakelen en eenvoudige integratie in bestaande workflows. Vooral gevorderde gebruikers lijken de voorkeur te geven aan een lichtgewicht, scriptbare interface boven zware GUI’s. Deze trend laat zien dat AI-hulpmiddelen zich steeds beter aanpassen aan de werkstijl van de gebruiker.
Bron: TechCrunch

Nieuw onderzoek werpt licht op de ‘geheime saus’ achter ChatGPT

Onderzoekers van Stanford en Cornell publiceren een analyse van de alignment‑technieken achter ChatGPT. Ze tonen hoe methoden als RLHF en verborgen instructies biases beperken, maar ook nieuwe inconsistenties veroorzaken. Het paper pleit voor meer openheid over deze mechanismen en betere audit‑mogelijkheden. Het biedt een zeldzaam kijkje in de manier waarop AI‑gedrag wordt gestuurd en beperkt.
Bron: arXiv

Canva integreert Claude 3.5 en ondersteunt modelaanpassing

Canva gaat samenwerken met Anthropic om Claude 3.5‑modellen te integreren in zijn creatieve platform. Hiermee worden de AI‑functies zoals Magic Write en Magic Design slimmer en beter afgestemd op context. Daarnaast voegt Canva ondersteuning toe voor Anthropics Model Customization Platform (MCP), waarmee bedrijven Claude kunnen trainen op hun eigen merkstem en richtlijnen. De integratie wordt eerst uitgerold naar Pro‑ en Teams‑klanten.
Bron: The Verge

Meta neemt voice‑AI startup PlayAI over

Na zijn eerdere samenwerking met ScaleAI heeft Meta deze week de overname aangekondigd van voice‑AI startup PlayAI. Met deze acquisitie wil Meta zijn AI‑ambities op het gebied van spraakinterfaces en multimodale AI verder versnellen. PlayAI ontwikkelt geavanceerde spraakmodellen die natuurlijke interacties mogelijk maken en die goed aansluiten bij Meta’s plannen voor slimme assistenten in zowel apps als hardware. Financiële details van de overname zijn niet bekendgemaakt.
Bron: MSN

 

Tools*

y2doc: maak van je YouTube‑video’s automatisch een gestructureerd document

De nieuwe tool y2doc zet YouTube‑video’s automatisch om in een gestructureerd document met samenvatting, hoofdstukken en kernpunten. Handig als je snel de inhoud van een lange video wilt verwerken of delen. Je hoeft alleen maar de YouTube‑link in te voeren; de tool analyseert de audio, genereert tekst en biedt een leesbare weergave van de belangrijkste informatie.
Bron: y2doc

AgentPass: veilig AI‑agenten uitrollen in je organisatie

AgentPass helpt organisaties om AI‑agenten veilig en gecontroleerd in te zetten. Het platform biedt ingebouwde gebruikersauthenticatie en fijnmazige toegangscontroles, zodat je precies bepaalt wie toegang heeft tot welke functionaliteit. Dit maakt het mogelijk AI‑agenten bedrijf breed te gebruiken zonder concessies te doen aan security en compliance.
Bron: AgentPass

Mem0: geheugenlaag voor je AI‑agenten

Mem0 is een platform dat een geheugenlaag toevoegt aan je AI‑agenten. Hierdoor kunnen agents informatie onthouden en over langere tijd relevante context behouden. Dit maakt het mogelijk om agents consistenter, persoonlijker en slimmer te laten reageren op gebruikers en opdrachten, zelfs over meerdere sessies heen.
Bron: Mem0

bldbl: AI‑tool voor snelle codeprototypen

bldbl is een nieuwe open bron‑tool voor developers die AI gebruikt om snel werkende codeprototypen te genereren. Je voert een beschrijving of specificatie in, en de tool zet dit om in een gestructureerde, bewerkbare codebasis. Dit kan helpen om ideeën snel uit te proberen en een eerste versie op te zetten zonder veel repetitief werk.
Bron: bldbl

Specifys: AI‑tool voor het schrijven en beheren van specificaties

Specifys ondersteunt ontwikkelteams bij het schrijven, beheren en controleren van software‑specificaties en requirements. De AI helpt om duidelijk gedefinieerde, consistente en uitvoerbare specificaties op te stellen en te onderhouden, zodat teams minder tijd kwijt zijn aan handmatig documenteren en fouten in de requirements eerder ontdekken.
Bron: Specifys

*Beschrijvingen van tools zijn op basis van de informatie op de websites van de makers. ChannelConnect is niet verantwoordelijk voor de juistheid daarvan.

AI in Nederland

Oracle investeert $1 miljard in AI-cloudinfrastructuur in Nederland

Oracle trekt de komende vijf jaar een miljard dollar uit voor uitbreiding van zijn cloud- en AI‑infrastructuur in Nederland. De investering richt zich op de Amsterdamse cloud‑regio en moet de snelgroeiende vraag naar AI‑ en datadiensten ondersteunen. De uitbreiding is onderdeel van Oracle’s bredere strategie om Europese bedrijven en overheden te bedienen met soevereine, lokale cloudcapaciteit.
Bron: ChannelConnnect

Rijk worstelt met opschaling van AI‑innovaties binnen overheid

Het nieuwe Platform AI & Overheid, dat succesvolle AI‑toepassingen binnen de overheid moet opschalen, loopt tegen obstakels aan. Volgens directeur Digitale Samenleving Hillie Beentjes zijn technische integratieproblemen en terughoudende ambtenaren belangrijke oorzaken. Het platform wil de komende tijd werken aan bewustwording en betere randvoorwaarden voor AI‑innovatie.
Bron: Gemeente.nu

Nederlandse AI‑startup Airweave haalt $6 miljoen op en verhuist naar Silicon Valley

De Nederlandse startup Airweave, maker van doorzoekbare kennisbanken voor AI‑agents, heeft een seedronde van zes miljoen dollar afgerond. Na deelname aan Y Combinator verhuist het bedrijf naar Silicon Valley om daar verder te groeien. De technologie van Airweave maakt AI‑modellen beter in staat om grote hoeveelheden bedrijfskennis te doorzoeken en toe te passen.
Bron: Emerce

AP roept op om incidenten met AI te melden

De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) benadrukt in de vijfde halfjaarlijkse Rapportage AI & Algoritmes Nederland dat er te weinig zicht is op AI‑incidenten. Ze roept organisaties op incidenten actief te melden en waarschuwt dat zonder dit de ambitie om vaart te houden onder het demissionaire kabinet snel afneemt. De AP waarschuwt ook voor afhankelijkheid van techbedrijven bij maatschappelijke toepassingen zoals de energiesector en pleit voor een nationale AI‑strategie.
Bron: Binnenlands Bestuur

TNO en nieuwsuitgevers versterken Nederlands AI‑taalmodel GPT‑NL

TNO werkt samen met leden van NDP Nieuwsmedia en ANP om GPT‑NL (het eerste grootschalige Nederlandse AI‑taalmodel) te trainen met rechtmatig verkregen Nederlandse nieuwsdata. Hiermee wordt de training met hoogwaardige bronnen verdubbeld, met strikte afspraken zodat content niet ongewenst uit het model kan worden gehaald. Dit initiatief moet een benchmark zetten voor verantwoord AI‑gebruik in lijn met de Europese AI‑Act.
Bron: TNO