Veel msp’s hebben de wens om hun IT-omgeving en die van hun klanten te migreren naar een Cloud Service Provider (CSP). Een betrouwbare CSP neemt een deel van het werk van de msp uit handen. Die kan hierdoor meer klanten bedienen met hetzelfde aantal engineers. Een ander voordeel is dat hoge investeringen in eigen hardware niet langer nodig zijn. De ogenschijnlijk complexe transitie baart vaak nog wel zorgen. Copaco wil die complexiteit wegnemen met het eigen platform en een eenvoudige maar slimme transitie-aanpak.

Patrick Sondag, Product Manager Copaco Cloud, vertelt hoe partners worden ondersteund tijdens deze transitie. “In het kort: (virtuele) servers en applicaties waarmee de partner zijn eindklanten bedient worden één op één overgezet naar Copaco VMware Cloud.”Hier gaat natuurlijk een inventarisatietraject aan vooraf, waarin de wensen, behoeften en technische benodigdheden volledig in kaart worden gebracht. “We nemen onze partner stap voor stap mee in het proces. Eerst draaien we een pilot en testen het resultaat uitgebreid. Vervolgens migreren we gefaseerd of met een big bang naar de cloud. Een complete transitie kan binnen een week geregeld zijn.”

Partners behouden regie over omgeving

De techneuten binnen een partnerorganisatie zijn soms bang de regie te verliezen bij een overgang naar de cloud. “Maar wanneer ze eenmaal met ons samenwerken, blijkt vaak snel dat ze de voordelen van de VMware Cloud Director-integratie met de Copaco Cloud Management Portal als zeer prettig ervaren. Dankzij onze automatiseringstools is het uitrollen van een Virtual Datacenter echt een peulenschil. Het voorkomt routinematig en weinig uitdagend werk. Daardoor kunnen techneuten juist de focus leggen op de klantvragen en configuratie-requirements.”

Het voorkomt routinematig en weinig uitdagend werk

MSP kiest zelf het datacenter

Als het om data-integriteit gaat is het voor partners belangrijk om de locatie van de datacenters te kennen waar hun applicaties en data worden opgeslagen. Sondag: “Bij veel public-cloudaanbieders luidt het antwoord dan vaak ‘ergens in de EU’, maar voor sommige organisaties zoals overheidsinstellingen is het juist heel belangrijk om data in eigen land te behouden.”

Copaco beschikt daarom over vijf datacenters. Drie staan er in Amsterdam, twee in Brussel. “Je kunt via het Copaco Cloud Management Portal zelf bepalen vanuit welke locatie(s) je de nieuwe VM’s wilt uitrollen” vertelt Sondag. Copaco zorgt ervoor dat back-ups automatisch in een ander datacenter worden opgeslagen.

Samenvattend sluit Sondag af: “Als msp bied je met Copaco VMware Cloud een gecertificeerd en betrouwbaar cloudplatform, waarbij je zelf de volledige controle houdt over al je virtuele omgevingen.”

Terwijl Ronald Koeman en zijn team zich opmaakten voor de interland tegen Griekenland, kwamen de partners van Datto/Kaseya naar de KNVB Campus in Zeist voor een business update. En zoals het Nederlands elftal na Van Gaal in een nieuwe fase kwam, zo veranderde er ook voor Datto en zijn partners veel.

“Er is veel gebeurt bij ons het afgelopen jaar,” start Hans ten Hove (foto), Area Vice President Continental Europe bij Datto zijn welkomstwoord. “Datto is immers overgenomen door Kaseya.” Ten Hove vertelt dat de integratie van Datto in Kaseya snel is gegaan. “Eigenlijk zijn de belangrijkste stappen naar één organisatie al in de eerste vier maanden gezet.” Hij benadrukt dat in de Benelux één organisatie naar de markt opereert, met het complete portfolio, en dat is Datto. Maar wel met als toevoeging: a Kaseya Company. “Er is geen aparte Kaseya-organisatie actief in de Benelux.

Overnames en integraties

Kaseya geeft, zo legt Ten Hove uit, veel ruimte om te investeren sinds de overname. Gemiddeld elk kwartaal wordt een bedrijf overgenomen. Dit om steeds weer nieuwe diensten via de partners aan de eindklant te kunnen blijven leveren. En los van die investeringen in overnames, gaat veel budget naar de integratie van die (aangekochte) diensten in een compleet samenhangend portfolio. Ten Hove: “het streven naar een samenhangend portfolio vertaalt zich in onze strategie IT Complete.”

René van Putten, Sales Director Benelux bij Datto, ging verder in op het portfolio. “Zoals Hans ten Hove al uitlegde is IT Complete de strategie van Datto als onderdeel van Kaseya.” KaseyaOne is het platform waarop die strategie wordt uitgerold. “We willen onze msp’s op de best mogelijke manier ondersteunen,” geeft Van Putten aan. “Door het aanbieden van oplossingen die taken eenvoudiger maken en veel services naar de eindklanten mogelijk maken.”

Mkb-onderneming

Van Putten: “Dat begint met een goed ingerichte helpdeskomgeving, maar het gaat verder dan dat. Het gaat vooral om het aanbieden van diensten en producten waarmee de eindklant veiliger opereert.” En niet voor niets: deze eindklant is vaak een mkb-onderneming. Die wil ‘gewoon’ zijn business doen en de IT moet daarbij simpelweg altijd functioneren.

IT Complete is specifiek in het leven geroepen voor de multifunctionele IT-professional, stelt Van Putten. “Daarmee bedoelen we een medewerker die bij de msp in dienst is en die meerdere taken vervult voor de eindklanten.” Dat kan zijn dat die verantwoordelijk is voor recovery, voor security-taken, of audit en compliancy en wellicht zelfs voor al die aspecten. “Dat maakt het aantrekken van nieuw personeel lastig. Ze moeten nogal wat in hun mars hebben.”

Om die reden is het goed, dat deze IT-professionals hun taak efficiënt kunnen vervullen. Enerzijds omdat ze dan productiever zijn, maar anderzijds omdat efficiënt werken tot minder frustraties leidt. “De sleutel is ervoor te zorgen dat de helpdeskmedewerkers niet hoeven te schakelen tussen een groot aantal tools, maar dat een geïntegreerd platform hen ondersteunt. Dat schakelen kost immers tijd en dat merkt de klant in negatieve zin.” Van Putten stelt dat msp’s dankzij IT Complete meer kunnen doen met minder mensen. “Beter gezegd: onze partners kunnen met hetzelfde aantal personeelsleden veel meer diensten leveren en klanten bedienen.’

Nederland belangrijk

Nederland is en blijft overigens belangrijk voor het bedrijf. Op korte termijn staat een verhuizing naar een nieuw kantoor in Amsterdam op de planning. Dit pand biedt dan ruimte aan ongeveer 100 medewerkers. En er zijn veel vacatures op dit moment, want Datto is op zoek naar nieuwe medewerkers die de relaties met de partners, de msp’s, zullen versterken. Ten Hove: “Amsterdam wordt een belangrijke hub voor ons.”

Security-specialist Zscaler, dat een zero trust framework realiseert door middel van een cloud-gateway, richt zich nadrukkelijk op het mkb. “Onze partners kunnen zorgen voor de adoptie van onze oplossingen, omdat zij de business van de eindklanten kennen.”

Samen met de msp’s en distributeur Westcon International bouwt securityspecialist Zscaler aan een ecosysteem dat zich specifiek richt op mkb-ondernemingen, geeft Blanca Galletero (foto), VP International Partners, Alliances and Ecosystems bij ZScaler, aan tijdens een gesprek met ChannelConnect. “We doen dit onder meer door een groot aantal use cases te beschrijven die typische uitdagingen in het mkb-segment adresseren. Daarmee ondersteunen we onze partners die zich richten op bedrijven in het midden- en kleinbedrijf.”

Kleinere bedrijven hebben geen security-staff

Zscaler staat bekend als security as a service-provider. “Juist voor msp’s die zich op kleinere ondernemingen richten biedt dit kansen,” is de overtuiging van Galletero. “De bedreigingen voor kleinere bedrijven zijn niet minder groot dan voor enterprises, ze zijn voor hun bedrijfsvoering volledig afhankelijk van mail- en internetservices, maar hebben niet de resources zelf een uitgebreide IT- en security-staff in dienst te hebben. Daarvoor leunen ze nadrukkelijk op hun IT-dienstverlener.” Volgens Galletero is de kracht van Zscaler juist het veilig managen van internettransacties tussen bedrijven en hun klanten.

Trainingen via distributeur

Om de partners daarbij optimaal te ondersteunen werkt Zscaler sinds bijna twee jaar in de Europese regio samen met distributeur Westcon. Galletero: “We hebben al flinke stappen gezet in die samenwerking, ondanks de grootte van de regio en de diversiteit van partners en hun eindklanten.” Westcon zorgt daarbij niet alleen voor distributie, maar ook voor actieve ondersteuning van de partners, bijvoorbeeld bij het geven van trainingen.

Wij willen talent stimuleren om security-specialist te worden

Een opvallende rol wil Zscaler spelen door het oprichten van een talentpool die ervoor moet zorgen dat nu en ook in de toekomst genoeg mensen ervoor kiezen zich te specialiseren in cybersecurity. “We zien absoluut een gebrek aan skills in de markt. We willen professionals enthousiast maken die overwegen te switchen naar een loopbaan binnen cybersecurity en dan willen werken bij ons of bij een van onze partners. Daar investeren we in.”

Geen direct sales-leverancier

Zscaler zet niet alleen in het mkb-segment in op het partnermodel. “Het overgrote deel van onze transacties is daarbij gemanaged en uitgevoerd via onze partners. We zijn geen direct sales leverancier. We ageren indirect. Dat is al zo sinds onze start. We werken met verschillende go to markets. We werken in de praktijk zowel met wereldwijd opererende system integrators, als met lokale partijen.” En niet voor niet geeft Galletero aan. “We hebben de partner nodig om onze oplossingen te vertalen naar de specifieke business van de eindklant. Dergelijke adoptieservices kun je alleen uitvoeren als je de eindklant kent. Dat is de rol van onze partnercommunity. Zij maken de vertaalslag van onze producten naar de specifieke vertical waarin hun afnemers actief zijn.”

Toegevoegde waarde

Dat vereist beslist kennis bij de partners. “Als wij met een set updates of innovaties komen, moeten zij in staat zijn uit de dertig nieuwe functionaliteiten die acht te herkennen die belangrijk zijn voor een specifieke vertical of klant. Dat zie ik als een voorbeeld van toegevoegde waarde waarover zo vaak gesproken wordt.” Zscaler ondersteunt de partners daar direct in, of distribueert die kennis via Westcon.

Op de slot vraag van ChannelConnect of Galletero nog een advies heeft aan de partners, luidt het antwoord: “We zijn samen op reis. Laten we onze relatie vormgeven en samen businessplannen maken. We hebben een hoge netto promotiescore bij de eindklanten, we willen dat ook bij onze partners bereiken door naar hun wensen te luisteren.”

Nederlandse Field CTO

De Nederlander Daan Huybregts is Field CTO bij Zscaler. Hij ziet aanzienlijke kansen voor resellers, zeker binnen het mkb-segment.

“Covid was de accelerator als het gaat om het besef dat een zero trust strategie onmisbaar is. Iedereen moest ineens vanuit huis werken.” Qua security had dit enorme impact, blikt Huybregts terug. “Er stond altijd een grote dikke muur om het kantoornetwerk. Nu werkte ineens iedereen aan de andere kant van die muur.” Deze transitie zorgde voor meer bewustwording als het gaat om de risico’s. “Men realiseerde zich dat er een serieuze kans was dat cruciale verbindingen wegvallen of gegevens op straat komen te liggen. Dat zorgde ervoor dat mensen meer belangstelling kregen voor zero trust.”

In de strijd tegen cybercriminaliteit weet je pas hoe goed je beveiliging is, wanneer er inbraakpogingen zijn geweest. Aangezien criminelen niet eerst vriendelijk op de deur kloppen, zijn penetratietesten essentieel. Volgens Hans ten Hove van Datto moet pentesting standaard onderdeel uitmaken van een security audit.

Hans ten Hove

Beveiliging slokt een steeds groter deel van het IT-budget op van bedrijven. Inmiddels is de noodzaak daarvan ook in het mkb doorgedrongen. Gelukkig zijn er voldoende msp’s die over de expertise beschikken om kleine en middelgrote ondernemingen adequaat te beveiligen. Er is echter één aspect van ­alles rondom cybersecurity waarin het mkb met 1-0 achterstond. Dat is op het gebied van het op de proef stellen van de beveiliging. Je kunt namelijk denken alles dichtgetimmerd te hebben, maar je weet het pas zeker als er ook daadwerkelijk geprobeerd is je IT-omgeving binnen te komen. Daarom maken enterprise-­ondernemingen gebruik van pentesting, of penetratietesten.

Maar zulke pentesten zijn van oudsher duur en ­kosten veel tijd om door te voeren. Hans ten Hove, Vice President Continental ­Europa van Datto/Kaseya: “Daarom hebben we ­onlangs Vonahi overgenomen. Dat bedrijf is gespecialiseerd in ‘pentest as a service’; volledig geautomatiseerde pentesting die als een clouddienst kan worden aan­geboden. Met Vonahi zorgen we er nu voor dat onze partners, de msp’s die met name het mkb ­bedienen, de beschikking krijgen over betaalbare pentesten en de bijbehorende rapportage.”

Aanvullende diensten

Deze pentesten kunnen volcontinu plaats­vinden, wat betekent dat áls er een kwetsbaarheid is, de kans toeneemt dat dit gevonden wordt. “Het is echt een kwestie van set & forget voor de msp, zonder veel technische handelingen of personeel”, zegt Ten Hove. Hij benadrukt dat het voor de msp een belangrijk onderdeel kan zijn van diens productportfolio. “Afhanke­lijk van het resultaat, zijn er volop moge­lijkheden om ook aanvullende diensten aan te bieden, die de beveiliging op orde kunnen brengen. Bovendien is het een uitgelezen kans om te laten zien dat een business continuity & disaster recovery oplossing geen overbodige luxe is. Want er is geen betere manier om de klant te overtuigen dan een pentest die kwetsbaarheden aan het licht brengt.

Logische aanvulling

Vonahi pentesting is een logische aanvulling op het palet aan diensten van Datto en Kaseya. Het bedrijf werkt exclusief met partners die als IT-dienstverlener vrijwel allemaal msp of mssp zijn. “Al onze producten zijn managed services, wat betekent dat het diensten zijn in en vanuit de cloud. Een moderne msp werkt steeds meer met zulke services, gezien de standaardisatie en bewezen technologie bij miljoenen eindgebruikers wereldwijd. Vergelijk dat met het zelf bouwen en configureren van home-made oplossingen.

Ten Hove wijst nog eens op de voordelen van managed services. “Je kunt zulke dien­sten gemakkelijk aanbieden aan de klant, want die kan per gebruiker of per site afrekenen. Daardoor zijn zulke dien­sten vrijwel oneindig schaalbaar. Bo­vendien kan de msp dag en nacht online terecht om de oplossingen aan of uit te zetten, te monitoren en in te stellen.” Managed services betekenen ook standaardisatie, zegt Ten Hove. “Je kunt diensten gemakkelijk uitrollen voor je klant en de operationele druk is bij je weg, want je hoeft niet zelf oplossingen te bouwen. Met de hui­dige tekorten aan personeel in de IT is dat ook veel efficiënter.”

Volop kansen

Ook aan de klantkant zijn managed services de beste manier om je bedrijf verder te digitaliseren. “De weg naar de cloud is onomkeerbaar, en vooral voor het mkb is het de meest efficiënte ­ma­nier om de kosten omlaag te brengen en te zorgen voor kwaliteit, continuïteit en schaalbaarheid,” zegt Ten Hove. “De keuze is enorm, dus je kunt gemakkelijk kiezen voor best of breed oplossingen en je hoeft niet meer op zoek naar maatwerk. Er zijn volop kansen voor de msp om zijn klanten van goede zorg te voorzien.”

Cyberweerbaarheid

Dat betekent niet dat alles hosanna is als het gaat om digitalisering en de cloud. Ten Hove ziet vooral dat de cyberweerbaarheid onverminderd laag blijft, zeker in het mkb. “Binnen afzienbare tijd krijgen we allemaal te maken met NIS2, de nieuwe Europese regelgeving op het gebied van cyberbe­veiliging. Dit zal naar verwachting in de breedte helpen om cyberweerbaarheid in Nederland te verhogen voor bepaalde sectoren en voor msp’s.”

Met betrekking tot cloudservices zijn Volgens Ten Hove veel bedrij­ven nog steeds niet bewust van het principe van shared responsibility. “De cloudleverancier zorgt voor de continuïteit van het platform, de infrastructuur of de applicatie, maar jij bent als klant zelf verantwoordelijk voor de veiligheid en back-up van de data die je genereert én voor de meldplicht bij inciden­ten.” En de ms(s)p heeft de zorgplicht voor zijn klanten, wat door NIS2 verder geformaliseerd wordt. “Daarom moet naar ons idee een business continuity & disaster recovery oplossing standaard onderdeel uitmaken van het portfolio van de IT-dienstverlener die managed services aanbiedt.”

Cyberweerbaarheid heeft alles te maken met NIS2. Meer lezen over NIS2 en de rol daarin voor de msp? Klik hier.

Datto blijft Datto

Vorig jaar werd Datto overgenomen door het eveneens Amerikaanse Kaseya. De integratie is volledig succesvol afgerond en het portfolio geharmoniseerd. Datto blijft in Europa opereren onder zijn eigen naam en biedt het volledige portfolio aan.

Dit najaar starten we met een nieuwe reeks artikelen, het MKB – IT Expert Panel, waarin we per aflevering het mkb benaderen om vast te stellen welke vragen er leven rond een specifiek onderwerp. Onze IT experts komen vervolgens met adviezen, best practices en visies. De eerste aflevering gaat over Back-up & Disaster Recovery.

Het midden- en vooral kleinbedrijf in Nederland loopt nog altijd achter als het gaat om de weerbaarheid tegen cybercriminaliteit. Het Digital Trust Center deed onlangs onderzoek en concludeerde dat basismaatregelen niet voldoende worden doorgevoerd. Het overgrote deel van de kleine bedrijven heeft antivirussoftware geïnstalleerd en denkt inmiddels ook phishing goed te kunnen herkennen. Maar wanneer het gaat om wat te doen wanneer een crimineel succesvol is binnengedrongen, dan zijn deze bedrijven meestal nauwelijks voorbereid. Kortom, hoe staat het met maatregelen die vallen onder de noemer ‘back-up en disaster recovery’?

Securityleveranciers hameren er al jaren op dat het uit de lucht zijn als gevolg van ransomware of andere cybercriminele activiteiten per dag veel geld kan kosten. Vergeet trouwens ook overstromingen of brand niet. Een ‘disaster recovery’ waarmee je je bedrijf weer snel up en running hebt, verdient zo zijn geld al snel vanzelf terug. Maar veel ondernemingen in het mkb komen niet veel verder dan het dagelijks maken van een back-up en hebben geen idee wat te doen wanneer deze gebruikt moet worden na problemen.

De enquête is hier te vinden. Voel je vrij deze in te vullen als jouw bedrijf binnen het mkb valt. Je mag hem ook delen met jouw klanten binnen het mkb.

Het MKB – IT Expert Panel Back-up & Disaster Recovery is in samenwerking met Datto en Directeuren Netwerk.

Naar de enquête >

Tijdens het Grotetafelgesprek dat we ­organiseerden met professionals uit de datacenter- en cloud-sector kwam ook de security aan de orde. Niet alleen de cybersecurity, met virussen en dreigingen als ­ran­somware. Maar zeker ook de fysieke beveiliging. Dat gespreksonderwerp was niet nieuw, tijdens eerdere edities van een Grotetafelgesprek over datacenters schoof ook een vertegenwoordiger van Rittal aan. Hij sprak dan onder meer over de beveiliging van de severracks in een datacenter.

Slotgracht om het datacenter

Maar daar ging het deze keer echter niet over. Het ging, in een steeds onrustiger maatschappij vol protesten die vaak gepaard gaan met dreigingen, om fysieke agressie tegen datacenters. Locaties waarvan, bijvoorbeeld, vermoed wordt dat bepaalde groeperingen er servers hebben staan. Of zelfs een statelijke agressor die met de aanslag op een datacenter bepaalde delen van de digitale infrastructuur wil platleggen. Dit onderdeel van het gesprek eindigde met de stelling dat we wel firewalls hebben, “maar dat er geen slotgracht om een datacenter ligt.”

Atoombunker

Hoewel: er is een datacenter in Kloetinge (dat ligt bij Goes) dat qua fysieke beveiliging een heel eind komt. Dit center van Hollanddatacenters is gevestigd in een atoombunker uit de Koude Oorlog. De stad Goes werd zelf zwaar gebombardeerd tijdens de Tweede Wereldoorlog en op de puinberg verrees de bunker, die zich daarmee twee meter boven maximaal zeewaterpeil bevindt. Daarnaast is het een zogeheten vlotbunker, een soort grote woonboot. Als het grondwater stijgt, stijgt de bunker mee. Het pand lijkt me redelijk bestand tegen een aanslag en, wellicht relevanter, is ook in staat zeewaterstijgingen te verwerken.

Dat laatste geldt overigens ook voor de datacenters die Cellnex (voorheen Alticom geheten) realiseert in oude televisiezendmasten die her en der in het land te vinden zijn. Meters boven de grond heb je van overstromingen geen last. Laat een van die torens nu ook in Goes staan.

Dat maakt het Zeeuwse eiland Zuid-Beveland een unieke datacenterlocatie.

De Nederlandse ERP-specialist Xibis was al Infor Gold Partner en werd onlangs onderscheiden met de Infor Partner Innovations Award 2022. We praten met Sijmon van den Berg, general manager bij Xibis, over de ERP-markt en de reis die klanten maken naar de cloud.

Sijmon van den Berg: “Op 1 juni 1989 startte de onderneming Ibis. De naam staat voor Integrated Business Information Support. In de loop van de tijd ontstond discussie met de leverancier van een calculatiesoftware met dezelfde naam. Toen hebben we er in 2012 een ‘X’ voorgezet. We leveren al vanaf het eerste begin meer dan IT. Een van de oprichters werkte bij een klant die met Baan software werkte. Hij heeft later onder meer Baan geholpen bij softwareontwikkeling voor de procesindustrie. De andere oprichter werkte in de Nederlandse markt als reseller van ERP-software van Baan. Xibis startte met de gedachte klanten te helpen hun processen te optimaliseren. En dat doen we bijna 34 jaar later nog steeds, nu met 37 medewerkers. En nog steeds is de industrie eigenlijk onze belangrijkste markt.”

Xibis starte met de gedachte klant­en te helpen hun proc­essen te optimaliseren. En dat doen we bijna 34 jaar later nog steeds

Verhuizing naar Barneveld

“Toen Xibis eenmaal begon te draaien, groeide het door tot twaalf mensen. Er moest een kantoor komen en voor alle werknemers bleek Gorinchem het meest centraal, dus dat werd de vestigingsplaats. Dat is al die jaren zo gebleven, maar zal dit jaar veranderen met onze verhuizing naar Barneveld. Barneveld was ooit de plaats waar Baan groot werd. En hoewel Baan eerst opging in SSA, dat vervolgens onderdeel werd van Infor, staat het kantoor nog steeds in Barneveld. Met de verhuizing zitten we dus nog dichter bij onze belang­rijkste partner en leverancier, Infor.

Met de verhuizing zitten we dus nog dichter bij onze belang­rijkste partner en leverancier, Infor

In 2012, ik was toen net begonnen, met ook een achtergrond bij Baan, als mede-eigenaar en Manager Business Development, werden we partner van Infor. We konden nog steeds teren op de installed base van Baan, maar om te overleven als onder­neming is ook new business nodig. En het was, gezien onze affiniteit met Baan logisch nauw te gaan samenwerken met Infor. Omdat we ook al vanaf het begin kennis willen hebben van nieuwe ontwikkelingen wilden we meteen preferred subcontractor en reseller van Infor zijn. Zodat we met hen kunnen teamen, niet alleen bij ­implementaties en sales maar ook waar nodig input leveren aan hun softwareontwikkelaars.”

En het was, gezien onze affiniteit met Baan logisch nauw te gaan samenwerken met Infor

Infor Partner Innovations Award

“Xibis is de flexibele arm van Infor in Nederland. Dat wordt ook door Infor onderkend. In 2018 werden we Infor Gold Partner en afgelopen maand werden we onderscheiden met de Infor Partner Innovations Award 2022. Met die prijs werden we onder meer beloond voor de manier waarop we invulling geven aan de wens van ­Infor om klanten zoveel mogelijk te ­migreren naar de cloud. In 2020 zijn we voor nieuwe klanten die ­Infor LN willen kopen gestopt met het on-premise verkopen van de applicatie. We zijn overgestapt op cloud. Binnen twee maanden mochten we al twee ­mooie klanten optekenen.

Een van hen, Van Dam, werkte met een oude versie van Baan, het laatste pakket dat uiteindelijk bekend werd onder de naam Infor LN. We ontwikkelden een specifieke migratie-aanpak, waardoor we Van Dam flexibel van on-premise naar de cloud­omgeving konden migreren, via door ons zelf ontwikkelde tooling en scripting. Daar zijn we zeker voor beloond. Aan de hand van die implementatie-ervaring worden we meer en meer door bedrijven gezien als de partij die dergelijke trajecten goed aankan.”

In 2020 zijn we voor nieuwe klanten die ­Infor LN willen kopen gestopt met het on-premise verkopen van de applicatie.

Toekomstvaste oplossing

“Vanaf 2011 zijn we naast Baan IV en Baan V, ook begonnen met het optimaliseren, migreren en implementeren bij klanten van Infor LN. Als je naar de markt kijkt, zijn er ongeveer 200 klanten in de industrie actief op Baan IV en het merendeel op Infor LN on premise. Van die 200 klanten zijn er meer dan 100 klant bij ons. Die brengen we stap voor stap naar de cloud. Ook dat is een voorbeeld van innovatie. Infor LN wordt veel bij onze klanten gebruikt, maar op dit moment vooral on-premise. Die upgraden we naar de laatste ­versie, maar alleen als er sprake is van veel maatwerk. Als de implementatie relatief standaard is, dan gaan we in één keer naar de cloud.

Een dergelijke transitie is kleiner dan een herimplementatie, maar wel complexer dan een upgrade.

Dat heeft uiteindelijk grote voordelen. De cost of ownership pakt veel positiever uit, de security is sterk en je benut de innovatiekracht volledig bij een stap naar de cloud. Je beschikt dan als onderneming over een toekomstvaste oplossing. Een dergelijke transitie is kleiner dan een herimplementatie, maar wel complexer dan een upgrade. Het zit ertussen in. Het is een stap die een onderneming goed moet overwegen. Er moet toch een projectteam opgetuigd worden. En men moet zorgen voor testcapaci­teit en key users. Het is alles bij elkaar weliswaar een eenmalige hogere investering, maar wel een grotere stap dan een upgrade on-premise. Soms is er eerst sprake van drempelvrees, omdat men moet wennen aan het feit dat alles de deur uit is. Een hele stap voor sommigen, maar het is wel de toekomst om te kunnen innoveren.”

Het is momenteel helemaal in de mode om alle IT naar de cloud te verhuizen. Het ziet er mooi uit en volgens de berekeningen is dit de goedkoopste oplossing. Gaan met die banaan dus! Of niet? Het zit allemaal wat genuanceerder in elkaar, aldus BTSoftware.

De ‘speciale operatie’ van Poetin in Oekraïne heeft laten zien dat dictators weinig op hebben met de waarde van menselijk leven, dieren, infrastructuur, persoonlijk bezit en noem het maar op. Vanzelfsprekend geldt dit vooral wanneer dit niet hun eigen directe omgeving betreft. Grootschalige vernietigingen in Oekraïne onder Russisch commando laten zien dat niets gespaard blijft in de hebzucht naar landverovering. Naar verwachting zal China niet anders omgaan met Taiwan als Rusland met Oekraïne.

Desastreuze impact

Vertalen we deze grootschalige vernielzucht naar mogelijk paniekvoetbal vanuit Rusland, dan kunnen vooral in Nederland grootschalige vernielingen een desastreuze impact hebben. We hebben weliswaar Patriot-raketten om onze ‘haven(s)’ te beschermen, maar dat is slechts een stukje (maar ook niet meer dan dat) van onze fysieke infrastructuur. Veel belangrijker is dat een derde van Nederland onder de waterspiegel ligt. Op wat strategische plaatsen de dijken opblazen en het water heeft vrij spel. Als we kijken naar de effecten daarvan op ‘de cloud’, dan blijkt dat er toch wel veel datacenters zijn gebouwd op erg laaggelegen grond. Water is een ideaal middel om grootschalig de IT in Nederland plat te leggen; het komt overal waar de zwaartekracht het heenleidt.

Water is een ideaal middel om grootschalig de IT in Nederland plat te leggen

Als we dit doortrekken naar de concentratie van ‘servers’ op een aantal fysieke locaties, eenvoudig te bereiken met de Kinzhal/Killjoy hypersonic ballistic missiles, dan wordt duidelijk dat de schade door vernietiging van datacenters vele malen groter en langduriger zal zijn dan wanneer de Rotterdamse haven raketten op bezoek krijgt. Immers, de haven is zeer uitgestrekt en er zijn enorm veel explosieven nodig om ook maar ­enige procentuele schade van betekenis te veroorzaken.

Functionele IT-invulling

Zodra de datacenters vernietigd worden, is niet alleen de internetcommunicatie-­infrastructuur langdurig uitgeschakeld, maar ook de hele functionele IT-invulling van hun gebruikers (lees: de cloudwerkplek). Langdurig. Voor de meerderheid van de bedrijfsgebruikers zal dit ongetwijfeld het bedrijfseinde betekenen, of zal tenminste een groot deel van het personeel per omgaande bedankt worden. Oh, we hebben ook nog overheden die dan volledig platgaan…

Zogeheten uitwijk­locaties en -oplossingen ­bieden weliswaar uitkomst, maar deze is heel ­beperkt. Een uitwijk is namelijk bedoeld voor het opvangen van lokale ­calamiteiten rondom één datacenter. Het wordt een ander verhaal wanneer een dictatoriale gek grootschalig datacenters gaat vernietigen…

De gedigitaliseerde wereld biedt bedrijven voordelen, van verbeterde connectiviteit tot grotere zakelijke flexibiliteit. Tegelijkertijd maakt het hen ook veel kwetsbaarder. De Europese Commissie wil de beveiliging van kritieke infrastructuren veerkrachtiger maken met de nieuwe NIS2-richtlijn. “De NIS2-richtlijn is gebaseerd op geaccepteerde best practices voor cybersecurity”, zegt Bas van Hoek, manager channel Netherlands van Fortinet.

In 2024 treedt versie 2 van de Network and Information Systems (NIS2)-richtlijn van de Europese Unie in werking. Deze ­Europese cybersecuritywet moet organisaties beter beschermen tegen cyberaanvallen. De NIS2-richtlijn geldt voor alle sectoren en organisaties die volgens de wetgever van ­vitaal belang zijn voor de maatschappij.

Bas van Hoek

Krachtiger netwerk- en informatiebeveiliging

“Cyberbedreigingen komen uit alle windstreken van het digitale landschap”, zegt Bas van Hoek. “Daarom hanteert de NIS2-richtlijn een aanpak die rekening houdt met alle mogelijke gevaren. De richtlijn voorziet in maatregelen die niet alleen bescherming bieden tegen cyberaanvallen. Incidenten zoals diefstal, brand, overstromingen, uitval van telecommunicatienetwerken en stroomstoringen hebben ook een grote impact op de netwerk- en informatiesystemen. Daarom vraagt een grondige evaluatie van alle potentiële risico’s om het in kaart brengen van de belangrijkste activa, IT-diensten en potentiële kwetsbaarheden.”

Preventie, detectie en incidentrespons

Een integrale risicobeoordeling leidt volgens Van Hoek tot passende maatregelen voor preventie, detectie en herstel van cyber­risico’s, evenals maatregelen voor incidentrespons. “Dat varieert van basismaatregelen, zoals het op tijd installeren van beveiligingsupdates, tot het beheren van de toegang, het personeel trainen in de best practices voor cybersecurity en het implementeren van uitgebreide en gelaagde beveiligingsmechanismen.”

Het Cybersecurity Framework (CSF) van het National Institute of Standards and Technology (NIST) biedt hiervoor de benodigde handvatten. “Het CSF helpt organisaties bij het beheren en verbeteren van hun IT-beveiliging”, zegt Van Hoek. “Hoewel het CSF voornamelijk is ontworpen voor organisaties in de Verenigde Staten, is het ook relevant voor organisaties over de hele wereld. Deze aanpak helpt organisaties om te voldoen aan de eisen van de NIS2-richtlijn met een reeks best practices die hun beveiliging een boost geven.”

Bedrijfscontinuïteit

Hoe effectief de tegenmaatregelen ook zijn, cyberincidenten zijn onvermijdbaar, weet ook Van Hoek. “Het is daarom belangrijk dat organisaties over een gedetailleerd plan voor incidentrespons beschikken, zodat ze direct op dit soort voorvallen kunnen reageren. Want met elke seconde die verstrijkt nemen de potentiële schade en kosten toe.”

Zoals gezegd is cyberveerkracht volgens NIS2 van cruciaal belang om door te ­kunnen blijven werken na een cyberaanval, maar ook in het geval van andere storingen en onvoorziene gebeurtenissen. Van Hoek: “De combinatie van een high availability (HA)-­architectuur met automatische fail-over en de opslag van back-ups van alle kritieke data op externe locaties is daarvoor een onmisbare basis. Het gebruik van Fortinets SD-WAN-technologie kan daarnaast ­bijdragen aan betrouwbare, veilige en ­efficiënte verbindingen tussen bedrijfs­locaties. Daarmee kunnen organisaties de ­bedrijfscontinuïteit waarborgen.”

Informatie-uitwisseling

De NIS2-richtlijn benadrukt het belang van de uitwisseling van informatie over cyberbedreigingen, beveiligingsincidenten, kwetsbaarheden, tools, training, etc. “Het delen van informatie dient plaats te vinden tussen leverancier en klant, maar ook tussen externe partijen en binnen de toevoerketen en het verkoopkanaal”, zegt Van Hoek. “Dienst­verleners die organisaties bijstaan in het ­naleven van de eisen van de NIS2-richtlijn kunnen overwegen om de aanbevelingen toe te passen uit het Cybersecurity Framework (CSF) 2.0. Daarmee volgen zij erkende ­normen op het gebied van informatiebeveiliging zoals ISO 27001. Wij helpen natuurlijk ook het toepassen van de richtlijnen. Fortinet heeft onder andere een specifiek document beschikbaar gemaakt voor het implementeren van NIS2 met Fortinet voor de OT-omgeving. Zo helpen we organisaties bij het veilig houden van hun industriële automatisering.”

Kom in actie

De NIS2-richtlijn treedt pas in oktober 2024 in werking. Toch is het volgens Van Hoek verstandig voor ICT-dienstverleners om hun klanten nu al voor te bereiden op de na­leving daarvan. “Het is goed om tijdig te voldoen aan de regelgeving, maar het biedt ook kansen voor het vergroten van de cyberveerkracht van organisaties. Mssp’s kunnen proactief de beveiligingsbehoeften van hun klanten in kaart brengen en daar samen met Fortinet een oplossing voor bieden. Organisaties die wachten totdat de nieuwe richtlijn integraal van kracht gaat zijn kwetsbaar voor aanvallen en kunnen op achterstand komen te staan in de strijd tegen cybercriminaliteit. Het is belangrijk om zo snel mogelijk de eerste stap naar naleving van de NIS2-richtlijn te zetten.”

De invloed van NIS2 op het digitale landschap

De Europese Unie streeft ernaar bedrijven beter te beschermen tegen bedreigingen van buitenaf. Dit wil de EU onder meer bereiken met de Network and Information Systems (NIS)-richtlijn uit 2016. In Nederland komt deze NIS-richtlijn tot uiting in de Wet Beveiliging Netwerk- en Informatiesystemen (Wbni). Deze is sinds 9 november 2018 van kracht.

De NIS-richtlijn biedt een kader voor de beveiliging van netwerk- en informatiesystemen die van algemeen belang zijn voor de openbare veiligheid. Door de toenemende dreigingen en door de grote mate van afhankelijkheid van de digitalisering dekt de bestaande NIS de lading echter niet meer. De nieuwe NIS2-richtlijn moet daar verandering in brengen door een groot aantal sectoren, waaronder ook overheden, weerbaarder te maken tegen cyberdreigingen. De Europese lidstaten hebben tot 18 oktober 2024 de tijd om de NIS2-richtlijn op te nemen in nationale wetgeving.

Zelden werd zo vaak en intensief door een breed publiek gesproken over de opmars van AI als de afgelopen maanden. Ook partners krijgen vragen over de voordelen die AI kan bieden. “Partners profiteren van ons netwerk aan dataspecialisten voor het aanbieden van de juiste oplossing,” zegt Udo Wuertz, Chief Data Officer bij Fujitsu.

Welke ontwikkelingen ziet u op het gebied van AI in de markt?

Udo Wuertz, Chief Data Officer Fujitsu

“Ik denk dat we eerst moeten definiëren waar we het eigenlijk over hebben. Kunstmatige intelligentie is kunstmatig, maar niet intelligent. AI is echter zeer goed in het herkennen van patronen in onbekende gegevens of het herkennen van onbekende patronen in gegevens om daar conclusies uit te trekken. We gebruiken dit bijvoorbeeld in Australië, waar we vroege stadia van hersen­aneurysma kunnen detecteren. We hebben bij het Sankt Carlos Hospital in Madrid patiëntendossiers anoniem verwerkt in een intelligent systeem. Dat betekent dat als een patiënt een mentale stoornis heeft, het intelligente systeem in staat is om te zeggen: hier is mogelijk ook sprake van drugs- of alcoholmisbruik. Of er zijn suïcidale gedachten. In 85% van de gevallen heeft de AI gelijk.”

Wat kan AI betekenen voor data­centers?

“Voorheen werd de netwerkbeheerder nog gevraagd om een probleem op te lossen als er iets mis was in het netwerk. In de nieuwe wereld die wij mogelijk maken vraag je direct aan het netwerk wat er aan de hand is. Je geeft als beheerder aan dat een gebruiker problemen heeft met, bijvoorbeeld Microsoft Teams, en het netwerk laat weten waar het probleem is ontstaan en wat eraan te doen is. Een ander voorbeeld is het vervangen van een switch. De intelligentie binnen het netwerk zal de juiste configuratie doorvoeren. Maar het gaat nog verder. Als er bijvoorbeeld in de komende dagen een storing te verwachten is, omdat de infrastructuur zonder dat het al merkbaar is anders performt, dan kan het systeem dat melden voordat er echt een incident is.”

Zo kun je zelf nog het moment van onderhoud plannen.

“Zeker, en dit adresseert natuurlijk ook het tekort aan vakmensen dat we hebben in Europa, met name op het gebied van IT.”

Dit is allemaal al beschikbaar voor de markt?

“Ja, we hebben het operationeel in de vorm van onze infrastructuurmanager. Die oplossing heeft de mogelijkheid om de ingebouwde AI-systemen te trainen op de situatie in het specifieke data­center, zodat het systeem perfect op jou is afgestemd. Je geeft als IT-staf die gevoelige gegevens niet uit handen om de AI elders te trainen, maar houdt ze binnen het eigen netwerk.”

Het klinkt heel logisch, maar toch zal de adoptie van AI door ondernemingen en hun partners best een drempel zijn.

“Dat klopt. Er zijn eigenlijk twee uitdagingen. De eerste is de algemene vraag: kan AI iets voor mij of mijn klant betekenen? En de andere vraag is: als ik dan ervaar dat AI een interessant hulpmiddel kan zijn, welke technologie heb ik dan nodig? In het eerste geval kun je profiteren van een ontwerpoplossing die we speciaal hiervoor ontwikkelden, en die we Human Centric Design noemen. Daarbij nemen we samen met de klant en diens partner deel aan een proces waarin we gezamenlijk ontdekken of en hoe bedrijfsprocessen te verbeteren zijn met behulp van AI.  In het tweede geval, als je eenmaal voor hebt gekozen AI in te zetten, dan kan de infrastructuur voor AI erg duur zijn. Om hierop in te spelen heeft Fujitsu een zogenoemde AI Test Drive gecreëerd. Hier kun je als klant of partner gratis met ons uitproberen wat eigenlijk de juiste infrastructuur is. Dan heb je de zekerheid dat je alleen het geld uitgeeft dat echt nodig is om de oplossing te laten werken. Daarbij kun je, net als bij andere elementen van ons uSCALE-programma er ook voor kiezen de oplossing op een pay-per-use-basis af te nemen. Dan heb je een volledig schaalbare oplossing, zonder een grote initiële investering.”

Hoe ondersteunen Fujitsu partners daarbij?

“De partner heeft klanten die naar hem toe komen en zeggen: “Ik heb een probleem, ik heb daar waarschijnlijk een AI-oplossing voor nodig.” Denk bijvoorbeeld aan een fabrikant van machines die de uitvaltijd van die toestellen wil optimaliseren met behulp van AI. In dat geval moet de AI-oplossing tijdig kunnen detecteren wanneer er een storing dreigt.  Onze partners hebben vaak te maken met het probleem dat ze niet genoeg specialisten hebben om zo’n klantvraag te beoordelen. Dan ondersteunen we deze partners. Ze kunnen gebruik maken van de kennis van meer dan 650 datawetenschappers in ons netwerk die we snel kunnen inzetten voor dergelijke projecten. We hebben meer dan 150 kant-en-klare oplossingen die we partners kunnen aanbieden of via partners aan klanten kunnen leveren. Dat betekent dat we de partner helpen om als interessant, aantrekkelijk en competent te worden gezien door hun klanten bij het creëren van dergelijke oplossingen.”