De Duitse fabrikant Lancom presenteerde zich tijdens het Mobile World Congres vorige week onder de naam van moedermaatschappij Rohde & Schwarz. ChannelConnect sprak met Robert Mallinson, die sinds 1 maart 2025 Co-Managing Director is bij Lancom.

We beginnen het gesprek met de constatering dat Wifi 7 een veel minder belangrijk onderwerp is voor veel exposanten dan vorig jaar. “Bij Wifi 7 zien we nu dat het aantal use cases nu nog relatief gering is,” legt Mallinson uit. “Wifi 7 is er op dit moment echt voor high-performance toepassingen, zoals virtual reality en augmented reality (AR) in onder meer de logistiek. We zien als Lancom nu al veel toepassingen met AR-brillen in distributiecentra, waarbij de bril je vertelt welke producten je moet pakken. Ook in combinatie met robots en IoT.”

Compleet portfolio

Mallinson toont daarom ook vol trots het nieuwste Wifi 7 access-point. “Het interessante is dat de behuizing volledig bestaat uit recyclebare materialen en geen gelijmde onderdelen bevat. Ook de verpakking is 100% recyclebaar en composteerbaar. Daarnaast hebben we Bluetooth 5.0 geïntegreerd, wat belangrijk is voor bijvoorbeeld elektronische schaplabels (ESL) in de retailsector, waar voornamelijk high-end technologie wordt ingezet.”

Naast retail noemt Mallison ook use cases in de healthcaresector. “Denk daarbij aan asset tracking in ziekenhuizen. Ook ondersteunen we met onze partners ziekenhuizen met stabiele netwerken voor augmented reality in operatiekamers.”

In andere sectoren zullen we de komende jaren nog veel Wifi 6 zien, stelt Mallinson. Dat hoeft voor gebruikers geen probleem te zijn, maakt hij duidelijk. “De wifi-standaarden volgen elkaar weliswaar snel op het laatste decennium, maar onze producten gaan vaak 10 tot 12 jaar mee en wij garanderen dat onze klanten ermee kunnen blijven werken.”

Lancom bracht meer innovaties naar de beurs, geeft de Co-Managing Director aan. “We hebben een grote stap gezet met de introductie van Tier 3-switching. Lancom heeft nu een compleet switching-portfolio. Dit is belangrijk, want tot nu toe waren we vooral gericht op access, maar nu kunnen we volledige campusnetwerken opzetten met grote switches, inclusief op distribution- en core-level,

Digitale soevereiniteit

De politieke ontwikkelingen in de wereld gaan niet aan Lancom voorbij, blijkt uit het gesprek met Mallinson. “We willen Europa digitaal soeverein maken. Dat is, samen met cybersecurity, een van de belangrijkste opgaven en uitdagingen voor dit continent. Onze klanten willen weten: waar staan de data? Ons antwoord: in Duitsland. En dat is tevens het land waar we onze producten ontwerpen en voornamelijk ook bouwen.”

Ook dit jaar presenteerde de Chinese fabrikant Huawei zich tijdens het Mobile World Congress zich in een door hen volledig afgehuurde beurshal – met een eigen tuin om te lunchen en te netwerken.

Dat deel van de stand was overigens, net als het gebied dat onder meer de AI-ontwikkelingen presenteerde, alleen voor genodigden, waaronder ChannelConnect, beschikbaar (lees er hier over). Het voorste deel van de gigantische presentatieruimte, met vooral consumentenproducten, mochten alle bezoekers bekijken. En dat deed men massaal: Huawei is duidelijk terug op de Europese markt. Dat bleek wel uit het feit dat de Spaanse koning Felipe VI vol belangstelling het topmodel in de smartphone-serie ter hand nam.Naast smartphones en tablets presenteerde Huawei, net als andere fabrikanten, een uitgebreide range aan wearables. “Zoals jullie kunnen zien, staan we hier voor de consumentenstand. Dit is dé plek waar je de nieuwste smartphones, tablets en wearables kunt vinden. Hij gebaarde naar de verschillende producten op de tafels.

De moderator van de rondleiding liet echter als eerste de MatePad Pro zien. Dit model, met een 13.2 inch display, heeft een bijzonder scherm. “Het gaat om een paper-mat display, wat betekent dat je buiten kunt werken zonder last te hebben van reflecties.” Het geheim zit in microscopisch kleine gaatjes in het scherm die lichtreflecties voorkomen. “Hierdoor wordt 99% van de schittering geëlimineerd!”

Tri-fold smartphone

Maar al snel was het tijd het device te tonen waar Koninklijke Hoogheid Felipe met verbazing naar keek, wat overigens ook gold voor Jen-Hsun (Jensen) Huang, de CEO van Nvidia. Dat betreft de Mate X-T. Het is volgens de rondleiding niet zomaar een smartphone, maar volgens Huawei de allereerste tri-fold smartphone ter wereld. Als de telefoon gesloten is, lijkt het een gewone en niet al te dikke mobiele telefoon. “Vouw je hem één keer open, dan is het een opvouwbare smartphone – zoals die al langer op de markt zijn bij verschillende fabrikanten. . Maar als je hem nóg een keer openvouwt krijg je een scherm dat bijna net zo groot is als een kleine tablet en daarbij nauwelijks dikker dan de connectoraansluiting.

HarmonyOS in China

In China draait het toestel HarmonyOS. Maar buiten China zal het een versie van open Android hebben.” De “miljoen-dollar-vraag” daarbij was of het device ook naar Europa zal komen. “Vooralsnog wordt hij alleen in China uitgerold, maar we kunnen on voorstellen dat hij uiteindelijk naar Europa komt, misschien met wat aanpassingen,” luidde het wat kritische antwoord. Goedkoop is het speeltje niet: omgerekend komt de prijs uit op ongeveer €3.500.

Het meest verkochte product van Huawei in Nederland betreft de wearables. Op een tafel stond een grote range smartwatches in verschillende kleuren en materialen uitgestald, waaronder een prijzig exemplaar met een afwerking van goud (foto)Huawei. “In tegenstelling tot sommige andere merken, geloven wij dat wearables niet alleen technische apparaten zijn, maar ook modeaccessoires,” was de verklaring voor het brede portfolio. “Daarom hebben we zoveel verschillende stijlen om uit te kiezen.” De nieuwste innovatie op dit gebeid betreft de Watch D2. Dit is de eerste en enige smartwatch die een medische bloeddrukmeting kan doen, door een ingebouwde ‘blaasbalg’ die het toestel zelf kan activeren om de bloeddruk te meten. “Het voordeel is dat je de hele dag door metingen krijgt, in plaats van alleen bij de dokter.”

In het laatste deel van de serie over MWC zullen we ingaan op de presentaties van de twee Duitse fabrikanten AVM en Lancom

Huawei presenteerde tijdens het Mobile World Congres (MWC 2025) zijn nieuwste innovaties op het gebied van digitale infrastructuur en kunstmatige intelligentie onder het thema ‘Accelerating the Intelligent World’.

Tijdens de beurs in Barcelona bracht Huawei telecomproviders, industriële partners en opinieleiders samen in de grootste beursstand van het evenement, om te onderzoeken hoe 5G-netwerken en AI elkaar versterken en nieuwe groeimogelijkheden creëren.

Op de beursstand toonde Huawei ontwikkelingen in digitale infrastructuur en serviceapplicaties voor individuen, huishoudens en bedrijven. In een uitgebreid artikel gaat ChannelConnect uitvoerig in op de consumentenartikelen.

AI-to-X

Een belangrijke innovatie die de fabrikant introduceerde is AI-to-X, een verzamelnaam voor AI-to-Consumers, AI-to-Businesses en AI-to-Homes.

Deze reeks oplossingen stelt providers in staat AI-diensten uit te breiden naar nieuwe, specifieke domeinen en bedrijfsgroei te stimuleren. Daarnaast introduceerde Huawei de AI-Centric Network-oplossing, waarmee providers netwerken kunnen bouwen die voldoen aan de hoge eisen van nieuwe AI-toepassingen en een soepele gebruikerservaring garanderen. Een andere doorbraak is AI-powered O&M, waarmee kunstmatige intelligentie wordt ingezet om netwerkbeheer en -onderhoud te transformeren en de implementatie van volledig autonome netwerken te ondersteunen.

Aantal 5G-gebruikers blijft groeien

Deze ontwikkelingen worden gepresenteerd in een tijd waarin hoogwaardige open-source AI-modellen zich snel ontwikkelen en een nieuwe golf van innovatie in AI-toepassingen aandrijven. Intussen blijft de wereldwijde uitrol van 5G-netwerken versnellen. Eind 2024 waren er wereldwijd meer dan 2,1 miljard 5G-gebruikers en dat aantal blijft groeien.

Huawei gaf aan samen te werken met providers aan de verdere evolutie van 5G en stimuleert zowel zakelijke als netwerkinnovaties om de overgang van mobiel internet naar mobiele AI te versnellen.

In 2024 introduceerden verschillende providers al commerciële 5G-Advanced (5G-A) en bijbehorende abonnementen in meer dan 200 steden wereldwijd. Dit levert consumenten een verbeterde ervaring op in onder andere livestreaming, gaming en reizen, terwijl providers nieuwe inkomstenstromen kunnen genereren door gepersonaliseerde diensten aan te bieden.

Deze transitie van connectiviteit naar gebruikerservaring verhoogt niet alleen de klanttevredenheid, maar draagt ook bij aan de omzetgroei van providers.

Om providers te ondersteunen in de digitale transformatie introduceerde Huawei de AI-Centric Network-oplossing, waarmee ICT-netwerkinfrastructuren worden geüpgraded om te voldoen aan de groeiende eisen op het gebied van bandbreedte, latency, dekking en beheer.

Providers als technologiegedreven bedrijven

Deze innovatie helpt telecombedrijven bij de overgang van traditionele connectiviteitsaanbieders naar digitale dienstverleners en opent nieuwe zakelijke mogelijkheden in het AI-tijdperk. Met de opkomst van 5G-A, cloud en AI moeten providers evolueren naar technologiegedreven bedrijven. Huawei ondersteunt deze verschuiving met een technologiearchitectuur, waarmee telecombedrijven de stap kunnen zetten van telco naar techco en nieuwe zakelijke domeinen kunnen verkennen.

Het Mobile World Congress 2025 (MWC25) startte maandag in Barcelona en brengt meer dan 100.000 bezoekers en ruim 2700 exposanten samen om de toekomst van mobiele connectiviteit te verkennen.

Centraal staan de rol van 5G en de groeiende impact van kunstmatige intelligentie (AI). Een eerste ronde over de beurs maakte duidelijk dat AI op veel stands de boventoon voert. Maar er valt meer op. Allereerst een, voor partners en resellers wellicht minder interessant, enorme hoeveelheid smartwatches die vooral Chinese bedrijven presenteren.

Mobile Wel interessant voor resellers kan zijn dat veel fabrikanten ruggedized apparaten (smartphones en tablets) presenteren. En dat zijn niet alleen de bekende leveranciers, maar bijvoorbeeld ook Caterpillar (CAT), een fabrikant van onder meer graafmachines. Wifi 7 kom je nauwelijks tegen, en 6G eigenlijk ook niet, daar zal volgend jaar waarschijnlijk meer aandacht voor zijn. Wel was er veel aandacht voor drones, autonoom rijdende voertuigen en smart home devices – inclusief robothonden.

Cruciale rol telecom

Tijdens de openingstoespraak benadrukte Mats Granryd (foto), directeur-generaal van de GSMA, de cruciale rol van de telecomsector in de mondiale economie. “Onze industrie verbindt bijna zes miljard mensen en drijft economieën wereldwijd aan. Op MWC komt meer dan 50% van de aanwezigen van buiten het mobiele ecosysteem, wat aantoont dat industrieën de enorme kansen erkennen die de mobiele netwerken bieden.” Granryd wees op de urgentie van 5G Standalone, nieuwe verdienmodellen en de potentie van Open Gateway API’s als katalysatoren voor groei en innovatie.

Het belang van geavanceerde connectiviteit wordt onderstreept door het Mobile Economy Report 2025, dat door de GSMA werd gelanceerd. Volgens het rapport zal de economische waarde van mobiele technologieën en diensten groeien van $6,5 biljoen in 2024 tot bijna $11 biljoen in 2030. Verticale sectoren zoals de maakindustrie, de horeca en het openbaar bestuur zullen hiervan het meest profiteren. Daarnaast zal het aantal 5G-verbindingen tegen 2030 naar verwachting 57% van het totale mobiele verkeer uitmaken, wat de adoptie van 4G zal overstijgen.

Die constatering leidde tot een breed gevoerde discussie: zijn Telco’s voorbereid voor 35 miljard devicees in 2030? Kunnen de netwerken de enorme datastroom aan en kunnen consumenten en zakelijke gebruikers veilig communiceren en betalingen doen?

Aandacht voor autonome AI

De impact van AI op de telecomsector en daarbuiten is daarmee terugkerend thema op MWC25. Terwijl generatieve AI in voorgaande jaren de aandacht trok, ligt de focus dit jaar op autonome AI-agenten. Deze digitale assistenten kunnen zelfstandig complexe taken uitvoeren en beloven een revolutie in onder meer klantenservice en operationeel beheer. Tegelijkertijd blijven discussies over de ethische en privacyaspecten van AI aanhouden. Fabrikanten integreren daarom steeds vaker Neural Processing Units (NPU’s) in apparaten om lokale AI-verwerking zonder internetverbinding mogelijk te maken.

Niet alleen smartphones, maar ook de auto-industrie speelt een steeds grotere rol op de beurs. Xiaomi presenteert zijn nieuwe elektrische auto, de SU7 Ultra, waarmee het bedrijf zich schaart bij techgiganten die de mobiliteitssector betreden. De scheidslijnen tussen technologiebedrijven en autofabrikanten vervagen, met voertuigen die steeds vaker worden uitgerust met slimme assistenten, autonome rijfuncties en naadloze connectiviteit. De vraag of auto-interieurs worden gedomineerd door touchscreens of fysieke knoppen blijft een onderwerp van discussie.

Naast AI en mobiliteit staat ook de toekomst van netwerkinfrastructuur hoog op de agenda. Het GSMA Open Gateway-initiatief, dat open netwerk-API’s inzet om innovatie te stimuleren, groeit snel. Meer dan 72 operatorgroepen, goed voor 80% van de wereldwijde mobiele verbindingen, hebben zich inmiddels aangesloten. Dit initiatief opent deuren voor ontwikkelaars. cloudproviders en MSP’s om nieuwe toepassingen te bouwen en bedrijfsmodellen te transformeren.

Nederlandse minister op bezoek

Minister van Economische Zaken Dirk Beljaarts vertegenwoordigt Nederland op MWC25 en bezoekt onder andere het Nederlands Paviljoen. Dit paviljoen, gefaciliteerd door Ecosystem Services en ondersteund door Topsector ICT, biedt een platform voor Nederlandse bedrijven om hun innovaties internationaal onder de aandacht te brengen. “Digitalisering en technologische innovatie zijn essentieel voor economische groei en maatschappelijke vooruitgang,” aldus Beljaarts.

mobile

Positieve reacties

Voor veel bedrijven verliep de eerste beursdag positief. Eric van Uden, Manager International Portfolio Development bij AVM, was tevreden over de eerste beursdag. Ook fabrikant Cisco toonde zich enthousiast. In een verslag van de tweede beursdag gaat ChannelConnect in op de toekomstvisie van onder meer Huawei, Lancom en AVM.

De datacentersector staat aan de vooravond van een transformatieve periode. Tijdens Kickstart Europe 2025 werd duidelijk hoe datacenters, kunstmatige intelligentie en regelgeving de toekomst van de sector vormgeven.

Voor de achtste keer organiseerde Dutch Data Center Association (DDA) het jaarlijkse event Kickstart Europe. Wat ooit begon als een bijeenkomst met 200 aanwezigen, is uitgegroeid tot een evenement dat nog maar net in de Amsterdamse RAI past. Dat staat symbool voor de dynamiek in de markt.

“Verandering hangt in de lucht,” opende Stijn Grove, Managing Director van DDA, zijn welkomstwoord. “Datacenters in heel Europa ontwikkelen zich razendsnel en grote investeringen worden aangekondigd in Spanje, Italië, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk. Tegelijkertijd zien we in traditionele markten zoals Frankfurt, Londen, Amsterdam, Parijs en Dublin een sterke dynamiek met fusies, overnames en nieuwbouwprojecten.”

Solide digitale infrastructuur

Een van de belangrijkste aanjagers van deze groei is kunstmatige intelligentie, die een steeds grotere vraag naar capaciteit creëert. “AI verovert de wereld en de cloud blijft zich uitbreiden. Dit betekent dat elke regio een solide digitale infrastructuur nodig heeft om de groeiende vraag bij te benen.”

Volgens Grove is samenwerking essentieel om de sector toekomstbestendig te maken. “We kunnen deze uitdagingen alleen samen aangaan. Onze sector is de basis voor alles wat gaat gebeuren op het gebied van AI, cloud en digitale economie.”

   

Ook Kevin Restivo, directeur van Data Centre Research bij vastgoedspecialist CBRE, onderstreepte in zijn keynote tijdens Kickstart Europe de enorme dynamiek in de datacentersector, vooral in Europa.

Kickstart

Kevin Restivo, directeur van Data Centre Research

Volgens Restivo zijn er vijf belangrijke aspecten die illustreren hoe sterk de sector in beweging is. Allereerst is de vraag naar capaciteit groter dan ooit. “Om aan die enorme vraag te voldoen, wordt er dit jaar een recordhoeveelheid nieuwe capaciteit toegevoegd, een ongekende hoeveelheid, niet slechts een record,” aldus Restivo. Toch blijft dit onvoldoende om aan de vraag te voldoen. “De leegstand, de beschikbaarheid, is lager dan ooit, en aanbieders hebben moeite om aan de vraag te voldoen.”

Net als Grove benoemde ook Restivo de impact van AI. “De afgelopen twee tot drie jaar hebben we veel gehoord over de wereldwijde golf van AI-vraag,” zei hij. “Europa heeft hier langzamer op gereageerd, maar we zullen dit jaar zien dat nieuwe capaciteit specifiek wordt toegewezen aan AI.” Grote techbedrijven zoals Microsoft en Amazon Web Services investeren miljarden in nieuwe AI-datacenters. “Deze hyperscalers tillen de sector naar nieuwe hoogten.”

Toekomstige groei en uitdagingen

De sector staat voor een enorme expansie. “De sector werkt harder dan ooit om nieuwe datacenters te bouwen en operationeel te maken.” De grootste groei zal plaatsvinden in de belangrijkste markten zoals Frankfurt, Londen, Parijs, Dublin en Amsterdam. “In totaal zal dit leiden tot meer dan 9 gigawatt aan operationele datacentercapaciteit tegen het einde van het jaar, waarvan 3 gigawatt zelfgebouwd is.”

Toch zijn er ook uitdagingen. “De bouwkosten stijgen aanzienlijk,” waarschuwde Restivo. “Waar het drie jaar geleden nog ongeveer 10 miljoen euro per megawatt kostte om een datacenter te bouwen, ligt dat nu rond de 12 miljoen euro.” Daarnaast vormen elektriciteitskosten een grote belemmering voor verdere groei. “Europa heeft de hoogste elektriciteitsprijzen ter wereld, vooral in de regio’s waar datacenters zich concentreren.”

Desondanks blijft de vraag naar AI-capaciteit sterk stijgen. “Dit vormt een van de belangrijkste drijfveren voor de markt,” concludeerde Restivo. “En er lijkt geen einde in zicht.”

Een uitgebreid verslag van Kickstart Europe 2025 verschijnt in de komende printeditie van ChannelConnect.

Op 17 oktober trad de Europese NIS2-richtlijn in werking. De 27 lidstaten moeten de richtlijn omzetten in nationale wetgeving. De invoering van de Nederlandse variant van de NIS2-richtlijn is dus uitgesteld. Toch kunnen bedrijven er al mee aan de slag, zegt Claranet.

In een aantal Europese landen ging hun nationale variant van de NIS2-richtlijn keurig op 17 oktober van start, maar Nederland haalde die deadline niet. “In ons land krijgt de wet de naam Cyberbeveiligingswet, die daarmee de concrete uitwerking wordt van NIS2,” legt Efrym Willems, Account Manager bij IT-dienstverlener Claranet Benelux uit. “Verwacht wordt dat de Cyberbeveiligingswet op 1 juli 2025 in werking treedt.”

Wel rechten, nog geen plichten

De Cyberbeveiligingswet is gericht op essentiële en belangrijke entiteiten. Nog voordat de wet van kracht is, genieten organisaties die onder de richtlijn vallen, zoals msp’s, al bepaalde rechten. “Denk daarbij aan bijstand van een Computer Security Incident Response Team bij cyber-incidenten,” geeft Willems aan. “De verplichtingen, zoals het implementeren van strengere beveiligings- en risicomanagementmaatregelen, zijn pas van kracht na invoering van de Cyberbeveiligingswet.”

Vrijwillige registratie

Sinds 17 oktober 2024 kunnen essentiële en belangrijke entiteiten zich vrijwillig registreren bij het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC), zegt Willems. “Registratie wordt echter verplicht zodra de Cyberbeveiligingswet van kracht is.” Ondanks het ontbreken van verplichtingen benadrukt Willems dat organisaties moeten blijven werken aan hun digitale weerbaarheid. De cyberdreiging blijft immers onverminderd groot. Willems: “Door nu actie te ondernemen, beschermen organisaties zich tegen huidige risico’s én zijn zij beter voorbereid op de komst van de wet.” Voor organisaties die internationaal opereren, is het bovendien van belang de status van vergelijkbare wetten in andere Europese landen te monitoren. “Wie zaken doet met bijvoorbeeld België, moet rekening houden met de bij hun al ingevoerde regelgeving.”

Ondersteuning door Claranet Benelux

“De Cyberbeveilingswet stelt strenge eisen aan cybersecurity en risico-management,” weet Willems. “Wij kunnen organisaties daarbij ondersteunen, onder meer door GAP- en technische risicoanalyses, het opstellen en actualiseren van informatiebeveiligingsbeleid, trainingen en het leveren van beheerde cybersecuritydiensten.”

IT-dienstverlener Claranet organiseerde een service-critical crisisoefening om klanten en partners voor te bereiden op de uitdagingen van een cyberincident. Het scenario? Een realistische ransomware-aanval, geïnspireerd door cases uit de praktijk.

Gideon Teerenstra en Susanne Koster

Claranet nodigde twee specialisten uit van S-RM, een adviesbedrijf gespecialiseerd in Incident Response, om de oefening te begeleiden. Gideon Teerenstra, hoofd Cyber Advisory Benelux voor S-RM, opende met een waarschuwing: “Ransomware kan bij elk bedrijf toeslaan. De data die je hebt – of het nu om persoonsgegevens of klantinformatie gaat – kan worden gestolen of gegijzeld. Het verlies kan oplopen tot duizenden euro’s per dag doordat je je systemen niet kunt gebruiken.” Hij benadrukte dat criminelen steeds vaker niet alleen financieel, maar ook persoonlijk druk uitoefenen, bijvoorbeeld door te dreigen met de publicatie van gevoelige data of het benaderen van familieleden.

Susanne Koster, associate in het incident response team van S-RM gaf een voorbeeld: “Op een vrijdagmiddag om vier uur kreeg een klant een telefoontje: ‘Jouw bedrijf is gehackt. Alle vertrouwelijke data zijn gestolen, en we zullen deze publiceren als je niet snel contact opneemt. Dit kan gebruikt worden voor criminele of terroristische doeleinden.’” Zulke aanvallen vereisen een snelle, gecoördineerde en kalme reactie: precies de focus van de oefening.

Leren in een gecontroleerde setting

De oefening simuleerde een ran-somware-aanval en stelde de deelnemers in staat om in een gecontroleerde setting te oefenen met hun respons. De scenario’s waren gebaseerd op werkelijke incidenten. Zo startte ook het simulatievoorbeeld met meldingen die een bedrijf bij een aanval ontvangt: “Je bent gehackt. We hebben je data. Neem contact met ons op om te voorkomen dat we alles openbaar maken.” Tegelijkertijd wordt op zo’n moment de receptie van de onderneming gebeld met eisen voor losgeld en dreigementen over gelekte gegevens.

De oefening simuleerde een ransomware-aanval

Teerenstra legde uit dat ransomware niet alleen een technologisch probleem is, maar ook een kwestie van strategie en communicatie. “Criminelen proberen je in een hoek te drijven, zodat je geen andere keuze hebt dan te betalen.” Het doel is echter om betaling te vermijden, tenzij er geen andere optie is. Koster: “Daarom is preventie van cruciaal belang: regelmatige back-ups en een sterk beveiligingsbeleid kunnen helpen de schade te beperken.” Een snelle reactie en een duidelijk herstelplan zijn daarnaast essentieel om systemen weer operationeel te krijgen en reputatieschade te beperken.

Crisismanagement in actie

Een ransomware-aanval vereist een doordacht en ook tijdens downtime bereikbaar plan. Teerenstra stelde dat de eerste stap na het ontdekken van de aanval is om de omvang vast te stellen: “Is het een lokaal probleem of zijn alle systemen getroffen?” Koster, die de rol van slachtoffer op zich nam, antwoordde: “We weten nog niet precies wat er is gebeurd. We hebben alleen maar een melding van verdachte bestanden.”

De volgende stap is het samenstellen van een crisisteam. “Wie maken we wakker in de nacht voor kerst,” vroeg Koster. Het crisisteam moet snel worden samengesteld, inclusief sleutelpersonen zoals de IT-afdeling, privacy officer, HR, en juridische adviseurs. De juridische afdeling speelt een cruciale rol, aangezien bedrijven wettelijk verplicht zijn om een inbreuk op de beveiliging van persoonsgegevens binnen 72 uur na ontdekking te melden aan de Autoriteit Persoonsgegevens.

Er ontstond tijdens het evenement discussie met de aanwezigen over de vraag of en wanneer contact opgenomen moet worden met de criminelen. Teerenstra benadrukte dat het contact met de aanvallers niet bedoeld is om direct afspraken te maken, maar om informatie te verzamelen: “Welke data hebben ze gestolen? Kunnen ze een sample van de data leveren?” Het crisisteam moet de impact van de aanval analyseren, bepalen hoe gevoelig de gestolen data zijn, en de hersteltijd en herstelopties evalueren.

Hoe actueel zijn de back-ups?

Wanneer een bedrijf door een cyber-aanval wordt getroffen, komt het herstelproces neer op het snel weer operationeel krijgen van systemen. Een belangrijk aspect hiervan is het hebben van betrouwbare back-ups om de bedrijfsvoering voort te zetten. “Wat is de status van de back-up?” vroeg Teerenstra. Het herstellen van systemen kan een tijdrovend proces zijn, vooral als de back-ups niet up-to-date of incompleet zijn.

Een belangrijk aspect is het hebben van betrouwbare back-ups

Tijdens een crisis is communicatie van cruciaal belang. De interne communicatie moet helder zijn. Koster benadrukte het belang van geruchtenbeheer: “Duidelijke communicatie naar je team helpt voorkomen dat er onduidelijkheden ontstaan.” Ook externe communicatie is essentieel. De reputatieschade kan groot zijn als een bedrijf niet snel en transparant communiceert over de situatie. “Dat wordt uiteindelijk een imago-kwestie,” zei Koster.

Beperk de schade

Het belangrijkste wat bedrijven kunnen doen om zich voor te bereiden op een ransomware-aanval, is het hebben van een goed getest incident-responsplan en een crisiscommunicatieplan. Zoals Koster afsluit: “Je moet weten wie je moet bellen, welke beslissingen je moet nemen, en hoe je schade kunt beperken.” Door goed voorbereid te zijn, kan een organisatie snel reageren op een aanval en de schade zoveel mogelijk beperken. “En ons belangrijkste advies: blijf kalm.” 

Een recente uitspraak van Matt Garman, een van de topmannen bij Amazon, deed veel stof opwaaien. Zijn boodschap is simpel: als je niet vijf dagen per week op kantoor wilt werken, zoek dan maar een ander bedrijf. Het is een opmerking die de kern raakt van een bredere discussie: moet je fysiek op kantoor zijn om te innoveren en productief te zijn? Of kan het hybride werken een blijvende norm worden?

De realiteit is dat de meeste mensen de voordelen van hybride werken omarmen. Geen lange reistijden, meer tijd voor het gezin en een betere balans tussen werk en privé. Uit recent onderzoek blijkt dat bijna de helft van de Nederlandse werknemers tegenwoordig twee tot drie dagen per week op kantoor werkt. Tegelijkertijd geeft een kwart van hen aan serieus te hebben overwogen om hun baan op te zeggen vanwege het rigide werkbeleid van hun werkgever. Dit geeft aan hoe belangrijk flexibiliteit is voor werk­nemers.

De controverse van big tech

Het zijn big tech bedrijven die, samen met hun partners, het hybride werken mogelijk ­maken. Dat blijkt maar weer eens uit innovaties die ­Microsoft doorvoert bij de integratie van ­Windows Mobile Phone en Teams. Veel tech-­bedrijven zien dat flexibele werk echter liever niet in hun eigen onderneming. En dat geldt niet alleen voor Amazon.

Topvrouwen zoals Lisa Sue van AMD en ­Michelle Johnston Holthouse van Intel, stelden vorig jaar tijdens een partnerevent, dat hybride werken nieuwe uitdagingen met zich meebrengt. Ze wijzen erop dat fysieke interactie vaak nodig is voor innovatie en teambuilding.

Strijd om talent

De discussie gaat echter niet alleen over ­efficiëntie, maar ook over werkplezier en welzijn. Bedrijven die vasthouden aan een vijfdaagse kantoorweek riskeren talent te verliezen aan organisaties die wél flexibel werken mogelijk maken. De keuze tussen werken op kantoor of hybride werken is voor veel mensen niet zomaar een kwestie van voorkeur, maar raakt aan fundamentele vragen over hun tevredenheid en toekomst bij een bedrijf.

Bedrijven die dit negeren, lopen het risico om achter te blijven in een steeds veranderende arbeidsmarkt. Misschien is het, zoals Garman suggereert, tijd om te vertrekken als het niet bij je past. Maar de meeste ondernemingen ­voeren een serieuze strijd om talent op een krappe ­arbeidsmarkt en kunnen zich die houding helemaal niet permitteren.

Op 28 november opende Odido in de hal van het hoofdkantoor in Den Haag een Tech Hub. De realisatie van deze ruimte, waarin innovatieve mobiele toepassingen worden getoond, kwam tot stand in nauwe samenwerking met Ericsson. Dat is de vaste leverancier van de netwerkapparatuur van Odido.

“De Odido Tech Hub weerspiegelt ons partnerschap met Ericsson en onze gedeelde toewijding om het beste mobiele netwerk te leveren,” zei Søren Abildgaard (foto), CEO van Odido, kort voor het doorknippen van het openingslint. “Deze Hub stelt ons in staat om de praktische toepassingen van 5G te verkennen en te demonstreren, en benadrukt hoe het kan inspelen op de veranderende behoeften van onze klanten en partners.”

Met deze hub creëren Odido en Ericsson een omgeving waarin men innovatie kan  versnellen, legde Jenny Lindqvist, SVP en Head of Market Area Europe & Latin America bij Ericsson uit. “We kunnen er nieuwe use cases verkennen.”

5G biedt veel kansen

Het team van ChannelConnect vroeg zich af wat het voordeel voor partners is van deze Tech Hub. Wouter de Kleyn, Communicatie Manager bij Odido, legde het uit. “We laten hier werkelijk in de praktijk zien wat de mogelijkheden van 5G zijn. Heel veel partners weten dat 5G meer capaciteit biedt, maar er is veel meer mogelijk. En de techniek in het netwerk geeft partners en hun eindklanten veel nieuwe kansen.”

De Kleyn gaf aan dat de Tech Hub de bezoeker toont met welke partijen de provider samenwerkt. “En dat laten we zien door echt werkende cases. En vervolgens kun je er met onze professionals over doorpraten en vragen stellen over de toepassing die je als partner voor een klant voor ogen hebt.”

Toepassingen van 5G

De Communicatie Manager wees daarbij op de drone die in de Tech Hub, een modern vormgegeven ruimte in de hal van het hoofdkwartier, gepresenteerd wordt en die heel goed kan worden ingezet in distributiecentra, of voor het bezorgen van pakketjes. “We laten voorbeelden van toepassingen van 5G zien waar mensen zelf wellicht nog niet over nagedacht hebben.”

In het restaurant Lièmes in Utrecht, eigendom van aMac-oprichter Ed Bindels, organiseerden Copaco en IBM het evenement ‘WatsonXplore’. Het centrale thema tijdens het goed bezochte evenement was AI.

“Dat is een topic dat enorm speelt natuurlijk in de market,” vertelt Frenk Schoenmakers, Manager IBM Software bij Copaco, in gesprek met ChannelConnect. Hij stelt dat AI nog te vaak vanuit één hoek wordt bekeken, “maar als je het over AI hebt, heb je het ook over waar je het gaat laten landen.”

Uit bijdragen van verschillende sprekers blijkt dat dit onder meer op juridisch gebied speelt. De HR-afdeling van een bedrijf is bij het gebruik van een AI-tool aan andere regels, denk aan AVG of NIS2, gebonden dan bijvoorbeeld de CFO.

Krijg feeling met AI

Gevraagd naar een advies aan partners, luidt het antwoord van Schoenmakers: “Ga er echt mee beginnen. En dat kan heel klein zijn, pak iets wat meteen zichtbaar wordt en wat effectief is.’ Als voorbeeld geeft hij de eigen organisatie van de partner. “Zijn er intern processen waarmee je zelf kunt oefenen en kunt analyseren wat de rol van AI zou kunnen zijn?”

Op het moment dat de partner feeling met AI krijgt en ook ziet wat het kan betekenen voor de organisatie, “dan ontstaat een basis waarop we samen kunnen bouwen.”

Samenwerking met IBM

Zelf is Copaco ook bezig met het samenstellen van een programma voor partners die zich op AI willen richten. “Dat doen we met name samen met onze vendoren, zoals IBM,” geeft Schoenmaker aan. “Dus samen met de partners kunnen we met hun klanten naar IBM toe. En analyseren we de mogelijkheden.”

Tijdens het gesprek komt de vergelijking met de opkomst van cloud ter sprake. “Toen was de vraag bij partners ook, hoe verdien ik mijn geld straks, hoe zorg ik dat het personeel dat ik nu heb over de juiste kennis beschikt om succesvol te zijn in deze nieuwe wereld?”

Zelf is Copaco intern ook intensief bezig met de vraag hoe AI kan worden toegepast. “Daar hebben we mensen voor vrijgemaakt. Het is echt heel spannend wat er op bedrijven afkomt, daarom is het event van vandaag ook zo mooi.”