Open source AI bedrijf Stability AI heeft in een investeringsronde 101 miljoen dollar kapitaal verworven. Stability AI wil het geld gebruiken om zijn ontwikkelingen te versnellen. Het bedrijf is bekend van de open source tekst-naar-beeld toepassing Stable Diffusion en het meer op de consument gerichte DreamStudio.

Stable Diffusion kent inmiddels ruim 200 duizend ontwikkelaars die met de broncode en de API werken en Stability AI zegt dat meer dan een miljoen gebruikers zijn geregistreerd voor de online DreamStudio. Stability AI werkt ook aan AI toepassingen voor onder meer taal, audio, video en 3D.

De investeringen zijn afkomstig van ventures Coatue, Lightspeed Venture Partners en O’Shaughnessy Ventures.

Foto: gegenereerd AI-beeld met als opdracht ‘computer working with artificial intelligence’.

Tussen nu en 2024 zullen wereldwijd ruim 500 miljoen nieuwe apps ontwikkeld worden, dat is meer dan in de afgelopen veertig jaar,” stelde Ken Hu, roulerend voorzitter van Huawei, eerder deze week in Parijs tijdens een toespraak.

In de Franse hoofdstad vond het congres Huawei Connect Europe plaats, in aanwezigheid van onder meer Nederlandse partners van de fabrikant en ChannelConnect. Het thema van het tweedaagse congres was ‘Unleash Digital’. Het enorme aantal applicaties dat de industrie zal bouwen maakt deze ontketening niet alleen mogelijk, maar is er ook een gevolg van.

“De basis van de digitale transformatie is cloud,” is de overtuiging van Ken Hu. “In 2025 zal 85% van de organisaties een cloudstrategie hebben en forse stappen hebben gezet in de richting van een cloud first-werkwijze.” In dat zelfde jaar al, zal 97% van de organisaties artificial intelligence (AI) inzetten, meent de topman.

Enorme versnelling

De grote uitdaging is te zien in de snelheid waarmee applicaties moeten worden gebouwd, getest en uitgerold. Dat is hooguit een kwestie van maanden, waar het voorheen veel langer kon en mocht duren. “In een omgeving die, onder meer door het maximaal uitbuiten van de kracht van 5G connectiviteit, extreem versnelt, kunnen ontwikkelaars niet achterblijven.” Hierbij speelt bijna overal in de wereld een gebrek aan talent om de digitale transformatie vorm te geven. En, gaf de topman aan, ook de eisen die gesteld worden aan de infrastructuur en de computerkracht zullen dramatisch toenemen. “Cloud zal ook daar kansen bieden.”

Alle technologie als een service

De verwachting van de topman is, dat zo goed als alle technologie uiteindelijk ‘as a service’-zal worden aangeboden. “We spreken dan van technologie als een service: van AI, tot software development, data-governance en digitale content-productie: alles zal gebaseerd zijn op cloud-diensten. We moeten, kortom, alles uit de cloud halen om de digitale transformatie te laten slagen.”

Om die ontwikkeling echt mogelijk te maken is intensief samenwerken op lokaal niveau, met partners, van groot belang. “Op dat niveau kun je digitaal talent aan je binden en het midden- en kleinbedrijf als fundament van de economie steun geven,” sloot Ken Hu zijn bijdrage af. “Bij bedrijven vind je veel goede ideeën, maar ontbreekt het vaak aan technische kennis. Onze partners kunnen dan hun kracht aanwenden.”

Samsung gebruikte de Developer Conference SDC22 om te laten zien welke kant het bedrijf op wil met zijn smart home-platform SmartThings. De al eerder aangekondigde integratie met het Matter-platform krijgt steeds meer vorm. 

Samsung is zoals de meeste grote bedrijven die zich bezig houden met IoT lid van de Connectivity Standards Alliance, een organisatie die is voortgekomen uit Zigbee, een van de oude draadloze standaarden voor communicatie op de korte afstand. De CSA is een poging om de wildgroei aan platforms voor slimme apparatuur een halt toe te roepen, met het Matter platform. Wie producten wil verkopen met het Matter logo, moet ondersteuning bieden voor de ‘grote drie’, Apple’s HomeKit, Google Weave en Amazon Alexa. De eerste producten met Matter worden dit najaar verwacht.

Samsung is daarnaast ook lid van de Home Connectivity Alliance, een organisatie die pas sinds eind vorig jaar bestaat en die zich vooral richt op de smart-functionaliteit van grotere apparaten zoals wasmachines, airco’s en tv’s.

 

Uit onderzoek van Gartner komt naar voren dat voor een overgrote meerderheid van bedrijven wereldwijd de digitale transformatie standaard deel uitmaakt van de groeistrategie. Dat is het geval bij bijna 90 procent. Aan de andere kant kan pas een derde melden dat de doelstellingen voor digitale transformatie op schema liggen of zijn bereikt.

Het onderzoek is het zogeheten ‘Board of Directors Survey 2023′ waarbij 281 respondenten met een bestuursfunctie wereldwijd werden ondervraagd. Opvallend is dat deze leden van een Raad van Bestuur van bedrijven vaak de CEO noemen als eerstverantwoordelijke voor digitale beslissingen. In 28 procent van de gevallen wezen ze de hoogste manager aan, terwijl de CTO (19 procent) en CIO (14 procent) achterbleven. Dat heeft volgens Gartner te maken met het feit dat digitalisatie nauwelijks nog een echt IT-uitdaging is – de processen zijn bekend, de tools daarvoor ook – en daarom hoger in de strategische koers terecht is gekomen. Daar waar de CEO de uiteindelijke beslissingen moet nemen.

De bestuursleden vinden digitale versnelling zo belangrijk dat twee derde bereid is om daarvoor tot 2024 de risico’s te vergroten, en de onderneming te voorzien van een ‘digitale economische structuur’, zegt Gartner. Daarbij hoort baanbrekende technologie zoals AI en ML zegt 40 procent.

Cybersecuritybedrijf Trend Micro concludeert uit onderzoek dat 86% van de gezondheidsorganisaties die ten prooi vallen aan ransomware, operationele onderbrekingen ondervinden. Volgens dat onderzoek geven de meeste (57%) zorginstellingen toe dat ze in de afgelopen drie jaar ten prooi zijn gevallen aan ransomware.

25% zegt dat ze hun activiteiten volledig moesten stilleggen, en 60% geeft aan dat als gevolg van een ransomware-aanval een aantal bedrijfsprocessen in de problemen raakten. Gemiddeld kostte het organisaties enkele dagen (56%) of weken (24%) om die activiteiten volledig te herstellen. Ransomware veroorzaakt in de gezondheidssector niet alleen veel operationele schade, zeggen de onderzoekers. 60% van de instellingen zegt dat de aanvallers ook gevoelige gegevens lekten, waardoor compliance risico’s toenemen, net als de kosten voor onderzoek en herstel.

Respondenten wijzen daarnaast op zwakke punten in de supply chain als een belangrijke uitdaging, waarbij partners onbedoeld ervoor zorgen dat de organisatie aantrekkelijk wordt voor een aanval. Tegelijk is er een gebrek aan inzicht in de aanvalsketen, waardoor het lastig is om adequate maatregelen te nemen. Datzelfde geldt voor inzicht in het aanvalsoppervlak dat blootstaat aan aanvallen.

Uit het onderzoek blijken nogal wat potentiële zwakke punten. Een vijfde (17%) heeft geen remote desktop protocol (RDP)-controles.
Veel organisaties delen geen informatie over bedreigingen met partners (30%), leveranciers (46%) of hun bredere ecosysteem (46%), en een derde (33%) deelt geen informatie met de politie of andere instanties. Slechts de helft of minder gebruikt momenteel NDR (51%), EDR (50%) of XDR (43%). En tenslotte kunnen weinig respondenten laterale bewegingen (32%), initiële toegang (42%) of het gebruik van tools zoals Mimikatz en PsExec (46%) detecteren.

“In cyberbeveiliging praten we vaak in abstracte bewoordingen over datalekken en bedreigingen die netwerken in gevaar kunnen brengen. Maar in de gezondheidssector kan ransomware een potentieel zeer reële en zeer gevaarlijke fysieke impact hebben”, zegt Pieter Molen, Technical Director bij Trend Micro. “Operationele onderbrekingen brengen het leven van patiënten in gevaar. We kunnen er niet op rekenen dat de slechteriken zullen veranderen, dus gezondheidsorganisaties moeten beter worden in het detecteren van en reageren op dreigingen en de juiste informatie delen met partners om hun supply chain te beveiligen.”

Uit een onderzoek van Pegasystems blijkt dat organisaties tweemaal vaker inzetten op proactieve klantenservicetechnologie dan voorheen. Dit heeft te maken met het feit dat klanten enerzijds minder loyaal en anderzijds juist digitaal vaardiger zijn geworden.

Proactieve klantenservicetechnologie wordt voor organisaties een must-have, zeggen de onderzoekers. Bijna tweederde (65%) van de respondenten ziet goed kunnen anticiperen op klantbehoeften als een van de belangrijkste doelstellingen voor de komende vijf jaar. Bijna een derde (32%) verwacht zeker een verschuiving naar meer proactieve dan reactieve klantenservice. Tegelijkertijd geeft iets meer dan de helft (54%) aan dat een dergelijke overgang een van de grootste uitdagingen is.

De verschuiving naar klantgerichte technologie is volgens het onderzoek de oplossing voor de veeleisende, digitaal onderlegde klanten. Tachtig procent van de respondenten ziet de inzet van klantenservicetechnologie om de efficiëntie te verbeteren als een van de belangrijkste prioriteiten. Daarnaast noemt meer dan de helft (55%) een gebrek aan investeringen in nieuwe technologieën om aan de groeiende klantverwachtingen te voldoen, als een van de drie grootste uitdagingen.

Klanten minder loyaal

Misschien wel de grootste drijfveer voor de overstap naar meer proactieve, klantgerichte technologieën is de dalende klantloyaliteit doordat klanten zelf ook veranderen door de jaren heen. Meer dan de helft (55%) van de respondenten denkt dat organisaties de komende vijf jaar klanten gaan verliezen als zij een slechte klantervaring leveren. De studie bracht ook veranderingen in klantenservice aan het licht:

  • De klant van de toekomst verandert: Klanten worden de komende vijf jaar steeds digitaal vaardiger en zij verwachten volgens meer dan de helft (54%) van de respondenten een snelle, meer gepersonaliseerde, proactieve en consistente service via alle kanalen. Het is aan de organisaties om hier adequaat op in te spelen.
  • AI kan uitkomst bieden: Geavanceerde software zoals kunstmatige intelligentie helpt organisaties om een aantal van de belangrijkste struikelblokken voor het verbeteren van hun klantenservice aan te pakken. Voor 63% van de respondenten is de grootste uitdaging bij klantinteractie het centraal stellen van de klant. Daarnaast heeft meer dan de helft (60%) moeite om empathie en menselijkheid te tonen aan klanten. Op dit moment zijn AI en machine learning de belangrijkste technologieën waarvoor budget wordt vrijgemaakt voor digitale transformatieprojecten binnen de klantenservice – (58% selecteerde dit binnen hun budgettering als het primaire doel). De komende jaren kunnen we de vruchten van die investering terugzien.
  • Contactcenters krijgen een grote technische upgrade: De komende vijf jaar staan in het teken van kostenverlaging binnen contactcenters. Ondanks dat er naar verwachting minder callcenteragents zullen zijn, verdwijnen live agents nooit helemaal. Tweederde (66%) van de respondenten wil prioriteit geven aan het gebruik van dynamische, AI-gestuurde technologie die medewerkers helpt om snel beslissingen te nemen en efficiënter te werken.

“Het hele klantenservicelandschap verandert”, zegt James Dodkins, klantenservice-evangelist bij Pega. “Vroeger was het misschien voldoende om te reageren op klanten en hun zorgen. Tegenwoordig weten succesvolle organisaties dat ze moeten anticiperen op mogelijke problemen. Pas je je als organisatie niet aan, dan leg je het af tegen de concurrentie die wel bereid is om klanten op het juiste moment te geven wat ze nodig hebben, en steeds vaker zelfs al in een fase daarvoor. Zo ziet de nieuwe wereld van klantenservice eruit. De bereidheid van organisaties om snel te investeren in technologieën zoals kunstmatige intelligentie, intelligente automatisering, realtime besluitvorming en voorspellende analyses kan de komende jaren het verschil maken tussen succes en falen.”

De wereldwijde studie werd uitgevoerd door onderzoeksbureau iResearch en ondervroeg 750 (senior) vice-presidents, (senior) directeuren, (senior) managers in belangrijke sectoren, zoals de financiële dienstverlening en verzekeraars, gezondheidszorg, productie, telecom en de publieke sector uit elf landen in Europa, Amerika en Azië-Pacific naar hoe zij denken dat klantenservice zich de komende vijf jaar ontwikkelt.

 

Specialist in beveilingstests Securify, onderdeel van managed service provider Solvinity, verwelkomt Erik de Jong per 1 januari als Strategic Advisor. In deze rol gaat hij zich richten op het uitbouwen van cloud security-expertise en het opzetten van een nieuwe Cloud Business-unit.

Daarnaast wordt hij, als onderdeel van het managementteam, medeverantwoordelijk voor strategie en innovatie binnen Securify. De Jong heeft ruim 25 jaar expertise in informatiebeveiliging bij overheid en bedrijfsleven opgedaan, onder meer bij GOVCERT (voorloper van het NCSC), waar hij aan de wieg stond van het nationaal cybersecuritybeeld dat dreigingen op nationaal niveau analyseert en duidt. Daarvoor richtte hij zich bij Fox-IT tien jaar lang op het vormgeven van incident response.

Uit een onderzoeksrapport van Canalys blijkt dat channelbedrijven flink investeren in hun duurzaamheidsstrategieën: meer dan 60% van de partners heeft middelen gealloceerd die de impact van milieu, maatschappij en governance (ESG) op aankoopbeslissingen van hun klanten beïnvloeden.

In het onderzoek, waarin 500 partners van Schneider Electric werden ondervraagd, blijkt ook dat veel channelbedrijven nog moeite hebben om dit om te zetten in actie. Klanten besteden ook steeds meer aandacht aan ESG, met name op het gebied van milieuoverwegingen: 64% van de partners geeft aan dat ESG-strategieën van klanten hun IT-investering beïnvloeden en dat ze in meer dan 30% van de verzoeken om voorstellen (RFP’s) worden opgenomen.

Uit het onderzoek blijkt ook dat de meerderheid van de partners de voordelen erkent van het aanbieden van hergebuik- en recyclediensten: bijna 60% van de ondervraagde bedrijven biedt dit soort programma’s al aan. Overheidsregulatie vormt zowel een uitdaging als een kans voor leveranciers vanwege de complexiteit van ESG-strategieën en uiteenlopende lokale regulatie-initiatieven. Toch verwacht 40% van de ondervraagde bedrijven al in dit jaar inkomsten te genereren uit duurzaamheidsoplossingen. Het marktonderzoek bevestigt de behoefte aan duurzame end-to-end werkwijzen en oplossingen van toonaangevende IT- en technologieleveranciers, concluderen de onderzoekers.

“Uit ons onderzoek blijkt dat partners al investeren in hun duurzaamheidsstrategieën. Ze zetten zich in om hun eigen impact en die van hun klanten op het milieu te verminderen”, aldus Rachel Brindley, Senior Director Channels bij Canalys. “Partners kijken naar hun leveranciers om hen te ondersteunen bij het aangaan van deze uitdagingen en ze willen graag hun aanzienlijke vooruitgang op het gebied van CO2-reductie laten zien.”

“Nu er binnen het IT-kanaal meer aandacht uitgaat naar de ESG-verplichtingen is dit het moment voor partners om hun duurzaamheidsinspanningen te versnellen en een grote rol te gaan spelen bij het terugdringen van koolstofemissies en afval”, aldus David Terry, VP IT Channels bij Schneider Electric Europa. “Energie-optimalisatie, energie-efficiëntie en managed power services bieden allemaal belangrijke mogelijkheden voor partners om zich te onderscheiden en hun marktaandeel te vergroten.”

Cloudbedrijf NetApp lanceert een nieuw partnerprogramma, NetApp Partner Sphere, dat de opvolger van het Unified Partner Program moet worden. Het nieuwe programma biedt onder meer training en ondersteuning voor partners, en nieuwe validatie, erkenning en beloningen. NetApp belooft een ‘versnelde groeistructuur’.

“Partners die zich richten op digitale en cloud-transformatie hebben de ambitie om marktaandeel te veroveren, maar hebben wel moderne businessmodellen met zeer gespecialiseerde diensten en mogelijkheden met ondersteuning voor het hele klanttraject nodig. De nieuwe NetApp Partner Sphere, gericht op cloud en services, biedt een flexibel programma voor groei en vooruitgang voor alle verkoopmethoden van partners. Door meerdere programma’s te consolideren en te vereenvoudigen tot één programma dat alle partnertypes, bedrijfsmodellen en benaderingen naar de markt impliceert, zijn partners met dit programma in staat hun business in de cloud te ontwikkelen”, schrijft NetApp in de aankondiging.

“NetApp streeft naar een cultuur waarin de partner op de eerste plaats staat. De strategie die aan de basis ligt van ons nieuwe partnerprogramma moet ervoor zorgen dat we dit ook in de praktijk waarmaken”, zegt Britta Gunther, Channel Sales Manager Nederland bij NetApp. “Daarnaast biedt het programma vereenvoudigde, flexibele, progressieve tiering met duidelijke criteria die partners kunnen volgen over objectieve maatstaven. De niveaus van het programma variëren van Approved, tot Preferred, tot Prestige, tot Prestige Plus om zo via het beoordelen, valideren en erkennen van partners op basis van toegevoegde waarde en competenties de juiste partners voor de juiste klanten te identificeren. Naarmate partners een hoger niveau bereiken zullen ze meer voordelen en ondersteuning krijgen. De partners met de beste prestaties zullen de meest uitgebreide en aangepaste voordelen krijgen. Het gaat dan om uitgewerkte marketingcampagnes en uitvoeringen, budgetten voor business development op basis van voorstellen en incentives die zijn gebaseerd op toegevoegde waarde.”

NetApp zegt verder dat het hiermee afstand neemt van het beoordelen op basis van specialisaties. Deze worden vervangen door ‘Solution Competencies’ die zijn afgestemd op belangrijke focusgebieden van NetApp: Cloud Solutions, Hybrid Cloud en AI en Analytics. “Deze competenties worden opgenomen in de eisen van het NetApp Partner Sphere-programma. Aan het eind van het kalenderjaar kunnen partners starten met het aantonen van de bijbehorende competenties binnen elke categorie, waarmee ze laten zien dat ze in staat zijn om omzet binnen het NetApp-portfolio te realiseren.” De implementatie van het NetApp Partner Sphere programma start in het fiscale jaar 2024.

De managed detection & response van Sophos (MDR) van Sophos is nu compatibel met cyber security oplossingen van diverse leveranciers, kondigt het bedrijf aan. De service integreert nu telemetrie van endpoint-, firewall-, cloud-, identiteits-, e-mail- en andere beveiligingsoplossingen van derden met het Adaptive Cybersecurity Ecosystem van Sophos.

Sophos MDR is nu compatibel met de beveiligingstelemetrie van Microsoft, CrowdStrike, Palo Alto Networks, Fortinet, Check Point, Rapid7, Amazon Web Services (AWS), Google, Okta, Darktrace en ’tal van anderen’. “Telemetrie kan automatisch worden geconsolideerd, gecorreleerd en geprioriteerd met de inzichten van het Adaptive Cybersecurity Ecosystem van Sophos en de bedreigings­informatie-eenheid Sophos X-Ops.” De uitgebreide reeks beveiligingsintegraties van Sophos MDR zijn afkomstig uit technologie die Sophos verwierf bij de overname van SOC.OS in april van dit jaar.

Sophos MDR is aanpasbaar met verschillende serviceniveaus en opties voor de respons op bedreigingen. Klanten kunnen kiezen of ze de integrale incidentrespons willen van het MDR-operations team van Sophos, of waarschuwingsmeldingen zelf beheren.